Getypte brief met handgeschreven kanttekeningen.
Origineel
Getypte brief met handgeschreven kanttekeningen. 13 februari 1941. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst der Marktverlichting of een aanverwante gemeentelijke dienst). Den Heer Directeur voor Maatschappelijken Steun, Reguliersdwarsstraat 65-71, Amsterdam-Centrum. [Rechtsboven handgeschreven:]
M. Muller [?]
[Stempel/merkje]
D/HG.
den Heer Directeur voor
Maatschappelijken Steun,
Reguliersdwarsstraat 65-71,
Amsterdam-Centrum.
Wijk 5.
27/12/2 M. 13 Februari 1941.
Hiermede bericht ik U, dat de marktkoopman L.Schaap, wonen-
de Waverstraat 81 I, alhier een bedrag van ƒ 14,- aan mijn dienst
schuldig is voor een snoer der electrische marktverlichting, welk
snoer door hem is zoekgemaakt. Het blijkt momenteel niet mogelijk
terzake betaling van Schaap te verkrijgen, omdat hij steun geniet
van Uw bureau (crisisnummer 91166).
Ik verzoek U beleefd, indien dit mogelijk is, wekelijks van
de steunuitkeering van Schaap voornoemd een klein bedrag bijvoor-
beeld ƒ 0,50, te doen inhouden, ter afbetaling van bovenbedoelde
schuld en de som van deze inhoudingen te zijner tijd aan mijn
dienst op rekening 76 bij het Gemeentelijke Girokantoor te doen
overschrijven.
De Directeur,
[Onderaan handgeschreven aantekeningen in potlood:]
zie ook 27/11/3
voor ons zal f 0,50 per week
ingehouden op het totale bedrag f 14
zal op rek 76 worden gestort De brief is een formeel verzoek van de ene gemeentelijke dienst in Amsterdam aan de andere (Bureau voor Maatschappelijken Steun). De marktkoopman L. Schaap heeft een elektrisch snoer van de marktverlichting verloren en is de gemeente hiervoor 14 gulden verschuldigd. Omdat de man op dat moment een steunuitkering ontvangt (vanwege de economische malaise/oorlogstijd), kan hij het bedrag niet in één keer betalen. De directeur van de schuldeisende dienst stelt voor om de schuld in kleine termijnen van 50 cent per week af te lossen door middel van een directe inhouding op de uitkering. De handgeschreven notities onderaan bevestigen dat dit verzoek is verwerkt en geaccordeerd. Het document dateert van februari 1941, negen maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Het "Bureau voor Maatschappelijken Steun" aan de Reguliersdwarsstraat was het centrale punt voor armenzorg en de zogenaamde "Crisissteun" in Amsterdam. De term "crisisnummer" verwijst naar het systeem dat tijdens de Grote Depressie in de jaren '30 werd opgezet.
De brief illustreert de strikte bureaucratie en de precaire financiële situatie van kleine zelfstandigen (zoals marktkooplieden) in die tijd. Zelfs voor een relatief klein bedrag van 14 gulden werd een officieel traject tussen diensten opgestart om het geld via wekelijkse inhoudingen van 50 cent – een aanzienlijk deel van een toenmalige weekuitkering – terug te vorderen. De Waverstraat 81 I, het adres van de betrokkene, ligt in de Amsterdamse Rivierenbuurt.