Handgeschreven brief (correspondentie).
Origineel
Handgeschreven brief (correspondentie). 21 april 1943. J. H. Albers Belderink, Stadionweg 201 II, Amsterdam. Directeur van de Gemeentelijke Visafslag, Hal de Ruijterkade, Amsterdam. No. 109/3/1 M. 1943 $^{29}/_{4}$
787
Amsterdam 21 April 1943
Aan den Heer Directeur
der Gem. Vischafslag
Hal de Ruiterkade.
Geachte Heer
Hiermede heb ik de eer mij met het volgende
tot U te richten.
Zondag 18 April heb ik zooals meerdere malen
op het Stadionplein staan wachten op aanvoer van
visch. Om elf uur kwam er werkelijk wat versche
aal. Ik zou U willen verzoeken mij wel mede te
willen deelen hoeveel deze verkooper van de afslag
nu had gekregen om op het Stadionplein aan het
publiek te verkoopen, daar het kwantum hetwelk
aan het publiek werd uitgedeeld, mij wel wat heel
klein voorkwam.
Hoogachtend
J. H. Albers Belderink
Stadionweg 201 $^{II}$ G.
Hierin gelieve U Ed. postzegel aan te treffen.
[Marge links:]
H v Burg
rapport
3-5-'43
de Wolf * Inhoud: De briefschrijver, de heer Albers Belderink, beklaagt zich indirect over de geringe hoeveelheid vis (aal/paling) die op zondag 18 april op het Stadionplein in Amsterdam aan het publiek werd verkocht. Hij vraagt de directeur van de visafslag om opgave van de exacte hoeveelheid die aan de betreffende verkoper was toegewezen, omdat hij vermoedt dat de verkochte hoeveelheid niet overeenkwam met de geleverde voorraad.
* Toon: De brief is geschreven in een zeer formele en beleefde stijl, kenmerkend voor die tijd ("heb ik de eer mij... tot U te richten", "U Ed."). De schrijver heeft zelfs een postzegel bijgesloten voor het antwoord, wat destijds een teken van beleefdheid was bij particuliere verzoeken aan instanties.
* Administratieve verwerking: De aantekeningen in de marge ("H v Burg rapport 3-5-'43 de Wolf") wijzen erop dat de klacht serieus is genomen en dat er een rapportage is opgesteld door een ambtenaar (mogelijk inspecteur De Wolf) op 3 mei 1943. * Tweede Wereldoorlog en schaarste: De brief dateert uit april 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland. Voedselvoorziening was in deze periode een kritiek punt; veel producten waren op de bon en er heerste groeiende schaarste. Vis was een belangrijke, maar onregelmatig beschikbare bron van voedsel.
* Distributie en controle: Vanwege de schaarste hield de bevolking de eerlijkheid van de voedseldistributie nauwgezet in de gaten. Er bestond vaak wantrouwen jegens handelaren die ervan werden verdacht producten achter te houden voor de zwarte markt. Dit verklaart waarom een burger de officiële instantie (de Gemeentelijke Visafslag) aanschrijft om de rechtmatigheid van de verkoop te controleren.
* Locaties: Het Stadionplein in Amsterdam-Zuid was (en is) een bekende marktlocatie. De Gemeentelijke Visafslag was destijds gevestigd aan de De Ruijterkade, achter het Centraal Station, waar de vis direct vanaf de schepen werd verhandeld. G.