Archief 745
Inventaris 745-316
Pagina 233
Dossier 90
Jaar 1940
Stadsarchief

Handgeschreven brief (verzoek/klacht).

Van: Onbekend (vader van J. de Rooij).

Origineel

Handgeschreven brief (verzoek/klacht). Onbekend (vader van J. de Rooij). betreffende:
J. de Rooij

Nº 25/128/ M. 1940 10/7
Amsterdam 6 Juli ’40
den Wel: Ed: Gestr: Heer
Dir: Marktwezen

M. H:

Zeer tot mijn spijt moet ik door deze tot U komen, ik vertrouw echter dat U de zaak weer recht zal zetten. Mijn zoon Jan n.l. heeft 5 jaar op de Alb: Cuypmarkt gestaan vanaf zijn 15e jaar. Hij had de laatste 4 jaar een vaste standplaats voor een garage, welke plaats niet genummerd was. Nu heeft zich als bij vele anderen het geval voorgedaan, dat mijn zoon met 1 April j.l. werd opgeroepen om zijn militaire plicht te vervullen en nu hij voor 3 weken terug kwam was zijn plaats weg. Nu weet ik wel dat reglementair het zoo is, dat Jan op een vaste plaats misschien nog geen recht had om die toegewezen te worden, gezien de leeftijd. Maar die nu wel de plaats heeft toegewezen gekregen is nog jonger in leeftijd als Jan en staat slechts een paar jaar op de markt. Daarom ben ik nu tot U gekomen want Jan had van niets af het weten te brengen tot een broodwinning en nu voor erkentelijkheid omdat hij voor zijn vaderland te verdedigen werd opgeroepen kan hij nu; 21 jaar oud weer aan de van Woustraat beginnen! * Inhoud: De schrijver bepleit de zaak van zijn zoon Jan, die zijn ongenummerde vaste standplaats op de Albert Cuypmarkt is kwijtgeraakt. Jan was vanaf zijn 15e werkzaam op de markt, maar moest op 1 april 1940 in militaire dienst. Bij zijn terugkeer (na de capitulatie) bleek zijn plek ingenomen door een jonger, minder ervaren persoon.
* Stijl en Toon: De brief is geschreven in een formeel-beleefde toon ("Wel: Ed: Gestr: Heer"), maar bevat een duidelijke emotionele en morele ondertoon. De afzender beroept zich op rechtvaardigheid en "erkentelijkheid" voor bewezen diensten aan het vaderland.
* Paleografische kenmerken: Het betreft een goed leesbaar, verzorgd cursief handschrift uit het midden van de 20e eeuw. Opmerkelijk is het gebruik van afkortingen zoals "n.l." (namelijk) en "j.l." (jongstleden). * Historische context: De brief dateert van juli 1940, kort na de Duitse inval en de Nederlandse capitulatie (mei 1940). Het land bevond zich in de beginfase van de bezetting. Veel gedemobiliseerde soldaten keerden in deze periode terug naar hun burgerbestaan en stuitten vaak op problemen met hun oude werkplek of inkomen.
* Lokale context: Het Amsterdamse Marktwezen hanteerde strikte regels voor standplaatsen op populaire markten zoals de Albert Cuyp. De brief geeft inzicht in de informele status van "ongenummerde" plekken (bijv. voor een garage) en de concurrentie tussen marktkooplieden. De verwijzing naar de Van Woustraat duidt op een gedwongen verhuizing naar een waarschijnlijk minder gunstige locatie.

Samenvatting

  • Inhoud: De schrijver bepleit de zaak van zijn zoon Jan, die zijn ongenummerde vaste standplaats op de Albert Cuypmarkt is kwijtgeraakt. Jan was vanaf zijn 15e werkzaam op de markt, maar moest op 1 april 1940 in militaire dienst. Bij zijn terugkeer (na de capitulatie) bleek zijn plek ingenomen door een jonger, minder ervaren persoon.
  • Stijl en Toon: De brief is geschreven in een formeel-beleefde toon ("Wel: Ed: Gestr: Heer"), maar bevat een duidelijke emotionele en morele ondertoon. De afzender beroept zich op rechtvaardigheid en "erkentelijkheid" voor bewezen diensten aan het vaderland.
  • Paleografische kenmerken: Het betreft een goed leesbaar, verzorgd cursief handschrift uit het midden van de 20e eeuw. Opmerkelijk is het gebruik van afkortingen zoals "n.l." (namelijk) en "j.l." (jongstleden).

Historische Context

  • Historische context: De brief dateert van juli 1940, kort na de Duitse inval en de Nederlandse capitulatie (mei 1940). Het land bevond zich in de beginfase van de bezetting. Veel gedemobiliseerde soldaten keerden in deze periode terug naar hun burgerbestaan en stuitten vaak op problemen met hun oude werkplek of inkomen.
  • Lokale context: Het Amsterdamse Marktwezen hanteerde strikte regels voor standplaatsen op populaire markten zoals de Albert Cuyp. De brief geeft inzicht in de informele status van "ongenummerde" plekken (bijv. voor een garage) en de concurrentie tussen marktkooplieden. De verwijzing naar de Van Woustraat duidt op een gedwongen verhuizing naar een waarschijnlijk minder gunstige locatie.

Locaties

Amsterdam.

Gerelateerde Documenten 6