Handgeschreven brief (verzoekschrift).
Origineel
Handgeschreven brief (verzoekschrift). 12 januari 1944. Nº 30/5/1 M. 1944 15/1 711
A’dam 12-1-44.
Mijnheer.
Daar ik afgekeurd ben voor
Duitschland en ik ook hier
voor werk ben afgekeurd. Wilde
ik u beleefd verzoeken of het
niet mogelijk zou zijn, dat ik
een vergunning zou kunnen krijgen
voor een standplaats (of) op het.
Waterlooplein. Want dat ik
nog veelste jong ben om in het
steun of eventueele invalididiteits
wet te loopen. Wilde ik op boven
genoemde manier trachten mijn
brood te verdienen voor mij en mijn
gezin. * Inhoud: De schrijver verzoekt om een vergunning voor een marktkoopman-standplaats op het Waterlooplein in Amsterdam.
* Argumentatie: Hij voert aan dat hij medisch is afgekeurd, zowel voor de arbeidsinzet in Duitsland als voor regulier werk in Nederland. Ondanks deze beperkingen wil hij niet afhankelijk zijn van een uitkering (de "steun" of de "invaliditeitswet"), omdat hij zichzelf daarvoor nog te jong vindt. Hij wil door middel van handel op de markt zelf in het levensonderhoud van zijn gezin voorzien.
* Taalgebruik: De brief is geschreven in een beleefde, maar eenvoudige stijl. Er worden typische tijdsgebonden termen gebruikt zoals "Duitschland" (met -sch) en "steun". De schrijver gebruikt de informele vorm "veelste" in plaats van "veel te".
* Handschrift: Het betreft een goed leesbaar, verzorgd cursief handschrift, kenmerkend voor het midden van de 20e eeuw. * Historische periode: De brief is gedateerd in januari 1944, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog.
* Arbeidseinsatz: De referentie naar het "afgekeurd zijn voor Duitschland" duidt op de Arbeitseinsatz, de verplichte tewerkstelling van Nederlandse mannen in de Duitse oorlogsindustrie. Een medische afkeuring was een van de weinige legale manieren om hieraan te ontkomen.
* Waterlooplein: Het Waterlooplein was historisch gezien het hart van de Amsterdamse Joodse buurt en de bijbehorende markt. Tegen 1944 was de Joodse bevolking grotendeels gedeporteerd, wat de dynamiek en de beschikbare plaatsen op deze markt ingrijpend had veranderd.
* Sociale zekerheid: De "steun" verwijst naar de destijds karige werkloosheidsvoorziening. De "invaliditeitswet" (uit 1913) voorzag in een uitkering bij blijvende arbeidsongeschiktheid. De brief getuigt van de toenmalige arbeidsethos: men werkte liever voor het eigen brood dan "in de steun te loopen".