Archief 745
Inventaris 745-296
Pagina 78
Dossier 90
Jaar 1939
Stadsarchief

Getypte brief/verzoekschrift.

25 juli 1925. Van: S. van Kleef, sigaren- en tabaksfabrikant.

Origineel

Getypte brief/verzoekschrift. 25 juli 1925. S. van Kleef, sigaren- en tabaksfabrikant. - 3 -

Aan den Heer Ontvanger der
Accijnzen te AMSTERDAM.

De Ondergeteekende S.van Kleef (sigaren fabrikant, thans
(tabaks ,
zijn beroep uitoefenende in de Rapenburgerstraat No.35 en wonende
in de zelfde straat no.35 te Amsterdam, verzoekt naar aanleiding
van het medegedeelde in de circulaire d.d. 14 Juli 1925, no.360
in aanmerking te komen voor het huren van eene lokaliteit in het
gebouw staande op de Marinewerf, waarin hij zijn beroep met een
helper zal uitoefenen en zulks tegen een huurprijs van twee gulden
vijf en twintig cent per week.

Amsterdam, den 25 Juli 1925.

(get.) S.van Kleef

Behoort bij schrijven van 22 Juni 1925, no.55 afdeeling Accijnzen.

Mij bekend,

DE SECRETARIS-GENERAAL,

(get.) De Vries. * Doel van het document: Het betreft een formeel verzoek van een kleine ondernemer aan de overheid om bedrijfsruimte te huren. De schrijver, S. van Kleef, reageert op een eerdere bekendmaking (circulaire) over de beschikbaarheid van ruimtes.
* Inhoudelijke details: Van Kleef geeft aan dat hij momenteel werkzaam is en woont in de Rapenburgerstraat 35. Hij wenst een "lokaliteit" op de Marinewerf te huren voor zijn tabaksnijverheid, waarbij hij aangeeft met één helper te werken. Hij stelt zelf een huurprijs voor van 2,25 gulden per week.
* Administratieve context: Het document is een kopie (aangeduid met "(get.)" voor de handtekeningen) en maakt deel uit van een groter dossier, getuige de paginanummering "- 3 -" en de verwijzing naar eerdere correspondentie van de afdeling Accijnzen. De goedkeuring of kennisneming door de Secretaris-Generaal onderstreept het officiële karakter van de procedure. * Historische locatie: De Rapenburgerstraat in Amsterdam lag in het hart van de oude Joodse buurt, waar vanouds veel kleine ambachtelijke bedrijven, waaronder tabaksbewerkers, gevestigd waren.
* De Marinewerf: De Marinewerf (tegenwoordig het Marineterrein Amsterdam) was een uitgestrekt gebied voor scheepsbouw en defensie. In de jaren '20 werden delen van dergelijke overheidsterreinen soms verhuurd aan particulieren of kleine bedrijven als er sprake was van onderbezetting of herbestemming van specifieke gebouwen.
* Economische context: De tabaksindustrie was een belangrijke pijler van de Amsterdamse economie in de eerste helft van de 20e eeuw. De genoemde huurprijs van 2,25 gulden per week geeft een interessant inkijkje in de toenmalige bedrijfskosten voor een kleine zelfstandige. De betrokkenheid van de "Ontvanger der Accijnzen" wijst erop dat de overheid niet alleen als verhuurder optrad, maar ook direct toezicht hield op de productie van accijnsgoederen zoals tabak.

Samenvatting

  • Doel van het document: Het betreft een formeel verzoek van een kleine ondernemer aan de overheid om bedrijfsruimte te huren. De schrijver, S. van Kleef, reageert op een eerdere bekendmaking (circulaire) over de beschikbaarheid van ruimtes.
  • Inhoudelijke details: Van Kleef geeft aan dat hij momenteel werkzaam is en woont in de Rapenburgerstraat 35. Hij wenst een "lokaliteit" op de Marinewerf te huren voor zijn tabaksnijverheid, waarbij hij aangeeft met één helper te werken. Hij stelt zelf een huurprijs voor van 2,25 gulden per week.
  • Administratieve context: Het document is een kopie (aangeduid met "(get.)" voor de handtekeningen) en maakt deel uit van een groter dossier, getuige de paginanummering "- 3 -" en de verwijzing naar eerdere correspondentie van de afdeling Accijnzen. De goedkeuring of kennisneming door de Secretaris-Generaal onderstreept het officiële karakter van de procedure.

Historische Context

  • Historische locatie: De Rapenburgerstraat in Amsterdam lag in het hart van de oude Joodse buurt, waar vanouds veel kleine ambachtelijke bedrijven, waaronder tabaksbewerkers, gevestigd waren.
  • De Marinewerf: De Marinewerf (tegenwoordig het Marineterrein Amsterdam) was een uitgestrekt gebied voor scheepsbouw en defensie. In de jaren '20 werden delen van dergelijke overheidsterreinen soms verhuurd aan particulieren of kleine bedrijven als er sprake was van onderbezetting of herbestemming van specifieke gebouwen.
  • Economische context: De tabaksindustrie was een belangrijke pijler van de Amsterdamse economie in de eerste helft van de 20e eeuw. De genoemde huurprijs van 2,25 gulden per week geeft een interessant inkijkje in de toenmalige bedrijfskosten voor een kleine zelfstandige. De betrokkenheid van de "Ontvanger der Accijnzen" wijst erop dat de overheid niet alleen als verhuurder optrad, maar ook direct toezicht hield op de productie van accijnsgoederen zoals tabak.

Locaties

Amsterdam.

Gerelateerde Documenten 6