Getypte officiële kennisgeving/overeenkomst (pagina 2).
Origineel
Getypte officiële kennisgeving/overeenkomst (pagina 2). 21 juli 1925 (deadline voor indiening). De Ontvanger der Accijnzen (ondertekend door Rochell). - 2 -
Indien de fabrikant met twee hulpkrachten werkt, wordt de huur voor de lokaliteit verhoogd tot drie gulden vijf en twintig cent en werkt hij met drie helpers tot vier gulden vijf en twintig cent. In eene lokaliteit mogen niet meer dan vier personen (den fabrikant inbegrepen) tegelijkertijd werkzaam zijn.
Bij gebreke van huurbetaling wordt de huur opgezegd op een termijn van ten hoogste ééne week. Binnen dien termijn zal de huurder de lokaliteit moeten hebben ontruimd, waarbij hij in acht zal hebben te nemen de bepalingen van de Tabakswet betreffende het vervoer en den inslag van ruwe tabak, alsmede de bepalingen uit genoemde wet betreffende het vervoer van ongebanderolleerde tabaksfabrikaten.
-
De huur en verhuur geschiedt telkens voor den termijn van één week, ingaande op Maandag en wordt geacht voor eene volgende week door te loopen, indien zij niet door een der partijen uiterlijk op Donderdag voor volgende termijnen wordt opgezegd.
-
Ook indien de huurprijs op tijd betaald wordt, behoudt de verhuurder zich het recht voor de huur op te zeggen:
indien de huurder zich niet gedraagt naar de maatregelen van orde, door of namens den Minister van Financiën voor het verblijf in en het gebruik van de gehuurde lokaliteit, van het gebouw, waarin zich die lokaliteit bevindt of van het terrein, waarop bedoeld gebouw is gelegen vast te stellen. In het desbetreffend reglement van orde, zullen o.m. bepalingen worden opgenomen, strekkende tot handhaving van zindelijkheid en netheid, ter voorkoming van overlast en hinder door den eenen gebruiker tegenover den anderen en ter verzekering van de veiligheid van het gebouw, de daarin werkende personen en de daarin opgeslagen grondstoffen, fabrikaten en gereedschappen.
De verhuurder behoudt zich het recht voor de huur zonder opgaaf van redenen met inachtneming van den hierboven vermelden termijn te doen eindigen.
- Met het oog op de omstandigheid, dat in het hiervoor bedoelde gebouw slechts diegenen als huurders zullen worden toegelaten, waarvan onder meer, ter beoordeeling van den Minister vaststaat, dat zij op 1 Januari 1921 het bedrijf van fabrikant zelfstandig hebben uitgeoefend, zult gij rekening moeten houden met het feit, dat de huur onder de hierboven vermelde eventueel met nog andere bepalingen aan te vullen voorwaarden slechts kan ingaan, indien ten minste dertig fabrikanten zich voor het huren van eene lokaliteit aanmelden en dat de huur zal worden opgezegd, indien het aantal huurders mocht dalen beneden twintig.
Indien gij onder vorenstaande voorwaarden een huurovereenkomst, waarvan de kosten der acte voor rekening van het Rijk zullen worden genomen, mocht wenschen te sluiten, dan verzoek ik U onderstaande verklaring onderteekend te mijnen kantore in te leveren vóór of uiterlijk op 21 Juli 1925. De toewijzing der door een nummer aan te wijzen lokaliteit zal geschieden door of vanwege den Inspecteur der invoerrechten en accijnzen te AMSTERDAM.
De Ontvanger der Accijnzen,
(get.) Rochell Het document is een vervolgblad (pagina 2) van een officiële regeling voor de verhuur van werkruimtes aan tabaksfabrikanten in Amsterdam. De kernpunten zijn:
- Tariefstructuur: De huurprijs is gekoppeld aan het aantal werknemers (van 3,25 tot 4,25 gulden per week). Er is een strikt maximum van vier personen per ruimte gesteld.
- Flexibiliteit en Controle: De huur is wekelijks opzegbaar, wat duidt op een zeer kortstondige verbintenis. De overheid (Minister van Financiën) houdt strikt toezicht op de orde, hygiëne en veiligheid binnen het gebouw.
- Wettelijk Kader: De huurder is verplicht zich te houden aan de Tabakswet, met name wat betreft het transport van onveraccijnsde (ongebanderolleerde) goederen. Dit wijst erop dat het gebouw waarschijnlijk een soort accijns-entrepot of een streng gecontroleerde productiefaciliteit was.
- Toelatingscriteria: Alleen "gevestigde" fabrikanten (die reeds vóór 1921 zelfstandig waren) komen in aanmerking. Dit suggereert een beschermende maatregel voor bestaande kleine ondernemers of een poging om de sector te consolideren.
- Collectief belang: De regeling treedt pas in werking bij minimaal 30 deelnemers en stopt als dit aantal onder de 20 zakt, wat wijst op een centraal beheerd project waarvan de exploitatiekosten door een minimumbezetting gedekt moeten worden. In de jaren '20 was de tabaksnijverheid in Amsterdam nog steeds een belangrijke economische factor, maar de sector onderging grote veranderingen door toenemende regelgeving en accijnswetgeving. Dit document getuigt van de directe bemoeienis van de Belastingdienst (Ontvanger der Accijnzen) met de huisvesting van kleine fabrikanten.
Mogelijk gaat het hier om een reactie op de Tabakswet van 1921, die strengere eisen stelde aan de productie en verkoop van tabaksproducten (zoals de invoering van de accijnsbanderol). Door fabrikanten onder te brengen in een door de fiscus gecontroleerd gebouw, kon de overheid gemakkelijker toezien op de naleving van de belastingwetgeving, terwijl kleine zelfstandigen de kans kregen om in een gereglementeerde omgeving te blijven werken.