Ambtsbericht / Rapport van de Dienst der Marktwezen.
Origineel
Ambtsbericht / Rapport van de Dienst der Marktwezen. 4 juli 1940 R A P P O R T [onderstreept]
$N^o \frac{213}{49} / M. 1940 \frac{4}{7}$
J.Vischschoonmaker, oud 31 jaar en wonende Lepelstraat 48 alhier, verzoekt om een erkenning als kleinhandelaar in groenten en fruit. Voor de inwerkingtreding van de Ventverordening heeft Vischschoonmaker kleinhandel gedreven in visch en fruit. Nadien tot heden heeft hij uitsluitend met visch gehandeld. Sedert 1 September 1934 is hij in het bezit van een ventvergunning onder Serie 24 No 208, welke sedert den datum van afgifte visch als artikel aangeeft. Daar, als gevolg van den internationalen toestand, den aanvoer van visch te gering is zoodat Vischschoonmaker hierin niet meer in zijn onderhoud kan voorzien, wil hij thans weer met fruit gaan venten. Voor zoover door mij kan worden beoordeeld heeft hij de vragen van zijn invulformulier naar waarheid beantwoord.
Den Heer Bedrijfschef
v/h Marktwezen
Amsterdam 4 Juli 1940
Controleur,
[Handgeschreven aantekening in potlood/pen:]
geen bezwaar tegen verleenen
tijdelijke erkenning voor den
tijd van 4 maanden
[Handtekening:] J.A. Elthuis [?]
[Onderaan handgeschreven in inkt:]
Doorgezonden 10/7 '40 [initialen] Dit document is een officieel rapport van een controleur van het Amsterdamse Marktwezen. De kern van de zaak is een verzoek van een straatventer, J. Vischschoonmaker, om zijn nering te mogen verbreden of te wijzigen.
Hoewel hij officieel geregistreerd staat als visverkoper (sinds 1934), dwingt de economische realiteit van de prille oorlogsperiode hem om weer fruit te gaan verkopen, zoals hij vóór de invoering van de Ventverordening ook deed. De controleur bevestigt dat de "internationalen toestand" (de Duitse bezetting en de daarmee gepaard gaande schaarste) de visaanvoer heeft doen opdrogen.
De ambtenaar adviseert positief, wat resulteert in een handgeschreven besluit om een tijdelijke vergunning van vier maanden te verlenen. De bureaucratische zorgvuldigheid waarmee een kleine wijziging in het assortiment van een individuele venter wordt behandeld, is kenmerkend voor het Amsterdamse marktwezen in die tijd. * Tijdsbeeld: Het document is gedateerd op 4 juli 1940, minder dan twee maanden na de Nederlandse capitulatie. De "internationalen toestand" is een eufemisme voor de Tweede Wereldoorlog. De handel over zee lag nagenoeg stil, wat direct leidde tot een tekort aan verse vis.
* Locatie: De Lepelstraat bevond zich in het hart van de Amsterdamse Jodenbuurt. De naam "Vischschoonmaker" is een typisch Joodse familienaam die vaak voorkwam in de vis- en straathandel.
* Sociaal-economisch: Straatventers vormden een kwetsbare groep die direct afhankelijk was van dagelijkse aanvoer en strikte gemeentelijke regelgeving (de Ventverordening). Dit rapport toont de eerste economische gevolgen van de bezetting voor de kleine zelfstandigen in Amsterdam. Kort hierna zouden specifiek anti-Joodse maatregelen deze groep nog veel harder treffen, maar in juli 1940 lijkt het administratieve proces nog op de reguliere, vooroorlogse wijze te verlopen.