Archief 745
Inventaris 745-334
Pagina 61
Dossier 90
Jaar 1940
Stadsarchief

Zakelijke brief (kopie/doorslag)

18 april 1940 Van: De Directeur van het Marktwezen, Amsterdam-West

Origineel

Zakelijke brief (kopie/doorslag) 18 april 1940 De Directeur van het Marktwezen, Amsterdam-West No. 64/9/4 M. 18 April 1940.

DIRECTIE VAN HET MARKTWEZEN.

Amsterdam-West,
Jan van Galenstraat 14.

den Heer J.C. Cramer,
Centrale Markt E 21,
Aan Amsterdam-West.

Verzonden 18/4 '40. [handgeschreven in de linker marge]

In bijlage dezes heb ik de eer U het geregistreerde huurcontract betreffende een door U gehuurde pakhuisafdeeling op de Centrale Markt te doen toekomen.

Ik verzoek U beleefd rekening te houden met het feit, dat, ingevolge het bepaalde in artikel 1619 van het Burgerlijk Wetboek reparatiën, zooals van rolluiken, ruiten, sloten, enz., voor Uw rekening zijn.

Tevens breng ik, voor zoo ver noodig, in herinnering, dat artikel 8 van het contract verbiedt om reclamemiddelen of aankondigingen te Uwen behoeve of ten behoeve van derden aan of op het gehuurde aan te brengen, zonder mijn schriftelijke toestemming. U gelieve zich in alle gevallen, waarin U tot het aanbrengen van eenig bord of andere aanduiding wenscht over te gaan, vóóraf met mij te verstaan.

De Directeur, Deze brief is een formeel schrijven van de Directie van het Marktwezen aan een huurder van een pakhuisruimte op de Centrale Markt in Amsterdam. De kern van de brief is de officiële toezending van het geregistreerde huurcontract.

De directeur wijst de huurder expliciet op twee belangrijke verplichtingen:
1. Onderhoud: Volgens artikel 1619 van het toenmalige Burgerlijk Wetboek vallen kleine herstellingen (zoals rolluiken, ruiten en sloten) onder de verantwoordelijkheid en kosten van de huurder.
2. Reclame-uitingen: Op basis van artikel 8 van het huurcontract is het verboden om zonder schriftelijke toestemming reclameborden of aankondigingen te plaatsen. De huurder wordt gemaand om hierover vooraf in overleg te treden.

Het document is een doorslag op dun papier, met een handgeschreven kanttekening ("Verzonden 18/4 '40") die de verzenddatum bevestigt. De datum van deze brief, 18 april 1940, is historisch saillant. Het is minder dan een maand voordat de Tweede Wereldoorlog in Nederland uitbrak (10 mei 1940). Ondanks de dreigende internationale situatie, ging de dagelijkse bureaucratie en administratie in Amsterdam gewoon door.

De locatie, Jan van Galenstraat 14, verwijst naar het terrein van de Centrale Markthallen in Amsterdam-West, dat in 1934 was geopend. Dit was destijds een hypermodern complex voor de groothandel in levensmiddelen. De heer J.C. Cramer was waarschijnlijk een handelaar die een "pakhuisafdeeling" (unit) huurde in de hallen (sectie E, nummer 21).

De verwijzing naar het Burgerlijk Wetboek (artikel 1619) toont de juridische inkadering van huurovereenkomsten in die tijd. Dit specifieke artikel regelt de zogenaamde "geringe herstellingen" die traditioneel voor rekening van de huurder komen, een principe dat in de basis nog steeds terug te vinden is in het huidige Nederlandse huurrecht.

Samenvatting

Deze brief is een formeel schrijven van de Directie van het Marktwezen aan een huurder van een pakhuisruimte op de Centrale Markt in Amsterdam. De kern van de brief is de officiële toezending van het geregistreerde huurcontract.

De directeur wijst de huurder expliciet op twee belangrijke verplichtingen:
1. Onderhoud: Volgens artikel 1619 van het toenmalige Burgerlijk Wetboek vallen kleine herstellingen (zoals rolluiken, ruiten en sloten) onder de verantwoordelijkheid en kosten van de huurder.
2. Reclame-uitingen: Op basis van artikel 8 van het huurcontract is het verboden om zonder schriftelijke toestemming reclameborden of aankondigingen te plaatsen. De huurder wordt gemaand om hierover vooraf in overleg te treden.

Het document is een doorslag op dun papier, met een handgeschreven kanttekening ("Verzonden 18/4 '40") die de verzenddatum bevestigt.

Historische Context

De datum van deze brief, 18 april 1940, is historisch saillant. Het is minder dan een maand voordat de Tweede Wereldoorlog in Nederland uitbrak (10 mei 1940). Ondanks de dreigende internationale situatie, ging de dagelijkse bureaucratie en administratie in Amsterdam gewoon door.

De locatie, Jan van Galenstraat 14, verwijst naar het terrein van de Centrale Markthallen in Amsterdam-West, dat in 1934 was geopend. Dit was destijds een hypermodern complex voor de groothandel in levensmiddelen. De heer J.C. Cramer was waarschijnlijk een handelaar die een "pakhuisafdeeling" (unit) huurde in de hallen (sectie E, nummer 21).

De verwijzing naar het Burgerlijk Wetboek (artikel 1619) toont de juridische inkadering van huurovereenkomsten in die tijd. Dit specifieke artikel regelt de zogenaamde "geringe herstellingen" die traditioneel voor rekening van de huurder komen, een principe dat in de basis nog steeds terug te vinden is in het huidige Nederlandse huurrecht.

Gerelateerde Documenten 6