Archief 745
Inventaris 745-283
Pagina 263
Dossier 29
Jaar 1939
Stadsarchief

Officiële brief/correspondentie (doorslag).

20 september 1939. Van: De Directeur (vermoedelijk van de Dienst der Markten of een vergelijkbare gemeentelijke instantie in Amsterdam). Bovenaan staat een handgeschreven notitie: "Res. M. de Boer." Aan: Mej. F. à Cathan, Tilanusstraat 79, Amsterdam-Oost (Wijk 11).

Origineel

Officiële brief/correspondentie (doorslag). 20 september 1939. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst der Markten of een vergelijkbare gemeentelijke instantie in Amsterdam). Bovenaan staat een handgeschreven notitie: "Res. M. de Boer." Mej. F. à Cathan, Tilanusstraat 79, Amsterdam-Oost (Wijk 11). Res. M. de Boer.

vP/HG.

30/15/6 M.

Verzonden 21/9 -'39

20 September 1939.

Mej. F. à Cathan,
Tilanusstraat 79,
Amsterdam-Oost.
Wijk 11.

Naar aanleiding van Uw brief ingekomen op 16 dezer bericht ik U, dat ook Uw herhaald verzoek om de marktplaats van wijlen Uw vader op het Waterlooplein te mogen behouden niet voor inwilliging in aanmerking kan komen.

De Directeur, Deze brief is een formele afwijzing van een verzoek. Mejuffrouw F. à Cathan heeft de gemeente verzocht om de marktvergunning (de standplaats) van haar overleden vader op het Waterlooplein over te mogen nemen. Uit de formulering "ook Uw herhaald verzoek" blijkt dat dit niet de eerste keer is dat zij dit verzoek indient en dat eerdere verzoeken eveneens zijn afgewezen. De nadrukkelijke onderstreping van het woord "niet" onderstreept de definitieve aard van de beslissing.

De brief is opgesteld in een zeer zakelijke en afstandelijke ambtelijke stijl, kenmerkend voor de vooroorlogse bureaucratie. Het document dateert van september 1939, kort na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog (de inval van Duitsland in Polen was op 1 september). Hoewel de brief een reguliere ambtelijke afhandeling lijkt van marktvergunningen, is de locatie veelzeggend: het Waterlooplein was van oudsher het centrum van de Joodse handel en markt in Amsterdam.

De naam "à Cathan" en het adres in de Tilanusstraat (gelegen in de Oosterparkbuurt, destijds een wijk met een aanzienlijke Joodse populatie) duiden op een Joodse achtergrond van de aanvrager. In deze periode waren de regels voor het overnemen van marktplaatsen na het overlijden van een vergunninghouder streng. Vaak verviel de plek aan de gemeente om opnieuw uitgegeven te worden, wat voor nabestaanden die afhankelijk waren van de handel voor hun inkomen grote financiële gevolgen had. Hoewel de grootschalige anti-Joodse maatregelen van de bezetter pas na mei 1940 begonnen, laat dit document zien hoe individuen al voor de bezetting te maken hadden met rigide bureaucratie bij het proberen te behouden van hun middelen van bestaan. M.

Samenvatting

Deze brief is een formele afwijzing van een verzoek. Mejuffrouw F. à Cathan heeft de gemeente verzocht om de marktvergunning (de standplaats) van haar overleden vader op het Waterlooplein over te mogen nemen. Uit de formulering "ook Uw herhaald verzoek" blijkt dat dit niet de eerste keer is dat zij dit verzoek indient en dat eerdere verzoeken eveneens zijn afgewezen. De nadrukkelijke onderstreping van het woord "niet" onderstreept de definitieve aard van de beslissing.

De brief is opgesteld in een zeer zakelijke en afstandelijke ambtelijke stijl, kenmerkend voor de vooroorlogse bureaucratie.

Historische Context

Het document dateert van september 1939, kort na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog (de inval van Duitsland in Polen was op 1 september). Hoewel de brief een reguliere ambtelijke afhandeling lijkt van marktvergunningen, is de locatie veelzeggend: het Waterlooplein was van oudsher het centrum van de Joodse handel en markt in Amsterdam.

De naam "à Cathan" en het adres in de Tilanusstraat (gelegen in de Oosterparkbuurt, destijds een wijk met een aanzienlijke Joodse populatie) duiden op een Joodse achtergrond van de aanvrager. In deze periode waren de regels voor het overnemen van marktplaatsen na het overlijden van een vergunninghouder streng. Vaak verviel de plek aan de gemeente om opnieuw uitgegeven te worden, wat voor nabestaanden die afhankelijk waren van de handel voor hun inkomen grote financiële gevolgen had. Hoewel de grootschalige anti-Joodse maatregelen van de bezetter pas na mei 1940 begonnen, laat dit document zien hoe individuen al voor de bezetting te maken hadden met rigide bureaucratie bij het proberen te behouden van hun middelen van bestaan.

Genoemde Personen 1

M.

Locaties

Waterlooplein

Producten

A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Duitsland/Oosten Jodenster/Maatregelen

Kooplieden in dit dossier 10