Ambtelijk rapport / Vergunningsonderzoek.
Origineel
Ambtelijk rapport / Vergunningsonderzoek. 12 april 1940. [Bovenaan het document, stempels en handgeschreven aantekeningen:]
Nº 2 B/21/1 M. 1940 13/4
R A P P O R T
[Handgeschreven:] Mogelijk stempelen doorsturen naar den Haag 15/4 - '40.
[Handgeschreven:] Akkoord: 15-4-40 [Paraaf]
[Hoofdtekst - getypt:]
J. Coenra, oud 25 jaar en wonende Haarl: Houttuinen 68 A alhier, verzoekt om een erkenning als kleinhandelaar in groenten fruit.
Coenra is sedert September 1934 in het bezit van een ventvergunning onder serie 5 No 51. Op den datum van afgifte gaf deze aardappelen groenten en fruit als artikel aan, doch is zij meermalen gewijzigd; onder anderen voor visch of bloemen. Vanaf 20 Maart is '40 Coenra weer gerechtigd te venten met aardappelen groenten en fruit.
Blijkens de administratie van het kaartenkantoor heeft Coenra als kooper toegang gehad tot de Centr: markt van Januari '34 tot Maart '37 en thans weer van 20 Maart j.l. Coenra was tevens gemachtigd kleinhandel te drijven op kleinhandelserkenning No 38247 van zijn vader.
Van 23 Juni '37 tot 13 Maart '39 heeft Coenra een vaste standplaats gehad op de Wittenkade alhier, voor de verkoop van haring en zuurwaren.
Voor zoover door mij kan worden beoordeeld heeft Coenra de vragen van zijn invulformulier naar waarheid beantwoord.
[Afsluiting:]
Amsterdam 12 April '40
Den Heer Bedrijfschef v/h Marktwezen.
[Handtekening links]
Controleur,
[Handtekening rechts]
[Handgeschreven toevoeging onderaan:]
W. J. Coenra heeft een machtiging van zijn Vader, die wel een erkenning heeft. Op die machtiging is aan J. Coenra toegang tot C.M. verleend.
[Paraaf] Dit rapport dient als antecedentenonderzoek voor een middenstandsvergunning. De ambtenaar (controleur) heeft de loopbaan van de 25-jarige J. Coenra nagetrokken om te verifiëren of zijn aanvraag legitiem is. Uit het rapport komt een beeld naar voren van een flexibele kleine ondernemer in crisistijd:
* Diversificatie: Coenra heeft in zes jaar tijd gehandeld in aardappelen, groenten, fruit, vis, bloemen, haring en zuurwaren. Dit wijst op het aanpakken van elke kans die de markt bood.
* Vaste vs. ambulante handel: Hij wisselde tussen venten (ambulante handel met een kar) en een vaste standplaats aan de Wittenkade.
* Familiebedrijf: Er is een duidelijke link met zijn vader, onder wiens vergunning hij ook werkzaam is geweest.
* Toegang tot de Centrale Markt: Dit was cruciaal voor een handelaar om scherp te kunnen inkopen; het rapport bevestigt dat hij deze toegang op verschillende momenten had. Het document dateert van 12 april 1940, exact vier weken voor de Duitse inval in Nederland. Het ademt de sfeer van de vooroorlogse bureaucratie en de strikte regulering van de Amsterdamse markten. In de jaren '30 was de Vestigingswet Bedrijven (1937) ingevoerd om "onbevoegde" handelaren te weren en de kwaliteit van de middenstand te waarborgen. Handelaren moesten aantonen dat ze over voldoende vakkennis en kapitaal beschikten.
De locatie Haarlemmer Houttuinen 68 A bevond zich in een kinderrijke, volkse buurt nabij het Centraal Station, waar veel kleine zelfstandigen en handwerkslieden woonden. Het feit dat het rapport wordt "doorgestuurd naar Den Haag" suggereert dat de uiteindelijke beslissing over de erkenning op nationaal niveau (waarschijnlijk bij het Departement van Economische Zaken) werd bekrachtigd. J. Coenra (aanvrager 25 jaar) de vader van Coenra een Controleur en de Bedrijfschef van het Marktwezen.