Getypte brief met handgeschreven handtekeningen.
Origineel
Getypte brief met handgeschreven handtekeningen. 26 oktober 1914. Ambtenaren bij de Gemeentebelastingen in Algemeenen Dienst. Amsterdam, den 26sten October 1914.
Edelachtbare Heer,
Ondergeteekenden, Ambtenaren by de Gemeentebelastingen in Algemeenen Dienst, nemen hiermede beleefd de vryheid het volgende onder Uwe welwillende aandacht te brengen en te verzoeken.
Daar aan hunne werkkring eenige niet met elkander strookende werkzaamheden verbonden zyn en zy zelfs hierdoor herhaalde malen van het publiek onaangenaamheden hebben ondervonden, hebben zy zich destyds schriftelyk gewend tot den Heer Directeur der Gemeentebelastingen met beleefd verzoek hierin te willen voorzien.
Waar tot hun leedwezen op het naar hunne bescheiden meening gemotiveerd schryven niet het gewenschte resultaat is verkregen, gevoelen zy zich verplicht zich tot U te wenden, met beleefd verzoek eenige hunner in de gelegenheid te stellen, mondeling de voor hen zoo onaangename positie te mogen toelichten.
Met de meeste Hoogachtend
van UEdelachtbare,
de Dienstw. Dienaren
[Handtekeningen, onder andere:]
J. Smit
J. Th. [?] [onleesbaar]
J. Crouwel
A. L. Kabos
J. W. Wynbelt
P. J. v. d. Vlies
F. Schorel
J. Bobber
Den Heer Wethouder
van Financiën
te
A M S T E R D A M. * Doel van de brief: Het document is een formeel verzoekschrift (petitie) van een groep ambtenaren die werkzaam zijn bij de Amsterdamse Gemeentebelastingen. Zij vragen om een persoonlijk onderhoud met de wethouder omdat hun eerdere klachten bij de directie niet tot een oplossing hebben geleid.
* Kern van het probleem: De ambtenaren klagen over "niet met elkander strookende werkzaamheden". Dit suggereert een belangenverstrengeling of een onlogische combinatie van taken in hun functie, wat leidt tot conflicten met de burgers ("onaangenaamheden van het publiek").
* Toon: De toon is uiterst onderdanig en formeel, passend bij de hiërarchische verhoudingen van die tijd (gebruik van termen als "Edelachtbare", "bescheiden meening", "Dienstwillige Dienaren").
* Schrijfwijze: Er wordt gebruikgemaakt van de destijds gangbare spelling, waarbij de 'ij' vaak als 'y' werd geschreven (vryheid, zyn, destyds). * Historische periode: De brief is gedateerd op 26 oktober 1914. Dit is kort na het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog. Hoewel Nederland neutraal was, zorgde de mobilisatie en de vluchtelingenstroom voor grote druk op het ambtelijk apparaat en de gemeentelijke financiën.
* Bestuurlijke context: In het begin van de 20e eeuw was de verhouding tussen ambtenaren en hun superieuren strikt hiërarchisch. Dat een groep ambtenaren de directeur passeert om zich direct tot de wethouder te wenden, duidt op een hoog opgelopen conflict of een ernstig gevoel van onmacht over de werksituatie.
* Rechtsbescherming: In 1914 was er nog geen sprake van moderne ambtenarenwetgeving of vakbonden zoals we die nu kennen. Het indienen van een gezamenlijk verzoekschrift was een van de weinige manieren om collectieve grieven onder de aandacht van het bestuur te brengen. F. Schorel J. Bobber J. Crouwel J. Smit J. Th J. v. d. Vlies L. Kabos W. Wynbelt