Handgeschreven memo of concept-brief.
Origineel
Handgeschreven memo of concept-brief. Genoemd in de tekst als 19 juni 1942. [Linksboven, doorgehaald:] ontwerp
[Daaronder:] Minervaplein
[Midden boven, in rode inkt:] 108/1/1
[Rechtsboven:] A.W.L.M.
Hiermede heb ik de eer U te
berichten, dat in opdracht van den Wirt-
schaftsreferent bij het Bureau für den
Beauftragten für die Stadt Amsterdam,
den heer A. Gombault, op de markt Miner-
vaplein de gelegenheid moet worden gegeven
voor den verkoop van textielwaren, waartoe
twee plaatsen moeten worden beschikbaar
gesteld.
Genoemde markt is bij Besluit van
den Bm. d.d. 19 Juni 1942, 5756 L.N. 1942 aange-
wezen als tijdelijke hulpmarkt uitsluitend
voor Joodsche verkoopers, Joodsche koopers en
Joodsche bezoekers, met dien verstande, dat op * Inhoud: Het document betreft een instructie om de heer A. Gombault twee staanplaatsen toe te wijzen op de markt aan het Minervaplein voor de verkoop van textiel. Deze opdracht komt direct van de Wirtschaftsreferent (economisch adviseur) verbonden aan het bureau van de Beauftragte für die Stadt Amsterdam (de Duitse regeringscommissaris voor Amsterdam, Hans Böhmcker).
* Administratieve context: De afkorting "den Bm." verwijst naar de Burgemeester van Amsterdam (destijds de pro-Duitse Edward Voûte). Het besluitnummer "5756 L.N. 1942" verwijst naar de officiële gemeentelijke besluitvorming.
* Terminologie: Het gebruik van de term "tijdelijke hulpmarkt uitsluitend voor Joodsche verkoopers, Joodsche koopers en Joodsche bezoekers" illustreert de bureaucratische uitvoering van de segregatiepolitiek van de bezetter. Dit document is een direct bewijs van de uitsluiting en isolatie van de Joodse bevolking in Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog. In de loop van 1941 en 1942 werden Joden steeds verder uit het openbare leven verbannen. In mei en juni 1942 werden er in Amsterdam specifieke "Joodse markten" ingesteld (waaronder op het Minervaplein, het Waterlooplein en de Gaaspstraat). Joden mochten voortaan alleen nog op deze aangewezen plekken en op specifieke tijden handelen en inkopen doen.
De datum in het document (19 juni 1942) is cruciaal: dit was slechts enkele weken voordat de grootschalige deportaties vanuit Amsterdam naar kamp Westerbork en de vernietigingskampen in het oosten begonnen (juli 1942). Het document toont hoe de Amsterdamse gemeentelijke administratie nauw samenwerkte met de Duitse Beauftragte om deze segregationistische maatregelen tot in het kleinste detail (zoals de toewijzing van individuele marktkramen) uit te voeren. A. Gombault A.W.L.M.
Samenvatting
- Inhoud: Het document betreft een instructie om de heer A. Gombault twee staanplaatsen toe te wijzen op de markt aan het Minervaplein voor de verkoop van textiel. Deze opdracht komt direct van de Wirtschaftsreferent (economisch adviseur) verbonden aan het bureau van de Beauftragte für die Stadt Amsterdam (de Duitse regeringscommissaris voor Amsterdam, Hans Böhmcker).
- Administratieve context: De afkorting "den Bm." verwijst naar de Burgemeester van Amsterdam (destijds de pro-Duitse Edward Voûte). Het besluitnummer "5756 L.N. 1942" verwijst naar de officiële gemeentelijke besluitvorming.
- Terminologie: Het gebruik van de term "tijdelijke hulpmarkt uitsluitend voor Joodsche verkoopers, Joodsche koopers en Joodsche bezoekers" illustreert de bureaucratische uitvoering van de segregatiepolitiek van de bezetter.
Historische Context
Dit document is een direct bewijs van de uitsluiting en isolatie van de Joodse bevolking in Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog. In de loop van 1941 en 1942 werden Joden steeds verder uit het openbare leven verbannen. In mei en juni 1942 werden er in Amsterdam specifieke "Joodse markten" ingesteld (waaronder op het Minervaplein, het Waterlooplein en de Gaaspstraat). Joden mochten voortaan alleen nog op deze aangewezen plekken en op specifieke tijden handelen en inkopen doen.
De datum in het document (19 juni 1942) is cruciaal: dit was slechts enkele weken voordat de grootschalige deportaties vanuit Amsterdam naar kamp Westerbork en de vernietigingskampen in het oosten begonnen (juli 1942). Het document toont hoe de Amsterdamse gemeentelijke administratie nauw samenwerkte met de Duitse Beauftragte om deze segregationistische maatregelen tot in het kleinste detail (zoals de toewijzing van individuele marktkramen) uit te voeren.