Ambtelijk rapport/notitie.
Origineel
Ambtelijk rapport/notitie. 10 december 1941. Waarschijnlijk een inspecteur of ambtenaar van het Marktwezen (ondertekend door 'Neuhoff'?). No 85/2/4 m 1941 10/11
Aan den Inspecteur
2de Marktwezen
sectie.
Wat het schrijven van H. Seegers
Goudsbloemstraat 156 betreft diene
het volgende:
Seegers geeft voor, dat er ± 5
kooplieden met de aan hem toebehooren-
de bakfietsen en handkarren op de markt
Lindengracht zouden staan.
Ik kan U echter melden dat er
maar één van die genoemde koop-
lieden op de markt komt, n.m.
Lammers. Deze koopman beweert
dat de kar waar hij op uitstalt door
hem is aangekocht van ~~Seegers~~
Seegers. De 4 andere genoemde koop-
lieden komen de laatste jaren niet
meer op de markt.
10-12-1941.
[handtekening] De kern van deze notitie is een verificatie van een bewering gedaan door een zekere H. Seegers. Seegers claimde blijkbaar (waarschijnlijk in een brief of klacht) dat er vijf kooplieden op de Lindengracht-markt stonden die gebruikmaakten van zijn materieel (bakfietsen en handkarren).
De rapporteur heeft dit onderzocht en concludeert:
1. Er is slechts één koopman uit die groep aanwezig: Lammers.
2. Lammers stelt dat hij de kar niet huurt of leent, maar eerlijk heeft gekocht van Seegers.
3. De overige vier genoemde personen zijn al jaren niet meer op de markt gezien.
Het document is geschreven in een zakelijke, ambtelijke stijl die kenmerkend is voor de Nederlandse administratie uit die periode. Opvallend is de doorhaling op de zevende regel van onderen, waar de naam Seegers opnieuw is opgeschreven voor de duidelijkheid. Het document dateert uit december 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was er sprake van een strikte regulering van markten door het 'Marktwezen'. Het beheer van vergunningen, standplaatsen en materieel was essentieel voor het levensonderhoud van marktkooplieden.
De Lindengracht en Goudsbloemstraat liggen in de Jordaan in Amsterdam, een volksbuurt waar de markt een centrale rol speelde in de lokale economie. Dit soort kleine administratieve geschillen over het eigendom of gebruik van karren geeft een inkijkje in de dagelijkse gang van zaken en de bureaucratische controle in oorlogstijd. Mogelijk hield de kwestie verband met vergunningsvoorwaarden waarbij het bezit of de huur van een kar reglementair vastgelegd moest zijn. H. Seegers Lammers. Marktwezen