Archief 745
Inventaris 745-348
Pagina 307
Dossier 100
Jaar 1941
Stadsarchief

Ambtelijk verzoekschrift / intern memorandum.

10 december 1941 (met latere aantekeningen op 11/12/1941 en 15/12/1941).

Origineel

Ambtelijk verzoekschrift / intern memorandum. 10 december 1941 (met latere aantekeningen op 11/12/1941 en 15/12/1941). [Links boven:]
Verlenging
tijdelijke
hulpmarkten

[Rechts boven:]
A'dam, 10/12 1941
11/12 '41 / 15/12 '41
W.H.M.
20/471 M

[Hoofdtekst:]
Bij Besluit van B. en W. dd.
13 December 1940 No. 1005 LM. 1940 zijn
de daarin genoemde tijdelijke hulp-
markten aangewezen voor ten hoogste
één jaar, ingaande 1 Januari 1941.
Bij Besluit van B. en W. dd. 24/1 1941
no. 147 LM 1941 is m. i. v. 24 Januari
1941 aangewezen als tijdelijke hulp-
markt van de brandstoffenmarkt,
het Westerdok, begrensd door het
terrein, gelegen tusschen het Westerdok
en den Westerdoksdijk over een
lengte van 30 meter naar het Noorden
en 20 meter naar het Oosten, gemeten
van uit het Z.-O. begin van deze begren-
zing, terwijl bij Besluit van den R. C.
voor A'dam dd. 4 Juli 1941 m. i. v.
1 Juli 1941 is aangewezen als tijde-
lijke hulpmarkt van de brandstoffen-
markt, de Lijnbaansgracht (Noord-
zijde) vanaf de brug over de Reguliers-
gracht tot en met het gedeelte voor
perceel Lijnbaansgracht No. 380.
Ik heb de eer U beleefd te
verzoeken, wel te willen bevorderen,
dat ingevolge artikel 7 lid 2 van de
verordening op den dienst van het MW...

[Marge tekst links, verticaal geschreven als vervolg op de laatste zin:]
...de tijdelijke hulpmarkten genoemd in de
bovenstaande besluiten door den Burgemeester
met 1 Januari 1942 opnieuw voor den tijd van
één jaar worden aangewezen. Het document is een formeel ambtelijk verzoek om de status van twee specifieke locaties als "tijdelijke hulpmarkt" te verlengen voor het jaar 1942. Deze markten waren essentieel voor de distributie van brandstoffen (zoals kolen en hout) aan de Amsterdamse bevolking.

De tekst identificeert twee locaties nauwkeurig:
1. Westerdok: Een specifiek terrein tussen het Westerdok en de Westerdoksdijk, exact afgemeten (30 bij 20 meter).
2. Lijnbaansgracht: De noordzijde, vanaf de brug over de Reguliersgracht tot aan huisnummer 380.

De afkorting "MW" aan het einde van de tekst staat voor de dienst Marktwezen. De schrijfstijl is uiterst formeel ("Ik heb de eer U beleefd te verzoeken"), passend bij de bureaucratische omgangsvormen van die tijd. Dit document dateert van december 1941, ruim anderhalf jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Tijdens deze periode was er een groot tekort aan brandstoffen door vorderingen en distributieproblemen. Brandstoffenmarkten waren vitale knooppunten waar schaarse goederen onder toezicht werden verhandeld of verdeeld.

Opvallend is de vermelding van de "R.C. voor A'dam". Dit staat voor de Regeringscommissaris. In maart 1941 had de bezetter de gemeenteraad van Amsterdam ontbonden en Edward Voûte aangesteld als regeringscommissaris. Dit verklaart waarom besluiten uit de zomer van 1941 (zoals genoemd in de tekst) door de R.C. werden genomen in plaats van door het reguliere college van B&W. De hulpmarkten waren een direct gevolg van de oorlogseconomie en de noodzaak om de basisbehoeften van de bevolking strak te reguleren.

Samenvatting

Het document is een formeel ambtelijk verzoek om de status van twee specifieke locaties als "tijdelijke hulpmarkt" te verlengen voor het jaar 1942. Deze markten waren essentieel voor de distributie van brandstoffen (zoals kolen en hout) aan de Amsterdamse bevolking.

De tekst identificeert twee locaties nauwkeurig:
1. Westerdok: Een specifiek terrein tussen het Westerdok en de Westerdoksdijk, exact afgemeten (30 bij 20 meter).
2. Lijnbaansgracht: De noordzijde, vanaf de brug over de Reguliersgracht tot aan huisnummer 380.

De afkorting "MW" aan het einde van de tekst staat voor de dienst Marktwezen. De schrijfstijl is uiterst formeel ("Ik heb de eer U beleefd te verzoeken"), passend bij de bureaucratische omgangsvormen van die tijd.

Historische Context

Dit document dateert van december 1941, ruim anderhalf jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Tijdens deze periode was er een groot tekort aan brandstoffen door vorderingen en distributieproblemen. Brandstoffenmarkten waren vitale knooppunten waar schaarse goederen onder toezicht werden verhandeld of verdeeld.

Opvallend is de vermelding van de "R.C. voor A'dam". Dit staat voor de Regeringscommissaris. In maart 1941 had de bezetter de gemeenteraad van Amsterdam ontbonden en Edward Voûte aangesteld als regeringscommissaris. Dit verklaart waarom besluiten uit de zomer van 1941 (zoals genoemd in de tekst) door de R.C. werden genomen in plaats van door het reguliere college van B&W. De hulpmarkten waren een direct gevolg van de oorlogseconomie en de noodzaak om de basisbehoeften van de bevolking strak te reguleren.

Locaties

Amsterdam (A'dam).

Gerelateerde Documenten 6