Ambtelijke rapportage / Brief.
Origineel
Ambtelijke rapportage / Brief. 3 mei 1944. De Chef Marktopzichter (getekend: Domogalski). [Pagina begint midden in een zin]
stond de punten van verkoop.
Op mijn vraag, waarom hij zulks gedaan had,
kreeg ik ten antwoord: „omdat hopen menschen
bij me kwamen neuren, of hij iets wist van nieuwe
verkoopplaatsen van visch.”
Vanzelfsprekend heb ik den heer Vos geen opdracht
gegeven, noch is door mij een verzoek gedaan
aan den heer Vos, om de officieele mededeelingen
die de vischverkoopers op de Vischmarkt hadden
ontvangen, aan het publiek bekend te maken.
Tevens maak ik van de gelegenheid gebruik
U te berichten, dat de rijvorming, in verband
met den vischaanvoer in de middaguren, voor
de Wapperstraat te vroeg is gesteld.
Nog nimmer is er visch aangevoerd voor 3.30
uur n.m., terwijl de rijvorming al om 2.30 uur
plaats vindt. Een juister tijdstip, waardoor extra
lang wachten kan worden voorkomen, zou m.i.
voor de rijvorming zijn 3.15 uur.
Mede in verband met de goede orde, beveel ik
dit voorstel in Uw gewaardeerde aandacht aan.
Amsterdam, 3 Mei ’44.
[w.g.] Domogalski
Chef marktopzichter
[Marginale aantekeningen en reacties onderaan:]
Linksboven (doorgehaald): Berg 8-9-44 delta
Midden links (in rood potlood/inkt):
Hoe kwam Vos op de hoogte
van de nieuwe verkoopplaatsen?
Aanzeggen aan binnenvisschers
dat voortaan geen
mededeelingen meer worden
gedaan – terug naar marktpersoneel.
Nagaan andere geschikte terrein omgeving
Wapperstraat als weinig is 20-5-44 * De kwestie 'Vos': De brief opent met een verantwoording over een incident waarbij een zekere heer Vos eigenhandig informatie over nieuwe visverkooppunten heeft verspreid onder het publiek. De Chef Marktopzichter distantieert zich hiervan; hij stelt dat Vos handelde uit eigen beweging omdat hij werd belaagd door hongerige burgers ("hopen menschen").
* Logistieke efficiëntie: Het tweede deel van de brief is een praktisch voorstel om de 'rijvorming' (het in de rij staan voor voedsel) te reguleren. Op dat moment moesten mensen vanaf 14:30 uur in de rij staan, terwijl de vis pas om 15:30 uur arriveerde. De schrijver stelt voor dit naar 15:15 uur te verschuiven om onnodig lang wachten en onrust te voorkomen.
* Bestuurlijke opvolging: De rode aantekeningen onderaan tonen de reactie van de superieur. Er wordt kritisch gevraagd hoe Vos aan de geheime informatie kwam. Ook wordt er direct een actiepunt genoteerd: binnenvissers mogen geen mededelingen meer doen en er moet gezocht worden naar alternatieve locaties als de Wapperstraat onvoldoende ruimte biedt. Dit document is een treffend voorbeeld van de bureaucratische realiteit in Amsterdam tijdens de laatste jaren van de Tweede Wereldoorlog (mei 1944).
1. Voedselschaarste: De enorme druk op de vismarkt ("hopen menschen") en het feit dat mensen uren in de rij staan voor een beetje vis, getuigt van de nijpende voedselsituatie vlak voor de Hongerwinter.
2. Openbare Orde: De bezettende macht en het gemeentebestuur waren zeer beducht voor opstootjes bij distributiepunten. Het reguleren van de 'rijvorming' was daarom niet alleen een kwestie van beleefdheid, maar van crowd control.
3. Wapperstraat: De genoemde locatie bevond zich in de voormalige Joodse buurt (nabij het Waterlooplein), een gebied dat in 1944 grotendeels ontruimd was, maar waar nog wel markten en distributie plaatsvonden.
4. Informatiebeheer: De irritatie over de heer Vos laat zien hoe gevoelig informatie over voedsel was. Voorkennis kon leiden tot ongelijkheid of chaos bij de verkooppunten.