Getypte ambtelijke nota op papier, voorzien van handgeschreven kanttekeningen, handtekeningen en een archiefstempel.
Origineel
Getypte ambtelijke nota op papier, voorzien van handgeschreven kanttekeningen, handtekeningen en een archiefstempel. 15 november 1939. [Linksboven, paars stempel met handgeschreven toevoeging]:
Nº 53 / 90 / 1 M. 1939 23/11
[Hoofdtekst, getypt]:
Hedenmorgen vervoegde zich aan het loket Mej. Tabak, personeel van J. Klein, Hal 20-21, om het adres van N. A. de Haas te vragen, daar deze nog een kwitantie moest voldoen.
Uit het kaartenregister blijkt dat N. A. de Haas, wonende Newtonstraat 97, en personeel is bij den kooper J. B. Bos, wonende Blauwburgwal 19 hs.
Op mijn vraag aan Mej. Tabak op wiens naam zij dan geld moest innen, antwoordde zij op den naam van N. A. de Haas. Zij wist niet beter want N. A. de Haas koopt altijd zelf bij haar en steeds op zijn eigen naam, zoodat het waarschijnlijk niet juist is dat deze persoon in het bezit van een koopers-personeelkaart is.
Amsterdam, 15 November 1939.
De ambtenaar b/h Marktwezen,
[Handgeschreven handtekening, mogelijk G. Bakker]
[Linksonder, getypt]:
Aan den Heer Bedryfschef v/h Marktwezen.
[Grote handgeschreven paraaf/handtekening]
[Rechtsonder, handgeschreven in inkt]:
Hr. Veldhuis nader onderzoek
[Paraaf] 23/11 Dit document is een ambtelijk verslag over een geconstateerde onregelmatigheid in het kaartenregister van het Amsterdamse Marktwezen. De kern van de zaak is een discrepantie tussen de officiële registratie en de praktijk op de marktvloer:
1. De aanleiding: Mejuffrouw Tabak (werkzaam bij de firma J. Klein in de Markthallen) vraagt om het adres van N.A. de Haas om een schuld te innen.
2. De bevinding: Volgens de administratie is De Haas geregistreerd als personeelslid van de koper J.B. Bos. Echter, volgens Mej. Tabak koopt De Haas altijd op eigen naam.
3. De conclusie: De ambtenaar vermoedt dat De Haas onterecht in het bezit is van een "koopers-personeelkaart", wat hem waarschijnlijk bepaalde handelsvoordelen gaf waar hij strikt genomen geen recht op had.
4. Vervolg: De bedrijfschef heeft de nota geparafeerd en de opdracht gegeven aan "Hr. Veldhuis" om een "nader onderzoek" in te stellen op 23 november. Het document stamt uit november 1939, een periode van mobilisatie in Nederland vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in eigen land. Het Marktwezen was in Amsterdam een cruciale gemeentelijke instantie die de handel in de Centrale Markthallen reguleerde. Om te mogen handelen waren specifieke vergunningen en kaarten nodig.
Dit stukje micro-geschiedenis illustreert de strenge bureaucratische controle op de marktplaatsen. Het systeem van personeelskaarten was bedoeld om werknemers van erkende handelaren toegang te geven, maar werd hier blijkbaar door een individu (De Haas) gebruikt om buiten zijn geregistreerde werkgever om zelfstandig handel te drijven. De adressen (Newtonstraat in Amsterdam-Oost en de Blauwburgwal in de binnenstad) plaatsen de betrokkenen midden in de Amsterdamse samenleving van die tijd. A. de Haas B. Bos G. Bakker J. Klein J.B. Bos N.A. de Haas Marktwezen