Archief 745
Inventaris 745-283
Pagina 202
Dossier 3
Jaar 1939
Stadsarchief

Handgeschreven brief (pagina 3 van een langer schrijven).

Origineel

Handgeschreven brief (pagina 3 van een langer schrijven). [3]

op het Waterlooplein met handel ben geweest
vermoet ik dat deze ambtenaar mij niet kent.
dus neem aan dat dit ook een praatje is en deel
u mede dat het gramaphoontje ten alle tijden
voor een van uw ambtenaren te bezichtigen is.
Dit machientje welke door mijn dochter is van de markt
gehaald, herhaal ik, is door een „ondeskundige”
koopman verknoeid. en herhaal dat dit geen
„civiele” maar een „kwestie” waar ik het recht had
u daarover in telichten.
Hoogachtend
M Blom
Ruyschstr. 55 I
p. s. U kunt bij den Hoofdcommissaris den Heer
Versteeg omtrent mijn persoon informaties in win
nen en deze heer zal verwonderd zijn dat ik een
klacht uitbreng van een collega van mij, daar ik
altijd als ik wat kon doen voor „hun” dit kwam
bepleitten bij deze heer. * Inhoud: De schrijver, M. Blom, reageert op een kwestie die is ontstaan na de aankoop van een grammofoon op de markt (Waterlooplein). Blom stelt dat het apparaat door een onkundige koopman is vernield ("verknoeid"). De brief lijkt een formeel verweer tegen een eerdere beschuldiging of een toelichting op een officieel rapport.
* Toon: De toon is beleefd doch beslist ("Hoogachtend"). Blom benadrukt zijn integriteit door te verwijzen naar zijn goede reputatie bij de hoogste politieautoriteit.
* Opmerkelijke details:
* Blom gebruikt aanhalingstekens bij woorden als "ondeskundige", "civiele", "kwestie" en "hun", wat duidt op een specifiek juridisch of ambtelijk jargon waar hij afstand van neemt of nadruk op legt.
* De schrijver noemt de ambtenaar tegen wie hij klaagt een "collega", wat suggereert dat Blom zelf ook een publieke functie bekleedde of nauw verbonden was met het politieapparaat. * Locatie: De brief verwijst naar het Waterlooplein in Amsterdam, van oudsher de plek voor de bekende vlooienmarkt. De afzender woonde in de Ruyschstraat in Amsterdam-Oost.
* Historische figuren: De vermelding van Hoofdcommissaris Versteeg duidt zeer waarschijnlijk op Hendrik Jan Versteeg, die tussen 1929 en 1945 (met een onderbreking tijdens de bezetting) en kort daarna hoofdcommissaris van de Amsterdamse politie was. Dit plaatst het document in een tijdsbestek waarin de politie nog een zeer hiërarchische en gerespecteerde rol in de samenleving speelde.
* Maatschappelijke context: In deze periode werden geschillen over handel op de markt vaak door de politie of marktmeesters beslecht. Blom probeert hier de zaak naar een hoger plan te tillen door zijn persoonlijke connecties met de korpsleiding te benadrukken om zijn gelijk te halen in wat hij ziet als een onterechte behandeling.

Samenvatting

  • Inhoud: De schrijver, M. Blom, reageert op een kwestie die is ontstaan na de aankoop van een grammofoon op de markt (Waterlooplein). Blom stelt dat het apparaat door een onkundige koopman is vernield ("verknoeid"). De brief lijkt een formeel verweer tegen een eerdere beschuldiging of een toelichting op een officieel rapport.
  • Toon: De toon is beleefd doch beslist ("Hoogachtend"). Blom benadrukt zijn integriteit door te verwijzen naar zijn goede reputatie bij de hoogste politieautoriteit.
  • Opmerkelijke details:
    • Blom gebruikt aanhalingstekens bij woorden als "ondeskundige", "civiele", "kwestie" en "hun", wat duidt op een specifiek juridisch of ambtelijk jargon waar hij afstand van neemt of nadruk op legt.
    • De schrijver noemt de ambtenaar tegen wie hij klaagt een "collega", wat suggereert dat Blom zelf ook een publieke functie bekleedde of nauw verbonden was met het politieapparaat.

Historische Context

  • Locatie: De brief verwijst naar het Waterlooplein in Amsterdam, van oudsher de plek voor de bekende vlooienmarkt. De afzender woonde in de Ruyschstraat in Amsterdam-Oost.
  • Historische figuren: De vermelding van Hoofdcommissaris Versteeg duidt zeer waarschijnlijk op Hendrik Jan Versteeg, die tussen 1929 en 1945 (met een onderbreking tijdens de bezetting) en kort daarna hoofdcommissaris van de Amsterdamse politie was. Dit plaatst het document in een tijdsbestek waarin de politie nog een zeer hiërarchische en gerespecteerde rol in de samenleving speelde.
  • Maatschappelijke context: In deze periode werden geschillen over handel op de markt vaak door de politie of marktmeesters beslecht. Blom probeert hier de zaak naar een hoger plan te tillen door zijn persoonlijke connecties met de korpsleiding te benadrukken om zijn gelijk te halen in wat hij ziet als een onterechte behandeling.

Locaties

De brief verwijst naar het **Waterlooplein** in Amsterdam van oudsher de plek voor de bekende vlooienmarkt. De afzender woonde in de **Ruyschstraat** in Amsterdam-Oost.

Kooplieden in dit dossier 10