Archief 745
Inventaris 745-283
Pagina 201
Dossier 29
Jaar 1939
Stadsarchief

Handgeschreven brief (vervolgvel, gemarkeerd met '2').

Origineel

Handgeschreven brief (vervolgvel, gemarkeerd met '2'). en dit is niet bevorderlijk of in het belang v/d markt.
Voordien heb ik deze man niet gekent. Ik ben door den marktkoopman M. Mauro naar hem verwezen, toen ik aan Mauro vroeg of hij niet iemand wist die m'n Gramaphone zou kon maken. Dus mijnheer de directeur ik vertrouwde er op, dat deze man zijn vak verstond en als hij zijn vak niet verstaat, waarom zou ik „u dienst“ niet mogen in lichten.
Als ik bedrogen ben, moeten er dan nog meer slachtoffers gemaakt worden. waar is dat nodig voor.
En mag ik dan nadien niet behoorlijk over de markt lopen, zonder door deze man lastig te worden gevallen en als ik bij iemand aan zijn kraam sta, na gelopen te worden en mij voor alles wat lelijk is uit gescholden te worden. Natuurlijk zal deze man het „ook“ ontkennen, gelijk hij ook ontkent heeft, dat hij dit machientje goed heeft gemaakt, „maar bijden“ kan ik bewijzen, maar zal u dit niet opdwingen.
Alleen zal ik u nog een mededeeling doen welke deze man, toen hij ruzie tegen mij maakte in bij zijn van tientallen markt bezoekers mij toevoegde.
Toen de marktmeester jou brief in handen kreeg vroeg hij direct is die van die gekken Blom nu dan zal ik mijn directeur adviseren deze klacht in de papiermand te deponeeren. Ik ken U opzichter van het Waterlooplein niet en daar ik in geen 2 jaar Dit document is de tweede pagina van een klachtenbrief gericht aan een directeur, waarschijnlijk van de Amsterdamse Dienst der Markten. De kern van de klacht is tweeledig:
1. Wanprestatie: De schrijver liet een grammofoon repareren door iemand die hem door marktkoopman M. Mauro was aangeraden, maar de reparatie was onvoldoende. De schrijver vindt dat hij het recht heeft de autoriteiten hierover in te lichten om anderen te waarschuwen.
2. Intimidatie: De schrijver wordt sindsdien op de markt (Waterlooplein) lastiggevallen en uitgescholden door de betreffende reparateur.

Interessant is de vermelding van een belediging aan het adres van de schrijver: "die gekken Blom". Dit suggereert dat de achternaam van de klager Blom is. De klager uit ook zijn wantrouwen jegens de marktmeester, die de klacht volgens de reparateur direct in de prullenbak ("papiermand") zou willen werpen. De brief speelt zich af op en rond het Waterlooplein in Amsterdam, een historisch belangrijke marktplaats. Gezien de spelling ("gekent", "deponeeren", "mededeeling") en de vermelding van een grammofoon, is het document waarschijnlijk te dateren in de eerste helft van de 20e eeuw (voor 1947, gezien de spelling-Marchant).

Dergelijke correspondentie geeft een inkijkje in de dagelijkse sociale dynamiek en de informele economie op de Amsterdamse markten, evenals de wijze waarop burgers trachtten verhaal te halen bij gemeentelijke instanties wanneer zij zich onrechtvaardig behandeld voelden door marktkooplui of ambachtslieden.

Samenvatting

Dit document is de tweede pagina van een klachtenbrief gericht aan een directeur, waarschijnlijk van de Amsterdamse Dienst der Markten. De kern van de klacht is tweeledig:
1. Wanprestatie: De schrijver liet een grammofoon repareren door iemand die hem door marktkoopman M. Mauro was aangeraden, maar de reparatie was onvoldoende. De schrijver vindt dat hij het recht heeft de autoriteiten hierover in te lichten om anderen te waarschuwen.
2. Intimidatie: De schrijver wordt sindsdien op de markt (Waterlooplein) lastiggevallen en uitgescholden door de betreffende reparateur.

Interessant is de vermelding van een belediging aan het adres van de schrijver: "die gekken Blom". Dit suggereert dat de achternaam van de klager Blom is. De klager uit ook zijn wantrouwen jegens de marktmeester, die de klacht volgens de reparateur direct in de prullenbak ("papiermand") zou willen werpen.

Historische Context

De brief speelt zich af op en rond het Waterlooplein in Amsterdam, een historisch belangrijke marktplaats. Gezien de spelling ("gekent", "deponeeren", "mededeeling") en de vermelding van een grammofoon, is het document waarschijnlijk te dateren in de eerste helft van de 20e eeuw (voor 1947, gezien de spelling-Marchant).

Dergelijke correspondentie geeft een inkijkje in de dagelijkse sociale dynamiek en de informele economie op de Amsterdamse markten, evenals de wijze waarop burgers trachtten verhaal te halen bij gemeentelijke instanties wanneer zij zich onrechtvaardig behandeld voelden door marktkooplui of ambachtslieden.

Locaties

Amsterdam (Waterlooplein).

Kooplieden in dit dossier 10