Archief 745
Inventaris 745-362
Pagina 121
Dossier 104
Jaar 1941
Stadsarchief

Getypte brief (doorslag van een ambtelijk schrijven).

31 december 1941. Van: Onbekend (ondertekend met initialen VD/HG).

Origineel

Getypte brief (doorslag van een ambtelijk schrijven). 31 december 1941. Onbekend (ondertekend met initialen VD/HG). [Handgeschreven rechtsboven:] W. Müller [gevolgd door een stempel of paraaf]

[Links boven:]
VD/HG.

59/11/10 M.
31 December 1941.

Kwijtschelding marktgeld
Centrale Markt ten name van
den tuinder J. Postma.

den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .

Hiermede heb ik de eer U te berichten, dat den tuinder J. Postma, Muiderstraatweg 69, Diemen op grond van het feit, dat zijn tuin geïnundeerd is geweest, over 1940 kwijtschelding, respectievelijk restitutie van het door hem verschuldigde plaatsgeld en entréegeld voor het innemen van een tuindersplaats op de Centrale Markt is verleend ten bedrage van f 33,33
(besluit van Burgemeester en Wethouders d.d. 28 Februari 1941 No. 213 L.M. 1941)

Wegens de verplichting tot het veilen van zijn producten sedert 5 Mei 1941 heeft hij over het jaar 1941 kwijtschelding respectievelijk restitutie gekregen tot een bedrag van " 65,55
(vide besluit van den Burgemeester d.d. 21 Nov. 1941 No. 929 L.M. 1941)

Totaal f 98,88

Postma had over de jaren 1940 en 1941 moeten betalen:
plaatsgeld 2 x 90,-- f 180,--
entréegeld 2 x 10,-- 20,--
f 200,--

Hiervan heeft hij slechts het
entréegeld voldaan " 20,--
" 180,--

zoodat hij over bovengenoemde jaren nog een schuld heeft van f 81,12

Als gevolg van de inundatie is de tuin van Postma ten zeerste verarmd; de productie was gering en de kwaliteit der producten minderwaardig. Van Januari tot 5 Mei 1941 heeft hij als gevolg hiervan slechts op 6 dagen van zijn plaats op de Centrale Markt gebruik kunnen maken. Hij verzoekt daarom hem voor zijn geheele schuld ontheffing te verleenen, welk verzoek ik in dit bijzondere geval op billijkheidsgronden meen te moeten ondersteunen. Dit document is een intern advies binnen de gemeente Amsterdam (gezien de verwijzing naar "Alhier" en de Centrale Markt). De schrijver verzoekt de Wethouder van Levensmiddelen om een resterende schuld van f 81,12 kwijt te schelden voor tuinder J. Postma.

De argumentatie steunt op het feit dat Postma's land aan de Muiderstraatweg in Diemen is geïnundeerd (onder water gezet). Hierdoor was de grond verarmd, de oogst mislukt en de kwaliteit van de groenten slecht. Postma kon hierdoor nauwelijks handelen op de markt, terwijl hij wel voor de kosten van zijn vaste standplaats werd aangeslagen. Hoewel er reeds eerdere deel-kwijtscheldingen waren goedgekeurd in februari en november 1941, bleef er door een bureaucratische berekening een schuld over. De ambtenaar adviseert nu om de volledige resterende schuld kwijt te schelden op "billijkheidsgronden". Het document dateert uit de Tweede Wereldoorlog (december 1941). De genoemde "inundatie" is een direct gevolg van de oorlogsvoering. Tijdens de meidagen van 1940 werd de Waterlinie (waaronder gebieden rond Diemen) door het Nederlandse leger geactiveerd om de Duitse opmars te stuiten. Landbouwgrond die onder (zout of brak) water heeft gestaan, blijft vaak jarenlang onvruchtbaar of levert een kwalitatief slechte oogst op.

De tuinder J. Postma was een van de vele kleine ondernemers die klem kwamen te zitten tussen de vernietiging van hun bestaansmiddelen door de oorlog en de onverbiddelijke belasting- en marktregels. De Centrale Markt aan de Jan van Galenstraat was destijds de spil van de Amsterdamse voedselvoorziening; tuinders uit de omtrek waren verplicht hun waar daar aan te voeren. Dit document toont aan hoe de lokale overheid in oorlogstijd probeerde om te gaan met individuele gevallen van economische nood veroorzaakt door militaire maatregelen.

Samenvatting

Dit document is een intern advies binnen de gemeente Amsterdam (gezien de verwijzing naar "Alhier" en de Centrale Markt). De schrijver verzoekt de Wethouder van Levensmiddelen om een resterende schuld van f 81,12 kwijt te schelden voor tuinder J. Postma.

De argumentatie steunt op het feit dat Postma's land aan de Muiderstraatweg in Diemen is geïnundeerd (onder water gezet). Hierdoor was de grond verarmd, de oogst mislukt en de kwaliteit van de groenten slecht. Postma kon hierdoor nauwelijks handelen op de markt, terwijl hij wel voor de kosten van zijn vaste standplaats werd aangeslagen. Hoewel er reeds eerdere deel-kwijtscheldingen waren goedgekeurd in februari en november 1941, bleef er door een bureaucratische berekening een schuld over. De ambtenaar adviseert nu om de volledige resterende schuld kwijt te schelden op "billijkheidsgronden".

Historische Context

Het document dateert uit de Tweede Wereldoorlog (december 1941). De genoemde "inundatie" is een direct gevolg van de oorlogsvoering. Tijdens de meidagen van 1940 werd de Waterlinie (waaronder gebieden rond Diemen) door het Nederlandse leger geactiveerd om de Duitse opmars te stuiten. Landbouwgrond die onder (zout of brak) water heeft gestaan, blijft vaak jarenlang onvruchtbaar of levert een kwalitatief slechte oogst op.

De tuinder J. Postma was een van de vele kleine ondernemers die klem kwamen te zitten tussen de vernietiging van hun bestaansmiddelen door de oorlog en de onverbiddelijke belasting- en marktregels. De Centrale Markt aan de Jan van Galenstraat was destijds de spil van de Amsterdamse voedselvoorziening; tuinders uit de omtrek waren verplicht hun waar daar aan te voeren. Dit document toont aan hoe de lokale overheid in oorlogstijd probeerde om te gaan met individuele gevallen van economische nood veroorzaakt door militaire maatregelen.

Gerelateerde Documenten 6