Archief 745
Inventaris 745-307
Pagina 127
Dossier 105
Jaar 1940
Stadsarchief

Formele brief (voorgedrukt formulier met getypte invulling).

11 maart 1940. Van: Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale, Afdeling Erkenningen (gevestigd in 's-Gravenhage). Aan: Den Heer D. Snoek, Zeilstraat 57 III, Amsterdam.

Origineel

Formele brief (voorgedrukt formulier met getypte invulling). 11 maart 1940. Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale, Afdeling Erkenningen (gevestigd in 's-Gravenhage). Den Heer D. Snoek, Zeilstraat 57 III, Amsterdam. NEDERLANDSCHE GROENTEN- EN FRUITCENTRALE

BANKIER: DE TWENTSCHE BANK N.V.
'S-GRAVENHAGE

POSTREKENING No. 224314

Afd: Erkenningen.
Dict: vW. Typ: JdB.
No. 331-V.

Den Heer D. Snoek
Zeilstraat 57 III
AMSTERDAM

's-GRAVENHAGE, 11 Maart 1940

Betreft: Uw aanvrage van 12-Februari 1940
tot toelating als aangeslotene bij onze
Centrale in de groep kleinhandelaren

Wij verzoeken U te voldoen aan, respectievelijk kennis te nemen van, hetgeen van onderstaande punten met rood is aangestreept.
De verdere behandeling van Uw bovenvermelde aanvrage is van de voldoening aan dit verzoek afhankelijk gesteld.

a. betaling der verschuldigde administratiekosten ad. f. ; op het giro- of postwisselstrookje gelieve U te vermelden "Erkenningen".
b. inzending van het ingevulde en geteekende aanvraagformulier (No. ).
c. inzending van 2 duidelijke, gelijke, kort geleden gemaakte pasfoto's.
d. inzending van de in Uw bezit zijnde erkenningskaart als
— e. inzending eener verklaring van het marktwezen te Amsterdam waaruit blijkt, dat U van 1930 t/m 1935 in den kleinhandel van tuinbouwgewassen bent werkzaam geweest.
Tevens een verklaring van Maatschappelijk Hulpbetoon te Uwent, waaruit blijkt, dat U vanaf 1935 tot opheden steun hebt genoten.
f.

Bijzondere opmerkingen:

NEDERLANDSCHE GROENTEN- EN FRUITCENTRALE:
[Handtekening] Deze brief is een administratieve reactie op een aanvraag van de heer D. Snoek uit Amsterdam om officieel erkend te worden als kleinhandelaar (winkelier of marktkramer) door de Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale. Het document hanteert een gestandaardiseerde vorm waarbij verschillende vereisten (a t/m f) zijn voorgedrukt.

In dit specifieke geval is enkel punt e gemarkeerd met een rode streep. Dit houdt in dat de heer Snoek zijn arbeidsverleden en financiële status moet aantonen voordat zijn aanvraag in behandeling kan worden genomen. Hij moet bewijzen dat hij tussen 1930 en 1935 in de groente- en fruithandel werkzaam was, en dat hij in de periode daarna (1935-1940) een uitkering ("steun") heeft ontvangen van het Maatschappelijk Hulpbetoon.

De brief is gedateerd op 11 maart 1940, slechts twee maanden voor de Duitse inval in Nederland. Het toont de bureaucratische controle op de beroepsuitoefening in die periode. De Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale (NGFC) was een in de jaren '30 opgerichte crisisorganisatie. Tijdens de Grote Depressie greep de overheid steeds vaker in om de markt te reguleren, prijzen te bewaken en de kwaliteit te waarborgen. Handelaren moesten over een 'erkenning' beschikken om legaal te mogen opereren.

De gevraagde verklaring van Maatschappelijk Hulpbetoon verwijst naar de toenmalige vorm van sociale bijstand. Het feit dat de aanvrager tussen 1935 en 1940 "steun heeft genoten", duidt erop dat hij tijdens de crisisjaren werkloos was of onvoldoende inkomen had. De NGFC controleerde hiermee waarschijnlijk of de aanvrager voorheen daadwerkelijk een vakman was die door de economische malaise tijdelijk buiten het arbeidsproces was geraakt, alvorens hem weer toe te laten tot de officiële beroepsgroep. Dit soort documenten biedt een inkijkje in de sociaaleconomische moeizaamheid van de vooroorlogse jaren in Nederland.

Samenvatting

Deze brief is een administratieve reactie op een aanvraag van de heer D. Snoek uit Amsterdam om officieel erkend te worden als kleinhandelaar (winkelier of marktkramer) door de Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale. Het document hanteert een gestandaardiseerde vorm waarbij verschillende vereisten (a t/m f) zijn voorgedrukt.

In dit specifieke geval is enkel punt e gemarkeerd met een rode streep. Dit houdt in dat de heer Snoek zijn arbeidsverleden en financiële status moet aantonen voordat zijn aanvraag in behandeling kan worden genomen. Hij moet bewijzen dat hij tussen 1930 en 1935 in de groente- en fruithandel werkzaam was, en dat hij in de periode daarna (1935-1940) een uitkering ("steun") heeft ontvangen van het Maatschappelijk Hulpbetoon.

De brief is gedateerd op 11 maart 1940, slechts twee maanden voor de Duitse inval in Nederland. Het toont de bureaucratische controle op de beroepsuitoefening in die periode.

Historische Context

De Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale (NGFC) was een in de jaren '30 opgerichte crisisorganisatie. Tijdens de Grote Depressie greep de overheid steeds vaker in om de markt te reguleren, prijzen te bewaken en de kwaliteit te waarborgen. Handelaren moesten over een 'erkenning' beschikken om legaal te mogen opereren.

De gevraagde verklaring van Maatschappelijk Hulpbetoon verwijst naar de toenmalige vorm van sociale bijstand. Het feit dat de aanvrager tussen 1935 en 1940 "steun heeft genoten", duidt erop dat hij tijdens de crisisjaren werkloos was of onvoldoende inkomen had. De NGFC controleerde hiermee waarschijnlijk of de aanvrager voorheen daadwerkelijk een vakman was die door de economische malaise tijdelijk buiten het arbeidsproces was geraakt, alvorens hem weer toe te laten tot de officiële beroepsgroep. Dit soort documenten biedt een inkijkje in de sociaaleconomische moeizaamheid van de vooroorlogse jaren in Nederland.

Gerelateerde Documenten 6