Brief (verzoekschrift) aan een overheidsinstantie.
Origineel
Brief (verzoekschrift) aan een overheidsinstantie. 9 mei 1944. Theodorus Fransciscus Schreiberlich, Groenburgwal 58 huis, Amsterdam. Bureau voor het Marktwezen, Amsterdam. 34 [handgeschreven, rechtsboven]
Th.F.Schreiberlich.
Amsterdam, 9 Mei 1944
Groenburgwal 58 huis.
№ 30/31/1 M.1944 11/5 [stempels en handgeschreven nummers]
Aan het Bureau voor het Marktwezen.
[handgeschreven: n.v. mnp?]
Zeer geachte Heer,
Ondergetekende, Theodorus,
Fransciscus Schreiberlich, verzoekt hierbij beleefd ver-
gunning om te mogen staan als koopman in ongeregelde goe-
deren op het Waterlooplein. [handgeschreven: Aan de stoepkant]
Vroeger heeft hij reeds met bloemen gestaan in de
Albert Cuypstraat. De marktmeesters uit de Kinkerbuurt
kennen hem wel.
Op het ogenblik is hij drie dagen van de week werk-
zaam bij Firma Puls, Groenburgwal 50. Zijn verdiensten
zijn daarbij 12 gulden in de week, waarvan nog afgaat
f 1.50 voor belasting. Dit is in deze tijd wel weinig
om van te leven.
Hij hoopt dat aan zijn verzoek wordt voldaan.
In beleefde afwachting,
hoogachtend
Uw. dw. dr.
[Handgeschreven notitie linksbeneden:]
mondelinge afspraak [?] ... :
Vaste plaats Waterlooplein en
losse plaats Albert Cuypstraat
uitgereikt. Rapport Politie d.d. 9/5-44. No. S. No 688/8700
H [?] 3/10 44.
[Handgeschreven notitie rechtsbeneden:]
oproepen
form. [?]
15-5-44
de Heer
ong. één.
P [?] 15/5 * Inhoud: De heer Schreiberlich vraagt een vergunning aan om op het Waterlooplein te mogen handelen in "ongeregelde goederen" (tweedehands artikelen/curiosa). Hij voert zijn precaire financiële situatie aan als reden: hij verdient slechts 10,50 gulden netto per week met een deeltijdbaan van drie dagen.
* Toon: De brief is opgesteld in de formele derde persoon ("Ondergetekende", "hij"), wat destijds gebruikelijk was voor officiële verzoeken. De toon is nederig en dringend.
* Bureaucratische afhandeling: De handgeschreven kanttekeningen tonen het proces aan. Er is een politierapport opgevraagd (9-5-44) en uiteindelijk lijkt de vergunning in oktober 1944 te zijn toegekend voor zowel het Waterlooplein als de Albert Cuypstraat. * Oorlogstijd: Het document dateert van mei 1944, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De armoede en schaarste waren in deze periode groot, wat de noodzaak voor extra inkomen verklaart.
* Firma Puls: De vermelding dat Schreiberlich werkt bij "Firma Puls" (Groenburgwal 50) is historisch zeer beladen. De firma Abraham Puls & Zn. was tijdens de bezetting berucht omdat zij in opdracht van de nazi's de inboedels van weggevoerde Joodse gezinnen uit de huizen haalden en transporteerden (het zogenaamde "Pulsen"). Dat de schrijver hier werkte, suggereert dat hij direct betrokken was bij de logistiek van de Jodenvervolging, hoewel dit voor een arbeider in die tijd vaak simpelweg een manier was om aan de 'Arbeitseinsatz' in Duitsland te ontsnappen of te overleven.
* Waterlooplein: Dit was van oudsher het centrum van de Joodse markt in Amsterdam. In mei 1944 was de Joodse bevolking grotendeels gedeporteerd en was het karakter van de markt en de buurt drastisch en op tragische wijze veranderd.