Archiefdocument
Origineel
29 januari 1943. --3-- Circ.No.13/1943 dd. 29 Jan.1943.
moeten worden, mogen thans als "uitschot" worden geveild tegen 50 %
van den voor het afwijkende product vastgestelden prijs.
VERDEELING VAN DEN AANVOER.
Export Binnenland
Industrie Versch
Koolrabi (glas) 100 % - -
Roode peen en gele peen zonder
lof, schorseneeren, prei, spruit-
kool, roode- en savoyekool,
knolselderij, uien, koolrapen
A.+ B.en veldsla 60 % - 40 %
Witte kool 50 % 40 % 10 %
Kroten 50 % - 50 %
De exportpercentages moeten worden genomen van de goed-
gekeurde op de exportlijst voorkomende producten. De bevoorrading
voor de keukens kan eerst uit het voor het binnenland bestemde ge-
deelte plaats vinden.
Wanneer een voor het binnenland bestemd gedeelte niet door
het binnenland wordt afgenomen of den exportprijs niet opbrengt,
dan dient ook dit deel voor export te worden verladen.
WITTE KOOL.
De voor de industrie bestemde 40 % dient te worden gemeld
bij den Heer A.de Waal, Secretaris Sectie Zuurkool van de Vakgroep
Groentenverwerkende Industrie, Hofplein B.4 te Alkmaar, telefoon
no. 2256.
UIEN.
Afgekeurde of stek-uien mogen worden geveild tegen een
prijs van ten hoogste f. 3.70 per 100 kg.
NEDERLANDSCHE GROENTEN- EN FRUITCENTRALE : -
[Handtekening] * **Doel van het document:** Dit document dient als een dwingende richtlijn voor de verdeling van de groenteoogst in het bezette Nederland. Het legt exact vast welk percentage van de opbrengst bestemd is voor export (grotendeels naar Duitsland) en wat er overblijft voor de binnenlandse markt (industrie en consumptie).
- Economische controle: Er is sprake van een strikte distributie-economie. De export krijgt prioriteit; pas als de binnenlandse markt de exportprijs kan evenaren of als er overschotten zijn, mag er voor binnenlands gebruik worden gehandeld. Ook zijn er maximumprijzen vastgesteld (zoals voor uien).
- Specifieke sectoren: Er is specifieke aandacht voor de zuurkoolindustrie in Alkmaar. Zuurkool was een essentieel product voor de voedselvoorziening van zowel de burgerbevolking als de Duitse Wehrmacht vanwege de houdbaarheid en de vitamine C.
- Terminologie: Termen als "uitschot" (kwalitatief minderwaardige producten) en "stek-uien" wijzen op een gedetailleerde categorisering van landbouwproducten om prijsontduiking op de zwarte markt tegen te gaan. Dit document stamt uit de winter van 1943, een periode waarin de Duitse bezetter de controle over de Nederlandse voedselvoorziening steeds verder intensiveerde. De Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale (NGF) was een organisatie die onder toezicht stond van de bezetter om de volledige keten van tuinbouwproducten te beheersen.
Terwijl de Nederlandse bevolking te maken kreeg met toenemende schaarste en distributiebonnen, werd een aanzienlijk deel van de landbouwproductie (zoals te zien in de tabel: 100% van de kas-koolrabi en 60% van de meeste vollegrondsgroenten) geëxporteerd naar nazi-Duitsland ten behoeve van de Duitse oorlogseconomie. De verordeningen in deze circulaire illustreren hoe de Nederlandse landbouw werd ingezet als hulpbron voor de bezetter, waarbij de binnenlandse consumptie pas op de tweede plaats kwam.