Handgeschreven brief of ambtelijk memorandum (pagina 3).
Origineel
Handgeschreven brief of ambtelijk memorandum (pagina 3). Ik zou het zeer op prijs
stellen indien U naar een
en ander een ~~zoo~~ ernstig on-
derzoek zoudt willen doen
instellen.
Kennis genomen hebbende
van de regeling in Scheveningen
zou ik voorts, ter vermijding
v. alle hierboven t. a. v.
IJmuiden geschetste bezwaren,
willen voorstellen, ook in
IJmuiden een regeling te doen
treffen, waarbij alle grossiers
gecombineerd gaan werken
en waar door van den totalen,
voor het binnenland bestemden,
aanvoer, door U vast te
stellen percentages van de
groote steden moeten worden
doorgeleverd. Enkele bona fide
grossiers zouden dan met
de uitvoering kunnen worden
belast en zoover daarvoor
verantwoordelijk kunnen worden
gesteld. In dit document doet de schrijver een concreet beleidsvoorstel betreffende de visdistributie. De kernpunten zijn:
1. Verzoek tot onderzoek: De schrijver vraagt de geadresseerde ("U") om een serieus onderzoek in te stellen naar de geopperde plannen.
2. Referentie aan Scheveningen: Er wordt verwezen naar een bestaande regeling in Scheveningen als mogelijk voorbeeld of contrast.
3. Probleemstelling: Er wordt gezinspeeld op eerder "geschetste bezwaren" met betrekking tot de situatie in IJmuiden.
4. Oplossing (Centralisatie): Het voorstel behelst een gedwongen samenwerking tussen visgrossiers. De totale aanvoer voor de binnenlandse markt moet volgens vastgestelde percentages over de grote steden worden verdeeld.
5. Uitvoering: De uitvoering zou in handen moeten komen van betrouwbare ("bona fide") grossiers die hiervoor ook verantwoordelijk worden gehouden. De tekst ademt de sfeer van de geleide economie of de distributieperiode tijdens of direct na de Tweede Wereldoorlog in Nederland. In die tijd was de voedselvoorziening strikt gereguleerd om schaarste en woekerprijzen tegen te gaan. IJmuiden en Scheveningen waren (en zijn) de belangrijkste aanvoerhavens voor vis. Het feit dat er gesproken wordt over "vast te stellen percentages" voor "groote steden" wijst op een centraal gestuurd distributiesysteem waarbij de overheid een grote vinger in de pap had bij de toewijzing van schaarse goederen. De term "bona fide" suggereert dat er in de sector destijds mogelijk ook sprake was van onbetrouwbare handelaren of zwarte handel, wat de roep om strengere regie verklaart.