Ambtelijk rapport van de controledienst der Gemeente Amsterdam.
Origineel
Ambtelijk rapport van de controledienst der Gemeente Amsterdam. 27 juli 1940. R A P P O R T
Nº 2/b/79/11 M. 1940 30/7
A. Mok, oud 21 jaar en wonende Ten Katestraat 28 alhier, verzoekt om een erkenning als kleinhandelaar in groenten en fruit. Mok verklaart van 1932 tot heden met uitzondering van zijn militairen diensttijd, in de betrokken handel werkzaam te zijn geweest. Zoo zou hij voor 1937 een vaste wijk hebben verzorgt in het stadsdeel Noord. Van 1935 tot 1937 heb ik rapporteur vrij geregeld controledienst verricht in Noord, doch kan mij niet herinneren Mok daar wel eens te hebben aangetroffen. Wel is bekend, dat hij in dien tijd soms een losse plaats heeft bezet op de dagmarkt in de Alb. Cuypstraat. Hoelang hij dit echter onafgebroken heeft gedaan is niet met zekerheid na te gaan. Sedert zijn ontslag uit den militairen dienst, bezet hij vanaf 15 Juli 1940 een losse plaats op de dagmarkt Ten Katestraat voor de verkoop van groenten en fruit. Hij is thans ook in het bezit van een voorkeurskaart voor die markt onder nummer 412. Sedert 15 Juli heeft hij voorloopig toegang tot de Centr. Markt. Blijkens de administratie van het Marktwezen, afd: Kaartenkantoor, heeft hij voordien nimmer toegang gehad tot de Centr. Markt. Bij onderzoek is mij derhalve niet kunnen blijken of Mok de vragen van zijn invulformulier naar waarheid heeft beantwoord.
Den Heer Bedrijfschef
v/h Marktwezen.
Amsterdam 27 Juli 1940
Controleur,
[Handtekening: A. Velthuis]
[Handgeschreven aantekening in het midden:]
Verklaring stempelen en doorzenden naar den Raad.
[Paraaf]
[Rechtsonder in rood potlood:]
2/b/79/12
31/7-'40 Dit rapport betreft een integriteits- of verificatieonderzoek naar de 21-jarige A. Mok, die een officiële erkenning als groente- en fruithandelaar nastreeft. De rapporteur, een controleur van het Amsterdamse Marktwezen, stelt zich sceptisch op tegenover de beweringen van de aanvrager. Hoewel Mok claimt al sinds 1932 (vanaf zijn dertiende jaar) in de branche werkzaam te zijn, kan de controleur dit niet bevestigen op basis van zijn eigen observaties in Amsterdam-Noord tussen 1935 en 1937.
Het zwaarste punt van kritiek is de vaststelling dat Mok onjuiste informatie lijkt te hebben verstrekt over zijn toegang tot de Centrale Markt (de groothandelsmarkt). Terwijl Mok beweert daar eerder toegang te hebben gehad, spreekt de administratie van het Kaartenkantoor dit tegen. De conclusie van het rapport is dan ook negatief: de controleur kan de waarheidsgetrouwheid van het aanvraagformulier niet bevestigen, wat in de ambtelijke context van die tijd meestal leidde tot een afwijzing van de aanvraag. Het document is gedateerd op juli 1940, kort na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode begon de herstructurering van het economisch leven door de bezetter. De naam "Mok" is een veelvoorkomende Joodse achternaam in Amsterdam. Hoewel het document op het eerste gezicht een routineuze ambtelijke controle lijkt, moet het gezien worden in het licht van de toenemende regeldruk en de naderende uitsluiting van Joodse ondernemers uit het economisch verkeer.
De markten in de Ten Katestraat en de Albert Cuypstraat waren (en zijn) vitale locaties voor de Amsterdamse straathandel. Voor een kleine zelfstandige was de "erkenning" en de daarbij behorende toegang tot de Centrale Markt van essentieel belang voor de bedrijfsvoering; zonder officiële erkenning was het nagenoeg onmogelijk om legaal handel te drijven. De strenge controle op de 'waarheid' van aanvragen werd gedurende de bezettingstijd steeds vaker gebruikt als bureaucratisch instrument om ongewenste personen uit de handel te weren.