Archief 745
Inventaris 745-348
Pagina 186
Jaar 1941
Document
Stadsarchief

Officiële brief/ambtelijk schrijven.

Koopliedenlijst 18 maart 1941. Onbekend nvt 8 persoonsregels
8 eerst tonen

Personen op deze lijst

De parser heeft deze regels uit de scan gehaald. Gekoppelde personen linken door naar hun dossier.

Dapperstraat Lindengracht Waterlooplein
8 zekerder

Eerst de regels met de sterkste parse-signalen en zonder duidelijke transcriptiewaarschuwing.

# Naam Adres Markt Product Zekerheid Bronregel
1 M. Markus Hemonystraat 52 I Waterlooplein 80% | M. Markus | Hemonystraat 52 I | Waterlooplein | f 17,40 |
2 I. Blitz Waterlooplein 57 I Dapperstraat 80% | I. Blitz | Waterlooplein 57 I | Dapperstraat | " 8,40 |
3 J. Schoonewolf Rechtboomsloot 85 " 68% | J. Schoonewolf | Rechtboomsloot 85 | " | " 8,40 |
4 H. Winnik Muiderstraat 23 hs " 80% | H. Winnik | Muiderstraat 23 hs | " | " 8,40 |
5 J.F. Kemper Lauriergracht 98 II " 80% | J.F. Kemper | Lauriergracht 98 II | " | " 8,40 |
6 L. Winnik Waterlooplein 49 hs " 80% | L. Winnik | Waterlooplein 49 hs | " | " 8,40 |
7 J. Hijman Smitsstraat 19 hs " 80% | J. Hijman | Smitsstraat 19 hs | " | " 8,40 |
8 G.J. Vos J.v.Lennepstr. 143 hs Lindengracht 80% | G.J. Vos | J.v.Lennepstr. 143 hs | Lindengracht | " 17,40 |

Transcriptie

Officiële brief/ambtelijk schrijven. 18 maart 1941. Marktwezen Amsterdam (D/HG). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Amsterdam. MARKTWEZEN AMSTERDAM D/HG.
TELEFOONNUMMER 85151
VERZOEKE BIJ BEANTWOORDING DATUM EN NUMMER TE VERMELDEN
No. 20/13/1 M.
BIJLAGE n 2
ONDERWERP: Restitutie marktgeld in verband met nieuw artikel 16 Reglement op de Markten.

AMSTERDAM (W.) 18 Maart 1941.
JAN VAN GALENSTRAAT 14

AAN den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, A l h i e r .

Onder terugzending van de met Uw kantbrieven d.d. 10 en 17 Februari jl. om advies ontvangen stukken no. 54/1 L.M.1941 en 229 L.M.1941 heb ik de eer U te berichten, dat met ingang van 1 Februari jl. een aanvulling en wijziging van het Reglement op de Markten in werking is getreden; artikel 16 eerste lid van dit Reglement bepaalt vanaf dezen datum onder andere, dat een zelfde persoon ten hoogste over een vaste plaats op een algemeene dagmarkt kan beschikken. Een aantal marktkooplieden, die meer dan één vaste plaats op een algemeene dagmarkt bezetten, hebben derhalve met ingang van 10 Februari voor deze plaatsen moeten bedanken. Een achttal van deze kooplieden hebben, krachtens de artikelen 16 en 17 van de Verordening op de heffing van markt-, standplaats- en ventgelden, het verschuldigde marktgeld op 1 Januari jl. bij vooruitbetaling voor het eerste halfjaar van 1941 betaald; zij hebben mij verzocht hun restitutie van teveel betaald marktgeld te verleenen. Ik acht dit verzoek billijk en heb mitsdien de eer U beleefd te verzoeken wel te willen bevorderen, dat bij besluit van den Regeeringscommissaris, ingevolge artikel 36 van de Verordening op de heffing van markt-, standplaats- en ventgelden aan [doorstreept: onderstaande] personen op gronden van billijkheid restitutie van reeds betaald marktgeld wordt verleend tot een bedrag, zooals achter ieders naam is vermeld.

[Handgeschreven in de linker kantlijn:]
de, op bijgaande staat, vermelde

De Directeur,

Naam Adres Markt Bedrag
M. Markus Hemonystraat 52 I Waterlooplein f 17,40
I. Blitz Waterlooplein 57 I Dapperstraat " 8,40
J. Schoonewolf Rechtboomsloot 85 " " 8,40
H. Winnik Muiderstraat 23 hs " " 8,40
J.F. Kemper Lauriergracht 98 II " " 8,40
L. Winnik Waterlooplein 49 hs " " 8,40
J. Hijman Smitsstraat 19 hs " " 8,40
G.J. Vos J.v.Lennepstr. 143 hs Lindengracht " 17,40

A.Z. MODEL NO. 8. 10.000-9-'39-526. * Inhoud: De directeur van het Marktwezen adviseert de wethouder om over te gaan tot terugbetaling (restitutie) van marktgeld aan acht specifieke marktkooplieden. De reden is een wetswijziging per 1 februari 1941, waarbij een koopman nog maar één vaste plek op de markt mocht bezetten. Omdat deze kooplieden hun standgeld voor het hele eerste halfjaar van 1941 al vooruit hadden betaald, hebben zij recht op teruggave voor de plekken die zij gedwongen moesten opgeven.
* Taalgebruik: Formeel, ambtelijk Nederlands ("heb ik de eer U te berichten", "mitsdien de eer U beleefd te verzoeken").
* Correcties: Er is een handgeschreven correctie aangebracht. In de getypte tekst is "onderstaande" doorgestreept en in de kantlijn is toegevoegd: "de, op bijgaande staat, vermelde". Dit is waarschijnlijk gedaan omdat de lijst met namen onderaan de brief technisch gezien als een 'staat' of bijlage wordt beschouwd.
* Administratieve context: De brief verwijst naar de "Regeeringscommissaris". Dit duidt op de bestuurlijke situatie in Amsterdam tijdens de bezetting; na de Februaristaking van 1941 werd de gemeenteraad ontbonden en werd een regeringscommissaris (Edward Voûte) aangesteld door de Duitse bezetter. Dit document is gedateerd op 18 maart 1941, minder dan een maand na de Februaristaking. Het weerspiegelt de bureaucratische werkelijkheid in bezet Amsterdam. Hoewel de brief gaat over een schijnbaar technische wijziging in het marktreglement (het beperken van het aantal standplaatsen per persoon), is de historische context beladen.

Onder de genoemde namen (zoals Blitz, Winnik, Hijman, Markus) bevinden zich veel Joodse Amsterdammers. In deze periode van 1941 nam de druk op Joodse marktkooplieden snel toe door anti-Joodse maatregelen van de bezetter. Kort na deze brief, in de loop van 1941, zouden Joodse kooplieden volledig worden geweerd van de reguliere markten en verbannen worden naar specifieke 'Joodse markten', alvorens zij geheel uit het economische leven werden verdrongen. De "billijkheid" waar de directeur over spreekt, is een ambtelijke rechtvaardiging voor een financiële afhandeling te midden van een proces van uitsluiting en onteigening.

Samenvatting

  • Inhoud: De directeur van het Marktwezen adviseert de wethouder om over te gaan tot terugbetaling (restitutie) van marktgeld aan acht specifieke marktkooplieden. De reden is een wetswijziging per 1 februari 1941, waarbij een koopman nog maar één vaste plek op de markt mocht bezetten. Omdat deze kooplieden hun standgeld voor het hele eerste halfjaar van 1941 al vooruit hadden betaald, hebben zij recht op teruggave voor de plekken die zij gedwongen moesten opgeven.
  • Taalgebruik: Formeel, ambtelijk Nederlands ("heb ik de eer U te berichten", "mitsdien de eer U beleefd te verzoeken").
  • Correcties: Er is een handgeschreven correctie aangebracht. In de getypte tekst is "onderstaande" doorgestreept en in de kantlijn is toegevoegd: "de, op bijgaande staat, vermelde". Dit is waarschijnlijk gedaan omdat de lijst met namen onderaan de brief technisch gezien als een 'staat' of bijlage wordt beschouwd.
  • Administratieve context: De brief verwijst naar de "Regeeringscommissaris". Dit duidt op de bestuurlijke situatie in Amsterdam tijdens de bezetting; na de Februaristaking van 1941 werd de gemeenteraad ontbonden en werd een regeringscommissaris (Edward Voûte) aangesteld door de Duitse bezetter.

Historische context

Dit document is gedateerd op 18 maart 1941, minder dan een maand na de Februaristaking. Het weerspiegelt de bureaucratische werkelijkheid in bezet Amsterdam. Hoewel de brief gaat over een schijnbaar technische wijziging in het marktreglement (het beperken van het aantal standplaatsen per persoon), is de historische context beladen.

Onder de genoemde namen (zoals Blitz, Winnik, Hijman, Markus) bevinden zich veel Joodse Amsterdammers. In deze periode van 1941 nam de druk op Joodse marktkooplieden snel toe door anti-Joodse maatregelen van de bezetter. Kort na deze brief, in de loop van 1941, zouden Joodse kooplieden volledig worden geweerd van de reguliere markten en verbannen worden naar specifieke 'Joodse markten', alvorens zij geheel uit het economische leven werden verdrongen. De "billijkheid" waar de directeur over spreekt, is een ambtelijke rechtvaardiging voor een financiële afhandeling te midden van een proces van uitsluiting en onteigening.

Metadata

TypeOfficiële brief/ambtelijk schrijven.
Lijsttypekoopliedenlijst
Scopemarkt
Schriftonbekend
Handschriftnvt
Confidence90%