A. Bertelkamp
Bekijk Verhaal ➔AI-Synthese 33
A. Bertelkamp was een marktkoopman actief in Amsterdam op de Lindengracht, Westerstraat en Ten Katestraat. Hij verkocht uien en appelen. In november 1943 werd hij samen met M. Bogaerts aangeklaagd voor het verkopen van deze producten boven de wettelijke maximumprijs. Eind 1943 kreeg hij een officiële sanctie: een schorsing van 14 dagen wegens het verkopen van uien tegen een te hoge prijs in december 1943. Hij was ook vermeld in een lijst van kooplieden die eind 1943 het minimum aantal klanten niet hadden gehaald. Een voorrangskaart voor mevrouw Bertelkamp-Blank werd in 1944 verzonden.
Lotgevallen
Relaties
Handel
Archiefdocumenten
Officiële kennisgeving/strafbeschikking (doorslag van een getypte brief).
Deze brief is een officiële sanctie gericht aan een markthandelaar, de heer A. Bertelkamp. De reden voor de straf is prijsopdrijving: hij heeft uien verkocht tegen een prijs die hoger lag dan de officieel vastgestelde prijs. De opgelegde sanctie is tweeledig: 1. **Directe schorsing:** Een verbod van 14 dagen (van 9 tot 22 december 1943) om op enige markt in de stad Amsterdam te staan. 2. **Mogelijke vervolgstraf:** De zaak wordt voorgelegd aan de Burgemeester om te bepalen of de handelaar voor een langere periode (of permanent) moet worden uitgesloten van de markten. De toon is zakelijk, streng en formeel, typerend voor bestuurlijke correspondentie in die tijd. Het juridische kader wordt expliciet benoemd (artikel 39 van het Reglement op de Markten).
Doorslag van een ambtelijke brief/rapportage betreffende markttoezicht.
Dit document is een ambtelijk schrijven uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland. De essentie van de brief is de rapportage van prijsbeheersing-overtredingen door twee specifieke marktkooplieden: A. Bertelkamp en M. Bogaerts. Zij zijn op 30 november 1943 gerapporteerd voor het verkopen van basisvoedsel (uien en appelen) boven de wettelijk vastgestelde maximumprijs. De directeur van de betreffende dienst heeft reeds een disciplinaire maatregel getroffen (een marktverbod van 14 dagen), maar acht dit onvoldoende. Hij verzoekt de wethouder om via een officieel besluit van de burgemeester een permanente uitsluiting ("voor onbepaalden tijd") van de markten te bewerkstelligen. Dit verzoek is gebaseerd op artikel 39 van het toenmalige Marktreglement. De toon is uiterst formeel en bureaucratisch, kenmerkend voor de overheidscultuur van die tijd, waarin de nadruk lag op strikte naleving van de distributieregels.
Handgeschreven lijst van marktkooplieden.
Het document is een administratieve lijst, opgesteld door een controleur genaamd De Grebber eind 1943. De lijst bevat namen van marktkooplieden die werkzaam waren op de Lindengracht, Westerstraat en Ten Katestraat in Amsterdam. Opvallende kenmerken: * **C.B.M.:** De afkorting staat voor het Centraal Bureau voor het Marktwezen. Dit bureau hield toezicht op de markten en de verdeling van standplaatsen. * **Klantenbinding:** De kern van het document is dat deze kooplieden het "minimum aantal klanten voor de klantenbinding" niet hebben gehaald. Tijdens de bezetting was klantenbinding een officieel systeem waarbij consumenten zich bij specifieke winkeliers of marktkooplieden moesten registreren voor de distributie van schaarse goederen (zoals boter, vlees of textiel). * **Status:** Ondanks dat ze de quota niet haalden, mochten deze personen blijkbaar wel hun standplaats behouden ("nog wel toegang hebben... en een plaats bezetten"). Dit wijst op een moment van toetsing of heroverweging van hun vergunningen. * **Annotaties:** Er staan diverse tekens in de kantlijn (w, vinkjes, L, x). Deze dienden waarschijnlijk voor intern gebruik door het C.B.M. om de status van de individuele kooplieden aan te geven (bijvoorbeeld 'L' voor Lindengracht, aangezien die namen onder 'Westerstraat' herhaald worden). ---
Handgeschreven ambtelijke nota/brief.
De kern van dit document is een administratieve vraag over het heffen van marktgeld (liggeld) voor twee kolenschepen van de firma A.B.A. (waarschijnlijk de *Amsterdamsche Ballast- en Aanverwante Bedrijven*) aan de Beitelkade in Amsterdam-Noord. De schepen (No. 3 en 14) zijn door de Duitse bezetter gevorderd ("beslag gelegd"). De eigenaar stelt zich op het standpunt dat hij geen havengelden meer verschuldigd is nu hij de beschikking over de vaartuigen heeft verloren. De ambtenaar ter plaatse heeft de inning tijdelijk stopgezet en vraagt om een officiële beslissing van de Inspecteur. Uit de kanttekeningen blijkt dat de inspectie akkoord gaat met het verzoek: de termen "niet heffen" en "vrij" duiden op een vrijstelling van betaling vanwege de Duitse vordering. De uiteindelijke afhandeling naar de firma toe vond plaats op 10 oktober 1944.
Doorslag van een uitgaande brief / administratief bericht.
Dit korte, zakelijke document is een begeleidend schrijven bij het toesturen van een zogenaamde "voorrangskaart" voor een zekere mevrouw Bertelkamp-Blank. Opvallend is de lange tijdspanne tussen het verzoek (22 februari) en de uiteindelijke verzending (28 augustus 1944); een vertraging van ruim een half jaar. De afkorting "wnd." onder de ondertekening staat voor *waarnemend*. De dubbele streep onder het adres van de ontvanger was een destijds gebruikelijke manier om de adresgegevens te scheiden van de rest van de tekst op een getypte brief.
Archieflijst-vermeldingen
Getypte administratieve lijst op doorslagpapier.
| K 175 | A.Bertelkamp | 2 | |
Koopliedenlijsten
Uilenburg — standplaats A
Waterlooplein — standplaats L
Relevante Archieffragmenten
# TRANSCRIPTIE <u>Haarlemmermeer</u> A. v.d. Assem Ruigehoek 26 Nieuw Vennep
# TRANSCRIPTIE [Bovenaan het blad:] Mr Veldkamp <u> </u>
(Bovenaan midden) @ A. Hegeman A. Lopes Dias L. Caransa
# TRANSCRIPTIE A.B. Adriaanse - Recht Boomssloot 79 H. Roelofs - Lastageweg 5 G. J. de Vre - W. Pastoorstraat 59 J. Nelen - St. Antoniesbreestr. 60 M. M. Siebbeles - Molensteeg 6 II F.O. vd Bergh - Monnikenstr. 1² I
# TRANSCRIPTIE Monsieur Berthold DAUBE, Stationweg, 101 AMSTERDAM.