Officiële circulaire/richtlijn betreffende de regulering van de appelhandel.
Origineel
Officiële circulaire/richtlijn betreffende de regulering van de appelhandel. 10 december 1943 B E D R I J F S C H A P V O O R G R O E N T E N E N F R U I T
No. 65/34/4 M. 1943 12/12
AAN DE GEADRESSEERDE
D I R E C T I E . VEILINGSVEREENIGING.
Dict.: Tj./AKl.
No. G 211/'43.
Rb.V.V.O.
's-Gravenhage, 10 December 1943.
Wij brengen het volgende ter kennis aan alle houders
van bewaarappelen.
De appelen, welke in handen zijn van telers en pachters,
dienen op de gebruikelijke wijze te worden geveild. De voor export
geschikte appelen worden tot nader order voor 100 % ter beschikking
gesteld van den export.
Kleinere partijen (beneden 3000 kg.) welke niet ge-
exporteerd kunnen worden, dienen te worden gemeld bij het Bedrijf-
schap, afdeeling Afzet.
Appelen, die op dispensatie zijn gekocht, zijn
op onzen afroep, hetzij voor export, hetzij voor binnenlandsch
verbruik, ingedeeld. De aanwijzingen, welke bij dezen
afroep gegeven werden , dienen nauwgezet te worden opgevolgd,
om voor latere moeilijkheden gevrijwaard te zijn.
Alle appelen bestemd voor export moeten over de veiling
worden geleverd.
De veilingen geven bij export hiervan onmiddellijk ken-
nis aan het Tuinbouw-Exportbureau, welk bureau den exporteur aan-
wijst. De voor de industrie bestemde appelen (val, stip en kroet)
moeten door U aan het Bedrijfschap worden gemeld, afdeeling
Conserveering.
Houders van appelen, hetzij telers, pachters, grossiers
enz., zijn hoofdelijk aansprakelijk voor het totaal geinventariseerde
kwantum, alsmede voor de goede bewaring daarvan. Dit kwantum dient
naderhand in zijn geheel verantwoord te worden, terwijl de houder
der appelen zorg heeft te dragen voor een tijdige ruiming, zoodat
onder geen omstandigheid producten door bederf of anderszins verloren
gaan.
Zoowel bij export als bij levering aan de Industrie
geldt de maximumveilingprijs. De levering voor export dient franco
aan den wagon te geschieden.
Op Wehrmachtbezugscheine dienen geen appelen te worden
afgeleverd. Aanvragen om appelen voor de Weermacht dienen te worden
ingediend bij den Heer Chef Intendant te Oosterbeek.
De veilingen mogen voor hun bemoeiingen bij export van
op dispensatie geleverde appelen 1 % veilingkosten in rekening
brengen.
De veilingen dienen den aanvoer van appelen zoodanig
te combineeren, dat verlading voor export en/of industrie zooveel
mogelijk wordt bevorderd, terwijl zij tevens op de verlading van de
op dispensatie gekochte appelen toezicht dienen te houden, in
verband met kwaliteitscontrôle, enz.
Weekstaten (aanvoer- en export-).
De appelen, welke op dispensatie zijn gekocht en welke
aan de veilingen voor export of voor binnenlandsch verbruik worden
aangevoerd, moeten niet in den aanvoerstaat worden vermeld, daar
deze partijen reeds eerder als administratief geveild werden opge-
geven.
De hoeveelheden, welke van deze appelen voor export
worden bestemd, moeten echter wel in den exportstaat onder de
rubriek "export versch" worden vermeld.
BEDRIJF SCHAP VOOR GROENTEN EN FRUIT,
[handtekeningen] Dit document is een directief schrijven uit het vierde oorlogsjaar (1943) dat de totale controle over de Nederlandse fruitoogst illustreert. De belangrijkste kernpunten zijn:
- Prioriteit voor export: 100% van de geschikte bewaarappelen wordt gereserveerd voor "export". In de context van de bezetting betekent dit feitelijk de gedwongen levering aan Duitsland voor de Kriegswirtschaft.
- Strenge discipline en aansprakelijkheid: Telers en handelaren worden "hoofdelijk aansprakelijk" gesteld voor hun voorraad. Dit was een repressief middel om te voorkomen dat fruit in de zwarte handel verdween of door opzettelijke verwaarlozing (bederf) onbruikbaar werd voor de bezetter.
- Bureaucratische kanalen: De handel verloopt via strikte kanalen zoals het Tuinbouw-Exportbureau en specifieke afdelingen van het Bedrijfschap (Afzet, Conserveering).
- Uitsluiting van directe levering aan militairen: Opvallend is het verbod om direct op Wehrmachtbezugscheine (militaire bonnen) te leveren. Alle militaire aanvragen moesten gecentraliseerd worden via de Chef Intendant in Oosterbeek. Dit diende om de reguliere distributie niet te verstoren door ongecontroleerde vorderingen door individuele legereenheden. Het Bedrijfschap voor Groenten en Fruit was een van de 'ordeningorganen' die tijdens de bezetting werden opgericht of hersteld om de Nederlandse economie centraal te sturen. Onder het bewind van de bezetter werd de Nederlandse landbouw volledig ingeschakeld voor de Duitse voedselvoorziening.
In de winter van 1943 was de voedselsituatie in Europa precair. Door strikte regelgeving zoals in dit document, probeerde de bezetter elke kilogram fruit te registreren en te bestemmen. De nadruk op "kwaliteitscontrôle" en het voorkomen van "bederf" wijst op de schaarste; elk verlies werd beschouwd als een verlies voor de oorlogsinspanning. De genoemde locatie Oosterbeek was destijds een belangrijk administratief centrum voor de Wehrmacht-intendance in Nederland, een situatie die pas in september 1944 tijdens Operatie Market Garden drastisch zou veranderen. Bedrijfschap Wehrmacht