Archiefdocument
Origineel
-2-
Den Heere Mr. G. van 't Riet te 's-Gravenhage.
De omstandigheid, dat mijn cliënt vrijwel uitsluitend zijn broers tot afnemers heeft, kan er m.i. niets aan af doen, dat hij als grossier moet worden aangemerkt, zooals ook de Groentén- en Fruitcentrale gedaan heeft.
Ik moge U tenslotte mijn erkentelijkheid betuigen voor Uw toezegging deze aangelegenheid met Dr. Van der Laan te zullen bespreken en, zoo zulks voor mijn cliënt geen resultaten mocht opleveren, de zaak in het College van Regeeringscommissarissen te zullen brengen.
Tenslotte moge ik hieraan toevoegen, dat Dr. Van der Laan indertijd, toen mijn cliënt nog geen grossierserkenning van de Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale bezat, aan hem een kooperskaart heeft uitgereikt, waarop mijn cliënt, die destijds samenwerkte met den grossier Papevoine, toegang tot de Centrale Markt had. Mijn cliënt heeft nooit een kooperskaart gevraagd, maar alleen verzocht tot de Centrale Markt te worden toegelaten. Cliënt heeft van zijn kooperskaart, die hij niet noodig heeft en nooit noodig heeft gehad, vrijwel nimmer gebruik gemaakt.
Gaarne zie ik eenig bericht omtrent de resultaten Uwer bemoeiingen van U tegemoet.
Met de meeste hoogachting,
(w.g. onleesbaar)
afschrift
--- Dit document is de tweede pagina van een zakelijke of juridische brief waarin een belangenbehartiger pleit voor de officiële status van zijn cliënt als 'grossier' (groothandelaar) in de groente- en fruitsector.
- Kernargument: De schrijver stelt dat de feitelijke situatie (uitsluitend leveren aan broers) de status van grossier niet in de weg mag staan. De cliënt streeft naar formele erkenning die blijkbaar al deels door de Groenten- en Fruitcentrale is verleend.
- Strijd tegen bureaucratie: De brief maakt melding van een geschil over een 'kooperskaart'. De cliënt wilde toegang tot de markt, maar kreeg een kaart die hij eigenlijk niet wilde of nodig had. Dit duidt op een poging om de cliënt in een lagere categorie (koper/detailhandelaar) in te delen in plaats van de gewenste status van grossier.
- Escalatie: Er wordt gedreigd de zaak voor te leggen aan het 'College van Regeeringscommissarissen' als overleg met een zekere Dr. Van der Laan niets oplevert. Dit wijst op een formele bezwaarprocedure binnen een gereguleerd economisch systeem.
--- De terminologie in het document ('Groentén- en Fruitcentrale', 'College van Regeeringscommissarissen') plaatst de tekst zeer waarschijnlijk in de periode van de Nederlandse economische heropbouw direct na de Tweede Wereldoorlog.
- Gereguleerde markt: In deze periode was de handel in levensmiddelen sterk gereguleerd door de overheid via productschappen en 'centrales'. Status als grossier was cruciaal voor de toewijzing van quota, vergunningen en toegang tot handelslocaties zoals de Centrale Markt (waarschijnlijk die van Amsterdam of Den Haag).
- Mr. G. van 't Riet: De geadresseerde was een bekend Haags jurist, wat bevestigt dat dit een formeel-juridische correspondentie betreft.
- Taalgebruik: De spelling (zoals 'zooals' en 'indertijd') en de hoffelijke toon zijn kenmerkend voor de zakelijke correspondentie van het midden van de 20e eeuw, vóór de grote spellinghervorming van 1947 of kort daarna toen de oude gewoonten nog voortleefden.