Getypte brief op officieel briefpapier.
Origineel
Getypte brief op officieel briefpapier. 9 oktober 1939. Nederlandsche Bond van Kleinhandelaren in het Visch- en Haringbedrijf (Afdeeling Amsterdam "De Eendracht"). [Briefhoofd]
NEDERLANDSCHE BOND VAN
KLEINHANDELAREN IN HET VISCH- EN HARINGBEDRIJF
OPGERICHT 3 SEPTEMBER 1934
SECRETARIAAT: L. PRESSER - RETIEFSTRAAT 82
TELEF. 55546-55591-52561 - AMSTERDAM-O.
[Linkermarge]
Goedgekeurd bij Koninkl:
besluit van 10 Juni 1939
afdeeling Amsterdam
De EENDRACHT
Secr: Retiefstraat 82
[Stempel boven midden]
No 46A/50/1 M. 1939 10/10
[Annotatie rechtsboven, handgeschreven in blauw potlood/inkt]
niet bij dossier [onleesbaar, mogelijk initialen]
AMSTERDAM-O., 9 OCTOBER 193 9.
Aan den Weledele Heer
Dr: v. d. LAAN
Directeur van Marktwezen
ALHIER.
Weledele Heer,
Ingevolgen ons telefonisch onderhoud inverband met de kwestie Sliphor$$ - Roozeman aan de Gemeentelijke Visch-afslag, waarvoor den Heer Sliphorts zonder te worden gehoord een waarschuwing Uwerzijds ontving, heb ik de eer Ued: een ooggetuige verslag te geven van de Heeren Kl: Lammers en D. Kool welke van a tot z deze kwestie hebben bijgewoond. Beide Heeren zijn betrouwbaar en deelde alsvolgt de gang van zaken mede;
De bewuste morgen bestelde genoemde Sliphorst mede voor Klaas en Gerrit Lammers drie kisten garnalen aan den Heer Roozeman. Toen deze drie personen zich later aan den auto vervoegde om hunne garnalen in ontvangst te nemen, stond de Heer Roozeman op de auto en ziede woordelijk ,, GERRIT EN KLAAS VOOR JULLIE BEIDE STAAT ER EEN KIST GARNALEN". Toen hierop Sliphorst vroeg en ik dan? zei de Heer Roozeman ,, EN JIJ KRIJGT NIET".
Hierop sprong Sliphorst op de wagen en vroeg ,, KRIJG IK GEEN GARNALEN?" antwoorde Roozeman opnieuw ,, JIJ KRIJGT NIET". Beide bovengenoemde getuigen verklaarde dat de intonatie van het gezegde van dien aard was dat het ieder moest opvallen.
Op ~~onwillige xxxxx~~ keurige wijze lag Sliphorst zijn hand op de arm van Roozeman en vroeg waarom hij zijn bestelde garnalen niet kreeg. Hij had deze dan toch bij een ander kunnen koopen. Op dit moment sloeg Roozeman zonder EENIGE NOODZAAK deze hand terug, WELKE ZONDER BEDOELING of opzet op zijn arm ruste.
Op het moment van het terugslaan van den arm van Sliphorts dacht de knecht van Roozeman welke niet tot een van de snuggerste behoord ( eerder iets of wat achterlijk is ) dat Roozeman aan het vechten was geraakt, en sprong pardoes op de rug van Sliphorst. * Taal en spelling: Het document is geschreven in de destijds gangbare spelling (vóór de spelling-Marchant volledig was ingeburgerd in alle lagen), met woorden als "Visch-afslag", "onderhoud inverband" en "Uwerzijds".
* Typefouten: De typiste heeft enkele opvallende fouten gemaakt, zoals "Sliphor$$" (waarschijnlijk door het te lang ingedrukt houden van de shift-toets bij het typen van een streepje of koppelteken) en "Sliphorts" (in plaats van Sliphorst).
* Inhoudelijke strekking: De brief is een protest tegen een eenzijdig opgelegde waarschuwing. De bond neemt het op voor Sliphorst door te stellen dat hij niet gehoord is en dat Roozeman de agressor was.
* Opmerkelijke details: De beschrijving van de knecht van Roozeman als "niet tot een van de snuggerste behoord (eerder iets of wat achterlijk is)" is naar moderne maatstaven zeer ongebruikelijk in zakelijke correspondentie, maar was in 1939 een manier om aan te geven dat iemands getuigenis of actie (het bespringen van Sliphorst) niet serieus genomen moest worden. Deze brief dateert van oktober 1939, een maand na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in Europa en tijdens de Nederlandse mobilisatie. Ondanks de internationale spanningen ging de lokale handel in Amsterdam gewoon door. De "Directeur van Marktwezen" was een machtig ambtenaar die toezicht hield op alle handel op de Amsterdamse markten en afslagen.
Het conflict lijkt te gaan over de verdeling van schaarse goederen (garnalen) aan de visafslag, waarbij persoonlijke vetes of voorkeuren van handelaren (Roozeman) een rol speelden. De "Nederlandsche Bond van Kleinhandelaren in het Visch- en Haringbedrijf" fungeerde hier als belangenbehartiger voor de kleine zelfstandige tegenover de marktautoriteiten.