Officiële waarschuwingsbrief van een gemeentelijke instantie.
Origineel
Officiële waarschuwingsbrief van een gemeentelijke instantie. 16 februari 1939. Marktwezen Amsterdam HG. (gevestigd aan de Jan van Galenstraat 14). Den Heer M. Colmans, Blasiusstraat 42 II, Amsterdam-Oost (Wijk 11). [Briefhoofd met logo van Amsterdam: drie Andreaskruisen geflankeerd door leeuwen]
MARKTWEZEN AMSTERDAM HG.
TELEFOONNUMMER 85151
VERZOEKE BIJ BEANTWOORDING DATUM EN NUMMER TE VERMELDEN
No. 30/17/3 M.
BIJLAGE _
ONDERWERP: _____
[Handgeschreven:] verzonden 16/2
AMSTERDAM (W.) 16 Februari 1939.
JAN VAN GALENSTRAAT 14
AAN den Heer M. Colmans,
Blasiusstraat 42 II,
Amsterdam-Oost.
Wijk 11.
Aangezien U gedurende langer dan drie weken in gebreke is gebleven, om het marktgeld, verschuldigd voor Uw plaats op de markt Waterlooplein te betalen, waarschuw ik U hierbij, dat U alsnog vóór 18 Februari a.s. aan Uw verplichting moet voldoen.
Ik wijs U er met nadruk op, dat, indien U langer in gebreke blijft, de U verleende vaste plaats, ingevolge artikel 11 van het Reglement op de Markten, met ingang van 20 Februari a.s. onherroepelijk wordt ingetrokken.
Indien een geldige reden U verhindert, om aan Uw verplichtingen te voldoen (bijvoorbeeld omdat U steun geniet; in een ziekenhuis wordt verpleegd, enz.) dient U onmiddellijk mijn dienst hiervan in kennis te stellen, omdat dan kan worden voorkomen, dat de intrekking plaatsvindt.
De Directeur,
[Onderaan links:] A.Z. MODEL NO. 8. 10.000-6-'38-1633.
--- Deze brief is een dwingende betalingsherinnering annex waarschuwing van de gemeente Amsterdam aan een marktkoopman. De kernboodschap is dat de heer Colmans een betalingsachterstand heeft van meer dan drie weken voor zijn standplaats op de Waterloopleinmarkt.
De toon is formeel en dreigend: er wordt direct verwezen naar de regelgeving (artikel 11 van het Reglement op de Markten) en er wordt een harde deadline gesteld. Als er niet binnen twee dagen (vóór 18 februari) wordt betaald, wordt de standplaats twee dagen daarna (20 februari) definitief ingetrokken. De brief biedt wel een ontsnappingsclausule voor mensen in acute sociale of medische nood (zoals het ontvangen van 'steun' of ziekenhuisopname), mits dit direct gemeld wordt. Dit getuigt van de bureaucratische structuur van die tijd, waarbij strenge handhaving gecombineerd werd met sociale voorzieningen.
--- De brief dateert van februari 1939, een cruciaal historisch moment vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De locatie van de standplaats, het Waterlooplein, was van oudsher het hart van de Joodse buurt in Amsterdam en de markt was een centrale plek voor de Joodse gemeenschap.
Veel marktkooplieden op het Waterlooplein waren Joods. Het adres van de ontvanger, de Blasiusstraat in Amsterdam-Oost, lag in een buurt waar in die tijd eveneens veel Joodse Amsterdammers woonden. De vermelding van "steun genieten" (een vroege vorm van sociale bijstand) in de brief verwijst naar de economische nasleep van de crisis van de jaren '30, waarbij veel kleine zelfstandigen en arbeiders moeite hadden om rond te komen.
Administratief gezien is het interessant dat het kantoor van het Marktwezen was gevestigd aan de Jan van Galenstraat 14, de plek van de toen relatief nieuwe Centrale Markthallen (geopend in 1934), van waaruit de Amsterdamse markthandel centraal werd beheerd.