Officiële correspondentie (brief).
Origineel
Officiële correspondentie (brief). 12 mei 1944. Bedrijfschap voor Visscherijproducten, Afdeeling Distributie, 's-Gravenhage. BEDRIJFSCHAP VOOR VISSCHERIJPRODUCTEN
AFDEELING Distr.
BETREFFENDE benzine G. Lammers 'S-GRAVENHAGE, 12 Mei 1944.
BERICHT OP SCHRIJVEN
27 April 1944.
BIJ ANTWOORD VERMELDEN 10723/D/deP.
BIJLAGE ............... STUKS, T.W.
Den Heer Directeur van het
Marktwezen
Jan van Galenstraat 14
AMSTERDAM.
Nº 46a/64/10 M. 1944 [stempel]
Naar aanleiding van Uw schrijven Nº 46a/64/4M van
27 April j.l. deelen wij U mede, dat er slechts
een zeer beperkt kwantum benzine voor het vischver-
voer wordt beschikbaar gesteld. De door U genoemde
verkoopplaats ligt op zeer grooten afstand van de
vischmarkt.
Wij geven U derhalve in overweging via den Autobe-
vrachtingsdienst voor het desbetreffende vervoer
een generatorwagen in dienst te stellen en dit
transport te doen geschieden onder toezicht van
een deskundig persoon op vischgebied.
Wij merken tenslotte nog op, dat gelet op het zeer
beperkte benzinekwantum aan Lammers relatief steeds
een vrij groote benzinetoewijzing werd verstrekt.
Afschrift van dit schrijven zenden wij aan de
Rijksverkeersinspectie te Amsterdam.
BEDRIJFSCHAP VOOR VISSCHERIJPRODUCTEN,
[Handtekening]
Mu.
2e ADELHEIDSTRAAT 300, 'S-GRAVENHAGE — POSTGIROREKENING 351833 — TELEGRAMADRES: BEVIPRO
TELEFOON 720080 EN 772162, INTERCOMM. XX. VOOR AFDEELING DISTRIBUTIE 722641
(A) 34351 - 5000 - 3 - '44 - V.V.O. 341726 - K 983 Deze brief is een afwijzing van een verzoek om extra benzine voor het transport van vis door een zekere G. Lammers. De argumentatie van het Bedrijfschap is tweeledig:
1. Schaarste: Er is simpelweg te weinig benzine beschikbaar.
2. Efficiëntie: De afstand tussen de verkoopplaats en de vismarkt wordt te groot geacht voor het gebruik van schaarse vloeibare brandstof.
Als alternatief stelt het Bedrijfschap voor om een generatorwagen in te zetten via de Autobevrachtingsdienst. Dit type voertuig reed op houtgas, een veelgebruikt alternatief tijdens de oorlogsjaren. Tevens wordt er nadruk gelegd op professioneel toezicht tijdens het transport en wordt opgemerkt dat de betreffende persoon (Lammers) in het verleden al relatief ruim is bedeeld. De Rijksverkeersinspectie wordt hiervan op de hoogte gesteld, wat duidt op de strikte controle op transportmiddelen in deze periode. Het document dateert uit mei 1944, de late fase van de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was de schaarste aan brandstoffen (benzine en diesel) kritiek; vrijwel alle beschikbare voorraden werden gevorderd voor de Duitse oorlogsmachine (de Wehrmacht).
Het burgerlijk transport was hierdoor nagenoeg volledig afhankelijk van distributiebonnen en alternatieve aandrijvingen zoals de in de brief genoemde houtgasgeneratoren. De Jan van Galenstraat 14 in Amsterdam was (en is) de locatie van de Centrale Markthallen, het logistieke hart van de voedselvoorziening in de hoofdstad. De brief illustreert de bureaucratische strijd om middelen om de voedselvoorziening in stand te houden in een tijd van extreme tekorten, slechts enkele maanden voor de spoorwegstaking en de daaropvolgende Hongerwinter.