Archief 745
Inventaris 745-302
Pagina 349
Dossier 11
Jaar 1939
Stadsarchief

Ambtelijk advies / Brief

7 september 1939 Van: De Directeur (vermoedelijk van de Marktwezen-afdeling van de gemeente Amsterdam)

Origineel

Ambtelijk advies / Brief 7 september 1939 De Directeur (vermoedelijk van de Marktwezen-afdeling van de gemeente Amsterdam) [Links boven:]
VP/HG.

[Rechts boven, handgeschreven:]
extra

[Links midden:]
90/43/2 M.
1

[Rechts midden:]
7 September 1939.

[Onderwerp:]
Verzoek van A. Agartz om
voorkeurskaart markt
Mosplein.

[Adressering:]
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .

[Body tekst:]
Onder terugzending van het met Uw kantbrief d.d. 24 Augustus jl. om advies ontvangen stuk no.23/8 L.M.1939 heb ik de eer U te berichten, dat, ingevolge artikel 5 lid 1 van het Reglement op de Markten, alleen personen van Nederlandsche nationaliteit zich kunnen laten inschrijven op de sollicitantenlijst voor een bepaalde markt, welke inschrijving noodzakelijk is teneinde een voorkeurskaart en - later - een vaste plaats op een bepaalde markt te verkrijgen. Aangezien adressant aan dit vereischte niet voldoet heb ik de eer U te adviseeren, hem te doen mededeelen, dat zijn verzoek niet voor inwilliging in aanmerking kan komen.

Wat zijn mededeeling betreft, dat hem een aangewezen plaats weder zou zijn ontnomen, diene, dat dit - volgens nadere mededeeling van adressant - één keer zou zijn voorgekomen, doch dat hem toen een andere plaats werd aangewezen; dit feit heeft dus ten deze geen beteekenis.

[Rechts onder:]
De Directeur,

[Onderaan handgeschreven:]
Tel. med. Mr R.:
Zaak Agartz wordt aangehouden,
in afwachting van ons nader rapport over
de plaatsen voor buitenlanders in het algemeen (onze brief van 10 Juli '39, No. 20/23/2 M). Het document is een ambtelijk advies waarin een verzoek voor een marktvergunning (voorkeurskaart) wordt afgewezen op basis van de nationaliteit van de aanvrager.

  • Juridische grondslag: De afwijzing steunt op artikel 5 lid 1 van het toenmalige 'Reglement op de Markten', waarin staat dat alleen mensen met de Nederlandse nationaliteit recht hebben op een vaste marktplaats of een plek op de wachtlijst (sollicitantenlijst).
  • Casus: De heer A. Agartz, die blijkbaar geen Nederlander is, had verzocht om een plek op de markt aan het Mosplein (Amsterdam-Noord). Hij had tevens geklaagd dat hem eerder een plek was afgenomen, maar de directeur wuift dit weg als irrelevant, aangezien hij een vervangende plek had gekregen en de nationaliteitskwestie doorslaggevend is.
  • Handgeschreven toevoeging: Deze is cruciaal. Het dossier Agartz wordt 'aangehouden' (gepauzeerd). Er wordt gewacht op een breder rapport over de positie van buitenlanders op de markt in het algemeen. Dit suggereert dat er op beleidsniveau discussie was over hoe om te gaan met niet-Nederlanders (mogelijk vluchtelingen) die in hun levensonderhoud wilden voorzien via de markt. De datum van het document, 7 september 1939, is historisch zeer significant. Dit is slechts zes dagen na de Duitse inval in Polen en de start van de Tweede Wereldoorlog. Nederland was op dat moment gemobiliseerd en verkeerde in een staat van verhoogde paraatheid en politieke spanning.

  • Nationalisme en Protectionisme: In de jaren dertig, getekend door de economische crisis, was de regelgeving streng om de eigen beroepsbevolking te beschermen tegen concurrentie van buitenlanders.

  • Vluchtelingenproblematiek: De naam 'Agartz' duidt mogelijk op een Centraal-Europese of Joodse achtergrond. In deze periode probeerden veel vluchtelingen uit nazi-Duitsland in Amsterdam een nieuw bestaan op te bouwen, waarbij de markt vaak een van de weinige laagdrempelige manieren was om handel te drijven.
  • Mosplein: De markt op het Mosplein in Amsterdam-Noord was (en is) een belangrijk economisch knooppunt voor de lokale bevolking.
  • Wethouder voor de Levensmiddelen: Deze functie (destijds bekleed door de SDAP'er Florentinus Marinus Wibaut of diens opvolger, afhankelijk van de precieze portefeuilleverdeling op dat moment) werd met het oog op de dreigende oorlog en de komende distributie (voedselbonnen) uiterst belangrijk.

Samenvatting

Het document is een ambtelijk advies waarin een verzoek voor een marktvergunning (voorkeurskaart) wordt afgewezen op basis van de nationaliteit van de aanvrager.

  • Juridische grondslag: De afwijzing steunt op artikel 5 lid 1 van het toenmalige 'Reglement op de Markten', waarin staat dat alleen mensen met de Nederlandse nationaliteit recht hebben op een vaste marktplaats of een plek op de wachtlijst (sollicitantenlijst).
  • Casus: De heer A. Agartz, die blijkbaar geen Nederlander is, had verzocht om een plek op de markt aan het Mosplein (Amsterdam-Noord). Hij had tevens geklaagd dat hem eerder een plek was afgenomen, maar de directeur wuift dit weg als irrelevant, aangezien hij een vervangende plek had gekregen en de nationaliteitskwestie doorslaggevend is.
  • Handgeschreven toevoeging: Deze is cruciaal. Het dossier Agartz wordt 'aangehouden' (gepauzeerd). Er wordt gewacht op een breder rapport over de positie van buitenlanders op de markt in het algemeen. Dit suggereert dat er op beleidsniveau discussie was over hoe om te gaan met niet-Nederlanders (mogelijk vluchtelingen) die in hun levensonderhoud wilden voorzien via de markt.

Historische Context

De datum van het document, 7 september 1939, is historisch zeer significant. Dit is slechts zes dagen na de Duitse inval in Polen en de start van de Tweede Wereldoorlog. Nederland was op dat moment gemobiliseerd en verkeerde in een staat van verhoogde paraatheid en politieke spanning.

  • Nationalisme en Protectionisme: In de jaren dertig, getekend door de economische crisis, was de regelgeving streng om de eigen beroepsbevolking te beschermen tegen concurrentie van buitenlanders.
  • Vluchtelingenproblematiek: De naam 'Agartz' duidt mogelijk op een Centraal-Europese of Joodse achtergrond. In deze periode probeerden veel vluchtelingen uit nazi-Duitsland in Amsterdam een nieuw bestaan op te bouwen, waarbij de markt vaak een van de weinige laagdrempelige manieren was om handel te drijven.
  • Mosplein: De markt op het Mosplein in Amsterdam-Noord was (en is) een belangrijk economisch knooppunt voor de lokale bevolking.
  • Wethouder voor de Levensmiddelen: Deze functie (destijds bekleed door de SDAP'er Florentinus Marinus Wibaut of diens opvolger, afhankelijk van de precieze portefeuilleverdeling op dat moment) werd met het oog op de dreigende oorlog en de komende distributie (voedselbonnen) uiterst belangrijk.

Gerelateerde Documenten 6