Handgeschreven verzoekschrift met ambtelijke aantekeningen.
Origineel
Handgeschreven verzoekschrift met ambtelijke aantekeningen. 22 juli 1944. L. Schouten, v. Spilbergenstraat 104 hs, Amsterdam (W). [Stempel linksboven:] Nº 76/6/1 M. 1944 22/7
[Rechtsboven handgeschreven:] 21
Amsterdam 22 Juli 1944
Wel Edele Heer
Bij deze wilde ik U verzoeken om een staanplaats op de Markt in de Jan Evertsenstraat. Ik ben in het bezit van een Ventvergunning voor Ys Maar daar ik niet goed kan lopen wilde ik s, morgens en s, avonds rusten en de middagen op de markt staan. Nu moet ik s middags mijn verkoop stop zetten daar ik nergens een uur of 4 mag blijven staan. Hopende dat U mijn verzoek in zult willigen
Teken ik Hoogachtend
Uw dw dnr
L Schouten
v Spilbergenstraat 104 hs
Amsterdam (W)
Nummer Ventvergunning is 04109
Serie 22 Nº 255.
[Linksonder in zwarte inkt:]
Oproepen
Tegen inwilliging bestaat
m.i. geen bezwaar
28-7-’44
[Handtekening/Paraaf]
[Rechtsonder in rood potlood:]
De Vries
formulier
is toch
nieuwe
aanvrage voor
marktkoopman?
[Paraaf]
[Onderaan in potlood:]
onger. e.d.a. 3/8 P.
Z.0.2. * De kern van de aanvraag: De heer L. Schouten beschikt over een 'ventvergunning' voor de verkoop van ijs. Een ventvergunning verplicht de houder doorgaans om in beweging te blijven. Schouten geeft aan dat hij slecht ter been is en daarom behoefte heeft aan een vaste staanplaats op de markt in de Jan Evertsenstraat. Hierdoor zou hij de rustperiodes (ochtend en avond) kunnen afwisselen met werken in de middag, zonder telkens te moeten verplaatsen.
* Ambtelijke afhandeling:
* Een ambtenaar noteert op 28 juli 1944 dat er "geen bezwaar" is tegen inwilliging van het verzoek.
* Echter, een tweede opmerking in rood potlood (waarschijnlijk van een controleur of afdelingshoofd genaamd De Vries) plaatst een kritische kanttekening: moet dit niet behandeld worden als een volledig nieuwe aanvraag voor de status van 'marktkoopman', in plaats van een aanpassing van een ventvergunning?
* Taalgebruik: Het document is geschreven in de formele stijl van die tijd ("Wel Edele Heer", "Uw dw dnr" - Uw dienstwillige dienaar). * Tijdsbeeld: Het document dateert van juli 1944, tijdens de Duitse bezetting van Nederland, enkele maanden voor de Hongerwinter. De bureaucratie rondom marktvergunningen en straathandel bleef ondanks de oorlogssituatie grotendeels intact en strikt gereguleerd.
* Locatie: De Jan Evertsenstraat was en is een centrale winkelstraat in Amsterdam-West. De marktactiviteiten aldaar waren essentieel voor de lokale voedselvoorziening.
* Juridisch onderscheid: Het document illustreert het scherpe onderscheid tussen een venter (mobiel) en een marktkoopman (vaste plek). Voor een invalide persoon was het behouden van een inkomen via straathandel vaak een van de weinige opties, maar de regelgeving maakte dit fysiek zwaar.