Officieel afschrift van een vergunning (besluit van Burgemeester en Wethouders).
Origineel
Officieel afschrift van een vergunning (besluit van Burgemeester en Wethouders). [Bovenaan het document, handgeschreven/gestempeld:]
№ 39/8/26 M. 1939 3/5
M. Müller [handtekening]
No. 5/215 L.M. 1939.
Afschrift.
[Hoofdtekst:]
Burgemeester en Wethouders van Amsterdam;
Gezien een adres van Samson Vrachtdoender, wonende Weesperstraat 12 I, waarbij vergunning wordt verzocht tot het innemen eener standplaats met een handkar ten verkoop van versche visch, op den openbaren weg;
Geven adressant te kennen, dat hem met ingang van 1 Mei 1939, tot wederopzeggens toe, wordt toegestaan een standplaats in te nemen met een handkar ten verkoop van versche visch, op den openbaren weg, de Nieuwe Prinsengracht op het niet verhoogde voetpad aan den huizenkant, voor perceel Nieuwe Prinsengracht 63, om daarvan dagelijks, behalve des Zaterdags, aanvangende te 8 uur v.m., gebruik te maken, gedurende de tijden, waarop het venten met genoemd artikel, volgens de Verordening op de Winkelsluiting is toegestaan;
en voorts onder de volgende voorwaarden:
a. het verschuldigde standplaatsgeld moet bij vooruitbetaling worden voldaan;
b. de vergunninghouder mag alleen persoonlijk van deze vergunning gebruik maken;
c. boven de kar mag zich niets anders bevinden dan een zeil of een andere bedekking van een afmeting niet grooter dan de oppervlakte van de kar, welke bedekking alleen aan de kar en niet, op welke wijze ook, aan de straat of anderszins mag worden vastgemaakt;
d. aan de kar mag zich geen omheining bevinden, hetzij van zeildoek, hetzij van getimmerte, zoodat het uitzicht boven, onder en langs de kar naar alle zijden vrij blijve;
e. onder de kar of in de onmiddellijke nabijheid daarvan, mogen zich geen voorwerpen bevinden van welken aard ook;
f. de straat onder en in de nabijheid van de kar moet rein blijven;
g. de verpakking, bewaring, behandeling en het vervoer mag uitsluitend geschieden op zindelijke wijze en zoodanig, dat verontreiniging voldoende wordt voorkomen;
h. de verpakking van eetwaren mag niet geschieden in papier, dat reeds voor andere doeleinden is gebruikt;
i. de vergunninghouder moet op de eerste aanzegging der Politie de aangewezen plaats ontruimen, indien dit in het belang van de openbare orde of van het openbaar verkeer, door deze noodig wordt geoordeeld, zullende de weder ingebruikneming niet mogen geschieden, dan met haar toestemming, terwijl alle overige aanwijzingen door haar te geven, stipt moeten worden nageleefd;
[Onderaan, handgeschreven:]
uitgeg 28/4 '39. * Administratieve nauwkeurigheid: Het document is een "Afschrift", wat betekent dat het origineel in het gemeentearchief bleef en dit exemplaar aan de aanvrager of een betrokken instantie werd verstrekt. De rode onderstrepingen (bij "handkar", "dagelijks", "behalve des Zaterdags") wijzen op de belangrijkste beperkingen van de vergunning.
* Locatie en logistiek: De standplaats is zeer specifiek gedefinieerd: Nieuwe Prinsengracht 63, op het "niet verhoogde voetpad". Dit duidt op een zorgvuldige regulering van de openbare ruimte om de doorgang voor voetgangers niet te belemmeren.
* Hygiëne en orde: De voorwaarden (g en h) weerspiegelen de toenmalige zorgen om de volksgezondheid. Het verbod op het gebruik van "oud papier" (zoals kranten) voor de verpakking van vis was een belangrijke hygiënische maatregel.
* Sociale controle: De voorwaarde dat de vergunninghouder "alleen persoonlijk" gebruik mag maken van de vergunning (punt b) voorkwam onderverhuur of de handel in standplaatsen. Dit document biedt een inkijkje in het straatbeeld van Amsterdam vlak voor de Tweede Wereldoorlog. De aanvrager, Samson Vrachtdoender, woonde in de Weesperstraat, het hart van de toenmalige Joodse buurt. Dat hij "behalve des Zaterdags" (de Sabbat) geen gebruik mocht maken van de standplaats, sluit aan bij de religieuze gebruiken van de buurt, hoewel het hier mogelijk ook een gemeentelijke verordening betrof.
De achternaam Vrachtdoender is een typisch Amsterdamse, Joodse naam. Onderzoek in oorlogsarchieven bevestigt dat Samson Vrachtdoender (geboren in 1894) en zijn gezin de Holocaust niet hebben overleefd; hij werd in 1943 in Sobibor vermoord. Dit geeft dit schijnbaar alledaagse bureaucratische document een tragische historische lading: het toont de laatste pogingen van een burger om in zijn levensonderhoud te voorzien kort voordat de Duitse bezetting de Joodse economische activiteiten volledig onmogelijk zou maken. Gemeente Amsterdam Politie