Archief 745
Inventaris 745-418
Pagina 337
Dossier 100
Jaar 1943
Stadsarchief

Dienstbrief / Circulaire van de Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale (NGF).

8 januari 1943.

Origineel

Dienstbrief / Circulaire van de Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale (NGF). 8 januari 1943. No. 105/3/2M. 1943 //

NEDERLANDSCHE GROENTEN- EN FRUITCENTRALE

BANKIER: DE TWENTSCHE BANK N.V.
'S-GRAVENHAGE

POSTREKENING No. 224314

DIRECTIE.
Dict. Dr. Typ: EF.
No. 2/43.
Rb.V.V.O.

AAN DE GEADRESSEERDE
VEILINGVEREENIGING.

's-Gravenhage, 8 Januari 1943.

Betreft: Prijzen, verdeeling van den aanvoer, enz.

Hierdoor deelen wij U mede, dat de voorschriften, vervat in onze circulaire No. 585/'42 dd. 30 December 1942, behoudens het volgende, gehandhaafd blijven.

BOERENKOOL. Deze moet groen van kleur zijn en ontdaan van gele en overtollige bladeren, vrij van grond en vuil, terwijl de stronk moet worden afgesneden op een lengte van ten hoogste 7 CM., van het onderste blad af.

ROODE, WITTE EN GELE KOOL. De afwijkende kwaliteit komt alleen ter beschikking van het binnenland, hetzij voor versch gebruik hetzij voor zuurkoolbereiding. Deze kool mag derhalve niet voor de drogerij worden bestemd. Indien voor deze kwaliteit de maximumprijs niet wordt gehaald, dan dient tot veilen te worden overgegaan.

De afgekeurde kwaliteit kan, voorzoover deze niet voor het binnenland is te plaatsen, aan onze afdeeling: Conserveering worden opgegeven. De prijs voor de afgekeurde kool bedraagt ten hoogste 50% van den voor het afwijkende product vastgestelden prijs.

Met ingang van 12 Januari 1943 zijn de percentages van de verdeeling van den aanvoer voor het product witte kool als volgt vastgesteld: export 50%, binnenland versch 10%, binnenland industrie 40%.

UIEN. Opgaven van natte uien voor de industrie worden niet meer aanvaard, daar deze uien intusschen dienen te zijn geruimd.
Afgekeurde of stek-uien mogen worden geveild tegen een prijs van ten hoogste f. 3,50 per 100 kg.

GLASSLA. Voor dit product gelden de volgende maximum-veilingprijzen.

Goed Afwijkend
Sort. I boven 11 kg. p. 100 st. f. 14,-- f. 11,20
" II van 9-11 " " 100 " " 12,50 " 10,--
" III " 5-9 " " 100 " " 7,-- " 5,60

AANVOER VAN FRUIT.

De veilingen moeten den aanvoer van fruit zoodanig concentreeren, dat verlading voor export en/of industrie mogelijk is.

Het veilen van appelen, anders dan voor export en/of industrie, is verboden. Geen der ter veiling aangevoerde appelen, van welke kwaliteit of in welke hoeveelheid dan ook, mag voor het binnenland worden vrijgegeven.

De leveringen op Wehrmachtbezugscheine kunnen op de normale wijze voortgang vinden.

NEDERLANDSCHE GROENTEN- EN FRUITCENTRALE:

(getekend) v.d. Brink

[Linksonder in de marge:] (A) 21976 - '42 - K 983 * Taalgebruik: Het document hanteert de toenmalige spelling (bijv. "den aanvoer", "zoodanig", "verling" - hoewel dit laatste een typefout lijkt voor 'veiling'). De toon is directief en zakelijk, kenmerkend voor de bureaucratische controle van de bezetter op de voedselvoorziening.
* Distributie en Prioriteiten: Opvallend is de strakke sturing op de bestemming van de oogst. Bij de witte kool is 50% bestemd voor export (naar Duitsland) en 40% voor de industrie, waardoor slechts 10% overblijft voor verse consumptie in Nederland.
* Restricties: Er is een expliciet verbod op het vrijgeven van appelen voor de Nederlandse consumentenmarkt ("het binnenland"). Alle appelen moesten gereserveerd worden voor export of verwerking door de industrie.
* De Duitse Invloed: De vermelding van "Wehrmachtbezugscheine" (bonnen voor levering aan het Duitse leger) onderstreept dat de voedselstroom primair gericht was op de behoeften van de bezetter. Dit document stamt uit het vierde jaar van de Duitse bezetting van Nederland (1943). De Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale (NGF) was onderdeel van de ordening in de landbouw die door de bezetter was ingesteld om de productie en distributie volledig te beheersen.

In 1943 nam de schaarste in Nederland toe. Terwijl de eigen bevolking te maken kreeg met steeds krappere rantsoenen, werd een groot deel van de Nederlandse landbouwproductie direct naar Duitsland afgevoerd voor de oorlogsvoering of gereserveerd voor de Wehrmacht. Dit document illustreert de bureaucratische precisie waarmee deze "legaliseerde diefstal" van voedsel werd uitgevoerd: van de afsnijlengte van een boerenkoolstronk tot de exacte prijstabellen voor glassla.

Samenvatting

  • Taalgebruik: Het document hanteert de toenmalige spelling (bijv. "den aanvoer", "zoodanig", "verling" - hoewel dit laatste een typefout lijkt voor 'veiling'). De toon is directief en zakelijk, kenmerkend voor de bureaucratische controle van de bezetter op de voedselvoorziening.
  • Distributie en Prioriteiten: Opvallend is de strakke sturing op de bestemming van de oogst. Bij de witte kool is 50% bestemd voor export (naar Duitsland) en 40% voor de industrie, waardoor slechts 10% overblijft voor verse consumptie in Nederland.
  • Restricties: Er is een expliciet verbod op het vrijgeven van appelen voor de Nederlandse consumentenmarkt ("het binnenland"). Alle appelen moesten gereserveerd worden voor export of verwerking door de industrie.
  • De Duitse Invloed: De vermelding van "Wehrmachtbezugscheine" (bonnen voor levering aan het Duitse leger) onderstreept dat de voedselstroom primair gericht was op de behoeften van de bezetter.

Historische Context

Dit document stamt uit het vierde jaar van de Duitse bezetting van Nederland (1943). De Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale (NGF) was onderdeel van de ordening in de landbouw die door de bezetter was ingesteld om de productie en distributie volledig te beheersen.

In 1943 nam de schaarste in Nederland toe. Terwijl de eigen bevolking te maken kreeg met steeds krappere rantsoenen, werd een groot deel van de Nederlandse landbouwproductie direct naar Duitsland afgevoerd voor de oorlogsvoering of gereserveerd voor de Wehrmacht. Dit document illustreert de bureaucratische precisie waarmee deze "legaliseerde diefstal" van voedsel werd uitgevoerd: van de afsnijlengte van een boerenkoolstronk tot de exacte prijstabellen voor glassla.

Locaties

's-Gravenhage.

Kooplieden in dit dossier 100

A + B en Veldsla Waterlooplein 40 %
A. Geboorte Waterlooplein 40
A. en B., kropsla en spinazie Waterlooplein 40 %
Allington Pippin Waterlooplein 50
Ananas Reinette Waterlooplein 40
L. Blitz Waterlooplein 25
alias "Joost"). Waterlooplein
Augurken I, II, III, IV, I en II stippel Waterlooplein 50%
Augurken I, II, III, IV, I en II stippel en III en IV stippel Waterlooplein -
Augurken I, II, III & IV, " I, II, III & IV stippel Waterlooplein
I.J. Velleman Waterlooplein " 2.40
R. Bath Waterlooplein 45
Bellefleur Brabantsche Waterlooplein 45
Bellefleur Engelsche (Koningszuur) Waterlooplein 47
Bellefleur Limburgsche Waterlooplein 47
Belle Lucrative (Seigneur d'Esperen) Waterlooplein 40
Beucke's Butterbirne (Beurré Beucke) Waterlooplein 40
Lucas Caransa Waterlooplein 50
Beurré Clairgeau Waterlooplein 45
Beurré d'Amanlis Waterlooplein 47
T. Diels Waterlooplein 47
Beurré Dilly Waterlooplein 43
Beurré Durondeau (Beurré de Tongres) Waterlooplein 45
Beurré Hardy Waterlooplein 45
Beurré Lebrun Waterlooplein 45
Beurré Superfin Waterlooplein 47
B. Blijham Waterlooplein 42
Bezy de Chaumontel Waterlooplein 40
Bezy von Schonauwen (Vijgenpeer) Waterlooplein 40
Bieten (gekookt) Waterlooplein 87. :
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 1