Archief 745
Inventaris 745-267
Pagina 177
Dossier 100
Jaar 1939
Stadsarchief

Gedrukte tekst, waarschijnlijk uit een economisch rapport of een wetenschappelijke verhandeling over landbouw en handel.

Origineel

Gedrukte tekst, waarschijnlijk uit een economisch rapport of een wetenschappelijke verhandeling over landbouw en handel. (Pagina 12)

versch fruit is dit van sappen of in eenigerlei vorm geconserveerd fruit vrij belangrijk toegenomen. Het is ook wel duidelijk, dat de crisisjaren den kooplust van het publiek niet deden toenemen. De vraag is nu, of er, indien de bestaande markten niet te ontwikkelen zijn, nieuwe markten kunnen geopend worden ?
Een detailstudie door de Empire Marketing Board verricht ³) gaf als resultaat, behalve de voorkeur van het publiek voor een bepaalde type, de opeenhooping van het fruit in de aanvoerhavens en de directe omgeving hiervan. Ook Nederland vertoont dit opvallende beeld.
Zoo is het verbruik per hoofd per jaar in 1937 op 26 stuks becijferd, terwijl dit getal voor Amsterdam, (Dr. A. van der Laan, Aanvoer op de Centrale Markt te Amsterdam Zomer- en Exportnummer „Centraal Orgaan" Uitgevers-Mij „C. Misset" N.V. (Doetinchem,) zonder datum) 75 bedroeg.
Van een betere distributie mag zeker nog een toename der afzet worden verwacht. Op het platte land zal de sinaasappel echter niet zóó gemakkelijk geplaatst kunnen worden, omdat hier geconcurreerd zou moeten worden tegen plaatselijk geproduceerd fruit, hetgeen zeer moeilijk is.
Talrijke kleine steden zijn echter zeker nog niet aan de grens van haar opnamevermogen gekomen. Bovendien betreffen al deze beschouwingen, landen welke reeds sinds meerdere jaren koopers van citrusfruit zijn. De vele beperkende bepalingen in het geldverkeer en de contigenteeringen hebben vele landen tot zeer onpleizierige klanten gemaakt, waarmede de afwikkeling van het financieele deel der transacties zeer moeilijk, ja, soms onmogelijk is.
Wanneer te eeniger tijd deze landen weer in het normale verkeer zullen terugkeeren, mag zeker een sterke opleving van dezen handel verwacht worden. Duitschland begon een sterke kooper te worden, komt nu echter nog na Zweden, Noorwegen en Frankrijk. Ook Frankrijk vertoont sinds 1934 een achteruitgaande tendentie door contigenteering. De gebieden welke nu ook Duitsch werden en welke ook zelve reeds deviezenmoeilijkheden hadden, zijn nu als kooper in een nog moeilijker situatie gekomen. Dit geldt ook voor de meeste Balkanlanden. Rusland, dat vóór 1914 een voortdurend stijgende neiging vertoonde, sinaasappels te koopen, is reeds meer dan twintig jaren geen kooper meer. Een niet onaardige handel welke zich in Shanghai en Hongkong begon te ontwikkelen, is nu, voorloopig, beëindigd. Wanneer deze markten weer in het normale verkeer zullen terugkeeren is niet te voorspellen, thans kan men hiermede geen rekening houden, hoewel de ontwikkeling van boomcultures lang genoeg duurt, om politieke veranderingen te mogen verwachten, gedurende dien tijd.

(Pagina 13)

13

Thans rijst echter de vraag : heeft een ontwikkeling van een Surinaamsche citruscultuur dan nog wel kans van slagen ? Gelukkig, kan ik hierin een wat optimistischer geluid laten hooren.
Immers, de voorafgaande beschouwing besprak gemiddelden van landen en jaren, welke hoewel op zich zelve van belang, toch in ons speciale geval min of meer misleidend waren. Want wij hebbben allereerst rekening te houden met den tijd waarin Suriname kan leveren. Hoewel Suriname nog juist beoosten den evenaar ligt, wordt toch het meerendeel van het fruit rijp in de maanden waarin ook het Zuidelijk halfrond de markt van fruit voorziet. We hebben ons dus allereerst te spiegelen aan de handelstoestanden, welke heerschen in de Europeesche zomermaanden, de tijd, waarin wij het meerendeel van het fruit leveren.
Weliswaar valt de oogst in Suriname niet uitsluitend in die maanden en kunnen er zelfs aanmerkelijke verschuivingen optreden. Maar ook v. d. Veer, ¹⁶) die speciaal zijn aandacht aan dit verschijnsel besteedde, spreekt over „de gewoonlijk weinig naar voren komende bloei-concentratie in Mei of Juni" (pag 13), waaruit blijkt, dat, hoe duidelijk deze verschuiving in sommige jaren ook moge zijn, deze „gewoonlijk" weinig naar voren komt.
Hoe zijn nu handel en consumptie in de zomermaanden ?
Uit tabel 4 blijkt, dat de hoofdproducenten gedurende deze maanden zijn : De Vereenigde Staten, Brazilië, Zuid-Afrika en Zuid Rhodesia. De vereenigde Staten leveren hun maximum gedurende Juni, Juli en Augustus, Brazilië gedurende Juni, Juli, Augustus en September, Zuid-Afrika en Zuid-Rhodesia gedurende Juli, Augustus, September en October. De leverantiemaanden van Suriname in normale jaren liggen ongeveer in Augustus, September en October, d.w.z. het staat in concurrentie met alle vier der genoemde gebieden. [Noot: deze zin is in het origineel rood onderstreept].
De enorme oogst van de Vereenigde Staten blijft in hoofdzaak in het land zelve, waar een ruim afzetgebied hiervoor bestaat. Het hoofddeel echter van hun export naar Engeland valt in de zomermaanden. In 1936 verscheepten de Vereenigde Staten in totaal 715000 kisten naar Engeland, hiervan arriveerden 575000 van Mei tot en met October ¹⁸ (pag. 37) Hoewel dit een zeer belangrijk percentage is van het geëxporteerde kistenaantal uit dit land, voor de consumptie van Engeland in deze hoeveelheid niet van overwegend belang. Het jaar daarvoor, 1935, waren deze cijfers resp. 1.835.000 en 1.588.000 ; Brazilië met een totaal import in 1935 in Engeland van 1.736.000 kisten leverde in die maanden 1.522.000 en Zuid-Afrika en Zuid-Rhodesia leverden toen van de 2.634.000 kisten 1.812.000.
Van de in 1935 in Engeland geïmporteerde rond 20.000000 kisten werden dus rond 5.000000 gedurende de zomermaanden De tekst biedt een diepgaande economische analyse van de citrusmarkt in de late jaren dertig, met een specifieke focus op de exportmogelijkheden voor Suriname.
* Marktbarrières: Op pagina 12 wordt de negatieve invloed van de economische crisis, handelsbeperkingen (zoals contingenteringen) en politieke onrust (Rusland, China) beschreven. De auteur merkt op dat de consumptie in steden veel hoger is dan op het platteland, waar men de voorkeur geeft aan lokaal fruit.
* Concurrentiepositie: Op pagina 13 wordt de kernvraag gesteld of de Surinaamse citrusteelt kans van slagen heeft. De auteur analyseert de oogstperiodes en concludeert dat Suriname citrus levert in de maanden augustus tot oktober. Dit brengt het land in directe concurrentie met grote spelers als de VS, Brazilië en Zuid-Afrika op de Britse markt.
* Kwantitatieve data: Er worden gedetailleerde exportcijfers naar Engeland genoemd (in aantallen kisten), wat wijst op een feitelijke onderbouwing van het marktadvies.
* Interventie: De rode onderstreping op pagina 13 benadrukt de strategische uitdaging: de overlap in leveringstijd met alle grote concurrenten. Dit document is geschreven in een tijd waarin Nederland zocht naar mogelijkheden om de economie van Suriname te versterken door middel van landbouwexport. De citrusteelt (voornamelijk sinaasappels en grapefruit) werd destijds gezien als een veelbelovende sector. De tekst illustreert de complexiteit van de internationale handel in de jaren voor de Tweede Wereldoorlog, waarbij protectionisme en deviezenmoeilijkheden de marktwerking verstoorden. Het gebruik van bronnen zoals de 'Empire Marketing Board' toont aan hoe nauw de Nederlandse koloniale handel verbonden was met de mondiale economische structuren van het Britse Rijk.

Samenvatting

De tekst biedt een diepgaande economische analyse van de citrusmarkt in de late jaren dertig, met een specifieke focus op de exportmogelijkheden voor Suriname.
* Marktbarrières: Op pagina 12 wordt de negatieve invloed van de economische crisis, handelsbeperkingen (zoals contingenteringen) en politieke onrust (Rusland, China) beschreven. De auteur merkt op dat de consumptie in steden veel hoger is dan op het platteland, waar men de voorkeur geeft aan lokaal fruit.
* Concurrentiepositie: Op pagina 13 wordt de kernvraag gesteld of de Surinaamse citrusteelt kans van slagen heeft. De auteur analyseert de oogstperiodes en concludeert dat Suriname citrus levert in de maanden augustus tot oktober. Dit brengt het land in directe concurrentie met grote spelers als de VS, Brazilië en Zuid-Afrika op de Britse markt.
* Kwantitatieve data: Er worden gedetailleerde exportcijfers naar Engeland genoemd (in aantallen kisten), wat wijst op een feitelijke onderbouwing van het marktadvies.
* Interventie: De rode onderstreping op pagina 13 benadrukt de strategische uitdaging: de overlap in leveringstijd met alle grote concurrenten.

Historische Context

Dit document is geschreven in een tijd waarin Nederland zocht naar mogelijkheden om de economie van Suriname te versterken door middel van landbouwexport. De citrusteelt (voornamelijk sinaasappels en grapefruit) werd destijds gezien als een veelbelovende sector. De tekst illustreert de complexiteit van de internationale handel in de jaren voor de Tweede Wereldoorlog, waarbij protectionisme en deviezenmoeilijkheden de marktwerking verstoorden. Het gebruik van bronnen zoals de 'Empire Marketing Board' toont aan hoe nauw de Nederlandse koloniale handel verbonden was met de mondiale economische structuren van het Britse Rijk.

Kooplieden in dit dossier 33

K. Kol 761
Bij invoer
Bij invoer
Bij invoer
Bij invoer
M. Reinders 10676
Gr. Brittannië
Januari 1937 -
J. Hartgers 1225.-
Uitgaven tot fob. 950.-
N. Afrika
Vereenigde Staten 1936-'37
Vereenigde Staten 5.9%
V. Amerika 72.766
S.V. 14544
Alle 33 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 4