Handgeschreven ambtelijke notitie of kladversie van een brief.
Origineel
Handgeschreven ambtelijke notitie of kladversie van een brief. onderwerp:
vestiging vischwinkel 46A/163/2 afd. Bedrijfschap.
n.a.v. Uw brief d.d. 14 April j.l. no.
8285 / A2 / He bericht ik U het volgende
Mevr. Steenhorst is 39 jaar, gescheiden
en heeft geen kinderen. Een zoon is gesneuveld
aan het Oostfront; daarvoor ontvangt zij
f 45.- per maand vergoeding. Is heel vroeger
in betrekking geweest in een vischhandel.
Te Rotterdam had zij een zaak in groenten &
fruit, welke in Mei 1940 verloren is
gegaan. Thans kan zij een voorschot krijgen
om een nieuwe zaak te beginnen. Voor een
toewijzing van visch aan den afslag alhier kan
zij derhalve niet in aanmerking komen. * Persoonlijke omstandigheden: De aanvrager, Mevr. Steenhorst, is een 39-jarige gescheiden vrouw. De opmerking "heeft geen kinderen" moet waarschijnlijk gelezen worden als dat zij geen verzorgingsplichtige kinderen meer heeft, aangezien er direct daarna gesproken wordt over een gesneuvelde zoon.
* Financiële status: Zij ontvangt een maandelijkse uitkering van 45 gulden vanwege het sneuvelen van haar zoon aan het Oostfront. Daarnaast is er sprake van een mogelijk voorschot om een nieuwe zaak te starten.
* Arbeidsverleden: Zij heeft ervaring in de visdetailhandel en was voorheen eigenaresse van een groente- en fruitzaak in Rotterdam. Deze zaak is in mei 1940 verloren gegaan (vermoedelijk door het bombardement op Rotterdam).
* Besluit: Ondanks haar ervaring en financiële mogelijkheden voor de start, luidt het advies of besluit negatief wat betreft de toewijzing van vis via de lokale afslag. De reden hiervoor wordt in deze specifieke notitie niet verder gespecificeerd, maar dergelijke toewijzingen waren tijdens de bezetting streng gereguleerd. Dit document biedt een inkijkje in de sociaaleconomische situatie in Nederland tijdens de Duitse bezetting. De vermelding van het Oostfront duidt erop dat haar zoon waarschijnlijk als vrijwilliger (bijvoorbeeld bij de Waffen-SS of het Vrijwilligerslegioen Nederland) of via een andere weg aan Duitse zijde vocht tegen de Sovjet-Unie. De vergoeding die zij hiervoor ontvangt, was een gebruikelijke tegemoetkoming voor nabestaanden van dergelijke soldaten.
De verwijzing naar Mei 1940 en het verlies van haar zaak in Rotterdam is een directe referentie aan de verwoesting van de stad aan het begin van de oorlog. De bureaucratische toon en de verwijzing naar het Bedrijfschap passen binnen de gelijkschakeling en centralisering van de economie door de bezetter, waarbij ondernemers voor bijna alles afhankelijk waren van officiële toewijzingen en vergunningen.