Brief (afschrift van een verzoekschrift)
Origineel
Brief (afschrift van een verzoekschrift) 15 april 1940 M. Nebig (namens deze ondertekend p.p.) Burgemeester en Wethouders van Amsterdam No. 66/6/1 M.1940 17/4 AFSCHRIFT
No. 383 L.M. 1940 15/4
Amsterdam, 15 April 1940.
Burgemeester en Wethouders van
AMSTERDAM
Geacht College,
Ondergeteekende, M. Nebig, 2e Hugo de Grootstraat 64 I te Amsterdam-West, richt zich tot UEd. betreffende het volgende:
Op de Centrale Markthal neemt hij een standplaats in, Loods H 15. Daar nu is op de W.C. de pot stuk en is dus onbruikbaar.
Ondergeteekende heeft reeds wel 20 maal den heer Broerse hierover aangesproken, doch deze Heer laat ondergeteekende met de woorden in den mond staan en is het resultaat nihil. Ook den Heer Van der Laan, portiers en opzichters heeft ondergeteekende hierover aangesproken, doch alles zonder resultaat.
Thans verzoekt ondergeteekende UEd. hem in deze terzijde te staan en die maatregelen te doen treffen opdat aan zijn verlangen kan worden voldaan.
Immers ondergeteekende betaalt daar toch ook zijn huur voor.
UEd. dankend voor de te nemen moeite
M. Nebig, Hoogachting
2e Hugo de Grootstraat 64 I UEd. dw.
Amsterdam-W. p.p. M. Nebig
w.g. onleesbaar * Taalgebruik: De brief is geschreven in de formele, ambtelijke stijl van voor de Tweede Wereldoorlog. Kenmerkend zijn de spelling (ondergeteekende, den heer) en de beleefdheidsvorm "UEd." (Uwe Edelachtbaren).
* Inhoud: De afzender beklaagt zich over de bureaucratie en de lakse houding van het personeel (de heren Broerse en Van der Laan) op de Centrale Markthal. Ondanks twintig verzoeken is een defect toilet bij zijn standplaats (Loods H 15) niet gerepareerd. De schrijver voert als argument aan dat hij voor de faciliteiten betaalt via zijn huur.
* Vorm: Het betreft een getypt 'afschrift', wat betekent dat dit een kopie is voor het archief of voor een andere afdeling. De aanduiding "w.g. onleesbaar" (was getekend) geeft aan dat het origineel handgeschreven was ondertekend, maar dat de klerk de handtekening niet kon ontcijferen. De brief is gedateerd op 15 april 1940, minder dan een maand voor de Duitse inval in Nederland (10 mei 1940). Het document biedt een inkijkje in het dagelijks leven en de burgerlijke beslommeringen aan de vooravond van de oorlog. De Centrale Markthal in Amsterdam (geopend in 1934) was destijds het vitale centrum voor de voedseldistributie in de stad. De brief toont aan dat zelfs in tijden van internationale spanning, de lokale bureauctratie en het onderhoud van publieke markthallen de gemoederen van de Amsterdamse ondernemer bezighielden.