Dienstbrief / Ambtelijk schrijven.
Origineel
Dienstbrief / Ambtelijk schrijven. 6 november 1944. De Directeur (vermoedelijk van de betreffende gemeentelijke marktdienst of havenbedrijf). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier (Amsterdam). [Links boven:]
21/26/2M. SV.
[Rechts boven:]
6 November 1944.
[Links midden:]
Restitutie brandstoffen
marktgeld ten name van
F. Maijs.
[Rechts midden:]
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r.
Hiermede heb ik de eer U te berichten, dat de N.V. Steenkolen-Leverantie Mij F. Maijs, wonende 2e Jan Steenstraat 74, alhier, die voor het kalenderjaar 1944 met een vaartuig No. 1671 groot 57 ton, ligplaats aan een brandstoffenmarkt te dezer stede had ingenomen, met ingang van 9 Augustus 1944 dit vaartuig heeft moeten afstaan aan de Duitsche Autoriteiten bovendien heeft hij de dekschuiten no's 158 en 4551 met ingang van 6 October 1944 en no. 7594 met ingang van 23 October 1944 aan de firma Hermans, Kromme Waal verhuurd. Maijs voornoemd verzoekt hem restitutie van marktgeld te verleenen.
Het terzake verschuldigde marktgeld voor bovengenoemde vaartuigen ad f. 217.- is in zijn geheel voldaan. Indien Maijs deze vaartuigen per maand en per week ligplaats had doen innemen, zou hij tot 9 Augustus voor het vaartuig no. 1671 verschuldigd zijn geweest:
7 x 57 x 10 ct. = f. 39,90 + 2 x 57 x 2½ ct. = f. 2,85
totaal: f. 42,75
voor de vaartuigen genummerd 158 en 4551 tot 6 October 1944
9 x 79 x 10 ct. = f. 71.10 + 1 x 79 x 2½ ct. = f. 1,98
totaal: f. 73,08
en voor het vaartuig no. 7594 tot 23 October
9 x 81 x 10 ct. = f. 72,90 + 4 x 81 x 2½ ct. = f. 8,10
totaal: f. 81.-
zoodat aan Maijs voornoemd restitutie ware te verleenen tot een bedrag van f. 217.- - f. 196,83 = f. 20,17.
Ik heb de eer U beleefd te verzoeken wel te willen bevorderen, dat op gronden van billijkheid bij besluit van den Burgemeester krachtens de bepalingen van artikel 36 van de Verordening op de Heffing van markt-, standplaats- en ventgelden, aan Maijs voornoemd restitutie van marktgeld wordt verleend tot een bedrag van f. 20,17.
De Directeur, Dit document betreft een verzoek tot gedeeltelijke terugbetaling (restitutie) van betaald marktgeld door de firma F. Maijs, een kolenleverancier uit Amsterdam (gevestigd aan de 2e Jan Steenstraat). De kern van de zaak is dat de firma vooraf liggeld voor het gehele jaar 1944 had betaald voor diverse vaartuigen, maar deze ligplaatsen niet het hele jaar heeft kunnen gebruiken.
De belangrijkste reden hiervoor is dat één van de vaartuigen (no. 1671) op 9 augustus 1944 is gevorderd door de "Duitsche Autoriteiten". Andere dekschuiten werden later in het jaar verhuurd aan een andere firma, waardoor de oorspronkelijke gebruiksplicht verviel. De directeur berekent nauwkeurig wat de kosten zouden zijn geweest op basis van de werkelijke gebruiksduur (per maand en week) en komt uit op een verschil van f. 20,17 ten gunste van Maijs. Het document is gedateerd op 6 november 1944, midden in de Hongerwinter. In deze periode was er in het bezette westen van Nederland een nijpend tekort aan brandstoffen (zoals steenkool) en voedsel. Amsterdam was nagenoeg afgesloten van aanvoerlijnen.
De tekst illustreert de dagelijkse realiteit van de Duitse bezetting:
1. Vorderingen: Het was gebruikelijk dat de bezetter Nederlands materieel (zoals schepen en voertuigen) in beslag nam voor de eigen oorlogsvoering.
2. Bureaucratie onder druk: Ondanks de extreme omstandigheden in november 1944, bleef de gemeentelijke administratie nauwgezet functioneren. Er wordt op de cent nauwkeurig berekend hoeveel restitutie er moet plaatsvinden op basis van geldende verordeningen.
3. Brandstoffen: De firma Maijs hield zich bezig met steenkoolleveranties, een cruciale sector tijdens de Hongerwinter. Het feit dat hun vaartuigen werden gevorderd of verhuurd, wijst op de totale ontwrichting van de brandstofvoorziening in de stad op dat moment.