Intern administratief advies/memorandum (Bijblad).
Origineel
Intern administratief advies/memorandum (Bijblad). Juli/Augustus 1940. [Gedrukt kader linksboven]
B I J B L A D / V A N :
M. No. 22/12/1 1930 40 [40 over 1930 geschreven]
DOORGEZONDEN: 7/7 20/8/40 f 8 [paraaf]
[In rood geschreven/gestempeld midden boven]
3. 22/12/21 MJ.
[Handgeschreven rechtsboven]
Th. Bakker 553
advies
31-7-40
de Boer
[Handgeschreven midden boven]
Piet Pan
oproepen hfd 7/8 '40
[Schuin geschreven rechtsboven]
p 14 of 16 Augst 9 uur
[Hoofdtekst]
Piet c.s. zijn aanvoerders uit
Aalsmeer, die uitsluitend op Maandag en Vrijdag ter markt
komen; bij den Woensdag hebben zij geen belang; ik heb hen
er op gewezen, dat op elke markt vaste plaatsen zijn uitgegeven,
waarvoor men, ook als slechts 2 x per week (dagen) gebruik wordt
gemaakt, het kalenderweektarief verschuldigd is. Desondanks dringen
zij er op aan, om hiervoor voor hen een uitzondering te maken,
gezien het karakter der Boom- en Bloemenmarkt, daar deze markt
bijna niet meer als markt kan worden beschouwd. M. i. moet
echter dit gedeelte van het verzoek i. v. m. consequenties worden afgewezen.
Indien Piet c.s. het weektarief niet wenschen te betalen, kunnen zij hun
vaste plaatsen opzeggen en een losse plaats nemen.
Tegen het inwilligen van het 2e gedeelte van hun verzoek bestaat dezer-
zijds geen bezwaar. W. de Vries noteren op weekstaat !! O.K. Bz. d. Z.
[Gedrukt linksonder]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 Dit document betreft een administratieve afhandeling van een verzoek door marktkooplieden ("Piet c.s.") uit Aalsmeer. De kern van de zaak is een financieel geschil over marktgeld.
- Het geschil: De verzoekers staan slechts twee dagen per week op de markt (maandag en vrijdag) en willen daarom niet het volledige "kalenderweektarief" betalen dat geldt voor vaste standplaatsen.
- Het argument van de verzoekers: Zij stellen dat de betreffende Boom- en Bloemenmarkt dermate in verval is dat het "bijna niet meer als markt kan worden beschouwd," wat in hun ogen een uitzonderingspositie rechtvaardigt.
- Het advies: De ambtenaar (waarschijnlijk Th. Bakker) adviseert het verzoek om minder te betalen af te wijzen. De reden hiervoor is precedentwerking ("i.v.m. consequenties"). Wie een vaste plek wil, moet het vaste weektarief betalen, ongeacht het aantal dagen dat men er daadwerkelijk staat.
- De oplossing: Als de verzoekers niet het volle pond willen betalen, wordt hun geadviseerd hun vaste plek op te zeggen en als "losse" plaatshouder te gaan staan (waarbij men waarschijnlijk per dag betaalt, maar geen zekerheid heeft over de locatie).
- Besluitvorming: Er wordt melding gemaakt van een "2e gedeelte" van het verzoek dat wel wordt ingewilligd, al blijft onduidelijk wat dit precies inhield. De definitieve goedkeuring lijkt te komen van "Bz. d. Z." (mogelijk Bureauhouder van de Zone of een vergelijkbare functie). Het document dateert van juli en augustus 1940, enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Hoewel de tekst strikt zakelijk en administratief is, illustreert het de continuïteit van de gemeentelijke bureaucratie in die periode. De procedures voor marktbeheer en de inning van gelden liepen door volgens de bestaande reglementen.
De verwijzing naar Aalsmeer en de Boom- en Bloemenmarkt duidt op de handel in sierteelt, een sector die ook tijdens de eerste oorlogsjaren van groot economisch belang bleef. Het document geeft een inkijkje in de strikte handhaving van markttarieven en de weerstand van handelaren tegen vaste kosten in een tijd van economische onzekerheid.