Getypte brief (doorslag op dun papier).
Origineel
Getypte brief (doorslag op dun papier). 10 oktober 1940. De Directeur (van de afdeling Marktwezen). De Wethouder voor de Arbeidszaken, Raadhuis, "Alhier". extra HG.
den Heer Wethouder voor de
Arbeidszaken,
Raadhuis,
A l h i e r .
BA/113/1 M. 10 October 1940.
Ter voldoening aan Uw circulaires d.d. 31 December 1931
No. 721 Arb. en 18 Februari 1939 No. 95g Arb.1939 heb ik de eer U
te berichten, dat op 30 September 1940 in dienst waren bij het
Marktwezen:
71 vaste ambtenaren;
1 reservist (in ambtenaarsfunctie);
7 vaste werklieden.
Deze aantallen waren op 1 October 1940 niet gewijzigd.
De Directeur, Dit document is een formele ambtelijke rapportage betreffende de personeelssterkte van de gemeentelijke dienst "Marktwezen". De directeur van deze dienst rapporteert aan de verantwoordelijke wethouder voor Arbeidszaken.
De rapportage wordt gedaan naar aanleiding van specifieke circulaires (beleidsbrieven) uit 1931 en 1939. De opsomming is beknopt: er wordt onderscheid gemaakt tussen vaste ambtenaren (71), een reservist in een ambtenaarsfunctie (1) en vaste werklieden (7). Tevens wordt expliciet vermeld dat de situatie tussen 30 september en 1 oktober 1940 ongewijzigd is gebleven. De toon is uiterst hoffelijk en zakelijk ("heb ik de eer U te berichten"). De datum van de brief, 10 oktober 1940, is van historisch belang. Nederland was op dat moment enkele maanden bezet door nazi-Duitsland. Hoewel de brief een voortzetting lijkt van reguliere administratieve processen (verwijzend naar circulaires uit 1931 en 1939), vond deze registratie van personeel plaats in een tijd waarin de bezetter steeds meer grip probeerde te krijgen op het Nederlandse ambtenarenapparaat.
Kort na deze datum, in oktober 1940, werd de zogenaamde 'Ariërverklaring' ingevoerd, waarbij alle ambtenaren moesten verklaren of zij van Joodse afkomst waren. Nauwkeurige personeelslijsten zoals deze waren essentieel voor de uitvoering van dergelijke uitsluitingsmaatregelen. Hoewel dit specifieke document slechts getallen noemt en geen namen, vormde het onderdeel van de bredere bureaucratische controle over de gemeentelijke diensten tijdens de bezettingsjaren. Het woord "Alhier" suggereert dat de correspondentie plaatsvond binnen dezelfde gemeente, zeer waarschijnlijk Amsterdam, gezien de aard van het document. Marktwezen