Officieel rapport / ambtsbericht.
Origineel
Officieel rapport / ambtsbericht. 14 maart 1942. № 2B/14/1 M. 1942 17/3
R A P P O R T
W.H. Fontijn, oud 46 jaar en wonende Postjeskade 2 huis alhier, verzoekt om een erkenning als groothandelaar in groenten in fruit. Hij verklaard reeds 35 jaar in de betrokken handel werkzaam te zijn geweest, waarvan 20 jaren als zelfstandig handelaar, waartoe hij op de oude markt een plaats zou hebben bezet, het geen mij bij onderzoek ook juist is gebleken. Fontijn vertoonde mij eenige bescheiden waaruit mij bleek, dat hij vroeger zelf een tuin heeft gehad en dat hij als aandeelhouder aangesloten is geweest bij de "Cooperatieve groentenveiling" Amsterdam en Omstreken".
De laatste jaren heeft hij evenwel geen tuin meer gehad en ook niet [handgeschreven tussenvoeging] voor eigen rekening, noch voor iemand anders ~~zaken gedaan~~ geen [overgetypt] zaken gedaan.
Wel is hij in dien tijd op de tuin bij zijn broer behulpzaam geweest. Op de Centrale Markt heeft Fontijn nimmer een plaats bezet en heeft geen toegang gehad. Door den heer N.J. Dinkgreve, Voorzitter van de Tuindersveiling voor Amsterdam en Omstreken is schriftelijk verklaard, dat Fontijn de [doorgehaald] 35 jaren in de betrokken handel werkzaam is geweest. Deze verklaring gaat hierbij. Fontijn [doorgehaalde letters] wil te zijner tijd weer groothandel gaan drijven en overweegt daartoe het huren van een plaats op de Centrale Markt.
Voor zoover door mij kan worden beoordeeld heeft Fontijn de vragen van zijn invulformulier naar waarheid beantwoord.
Amsterdam 14 Maart 1942
Controleur,
Den Heer Bedrijfschef
v/h Marktwezen.
[Handgeschreven handtekening: J. Elhorst (?)]
[Handgeschreven aantekeningen onderaan, deels onleesbaar:]
Vragenlijst stempelen en doorzenden naar Den Haag
Accoord. Dit rapport is opgesteld door een controleur van de gemeente Amsterdam (waarschijnlijk van de afdeling Marktwezen) ten behoeve van de bedrijfschef. De kern van het document is de verificatie van de beroepsgeschiedenis van de heer W.H. Fontijn. Fontijn wil officieel erkend worden als groothandelaar, wat hem de mogelijkheid zou geven een standplaats te bemachtigen op de Centrale Markt (tegenwoordig het Food Center Amsterdam aan de Jan van Galenstraat).
De controleur bevestigt dat Fontijn inderdaad een lange staat van dienst heeft (35 jaar), hoewel hij de laatste jaren niet zelfstandig actief was maar zijn broer hielp. Het rapport is positief gestemd: de controleur bevestigt de juistheid van Fontijns verklaringen en voegt een ondersteunende brief van de voorzitter van de Tuindersveiling toe. De handgeschreven krabbel onderaan geeft aan dat de aanvraag is goedgekeurd ("Accoord") en moet worden doorgeleid naar Den Haag. Het document dateert van maart 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de handel in levensmiddelen, waaronder groenten en fruit, strikt gereguleerd door de bezetter en de Nederlandse distributieautoriteiten om de voedselvoorziening te controleren en tekorten te beheersen.
Een "erkenning" als groothandelaar was in deze context niet slechts een zakelijke formaliteit, maar een noodzakelijke vergunning om legaal te mogen handelen binnen het distributiesysteem. De verwijzing naar "Den Haag" in de handgeschreven kantlijn duidt waarschijnlijk op het Rijksbureau voor Voedselvoorziening in Oorlogstijd of een vergelijkbare centrale instantie die de uiteindelijke vergunningen verleende. De Centrale Markt in Amsterdam was het logistieke hart van de voedselstroom in de stad, en toegang daartoe was streng voorbehouden aan erkende handelaren.