Archief 745
Inventaris 745-380
Pagina 481
Dossier 100
Jaar 1942
Stadsarchief

Officiële brief/geleidebrief.

7 april 1942. Van: Nederlandsche Visscherijcentrale, Afdeeling Distributie en Vischvervoer. Aan: Den Heer Directeur van het Marktwezen te Amsterdam. Dossier: 46, 5101

Origineel

Officiële brief/geleidebrief. 7 april 1942. Nederlandsche Visscherijcentrale, Afdeeling Distributie en Vischvervoer. Den Heer Directeur van het Marktwezen te Amsterdam. NEDERLANDSCHE VISSCHERIJCENTRALE
JULIANA VAN STOLBERGPLEIN 3—4 'S-GRAVENHAGE
POSTGIROREKENING 245271 — TELEGRAMADRES: NEDVISCEN — TELEFOON 720080 — INTERCOMM. XX
VOOR AFDEELING DISTRIBUTIE EN VISCHVERVOER TELEFOON 720060, TOESTEL 674, EN 722641

AFD. Verd. 'S-GRAVENHAGE, 7 April 1942
Betreffende verdeeling

Bericht op schrijven van

Bij antwoord vermelden:
No. 5101 Afd.V./Vij.
Bijlagen 1 stuks, t.w.:
afschrift schrijven C. Jongkind
te Amstelveen

Den Heer Directeur van het Marktwezen
Jan van Galenstraat
AMSTERDAM .-

[Handgeschreven aantekening, mogelijk:] nu. Insp.

Hierbij doen wij U afschrift van een schrijven
toekomen van C. Jongkind, Dorpstraat 2 te Amstelveen,
met verzoek de Nederlandsche Visscherijcentrale ter za-
ke van advies te willen dienen, waarvoor wij U bij
voorbaat onzen dank betuigen.

NEDERLANDSCHE VISSCHERIJCENTRALE,
[Handtekening]
Directeur

[Paars stempel onderaan:]
Nº 46A/46/1 M. 1942 8/4

[Linksonder in de marge:]
(A) 19652 '41 - K 983

[Onderaan gecentreerd:]
To Dit document is een administratieve geleidebrief van de Nederlandsche Visscherijcentrale (NVC), gericht aan de directeur van het Marktwezen in Amsterdam. De kern van de brief is het verzoek om advies naar aanleiding van een schrijven van een particulier, C. Jongkind uit Amstelveen.

De brief is representatief voor de bureaucratische afhandeling van voedseldistributie tijdens de Tweede Wereldoorlog. De afdeling 'Verdeeling' hield zich bezig met de allocatie van visproducten, die in deze periode schaars waren en onder strikt toezicht stonden. Het feit dat de centrale in Den Haag advies vraagt aan het Amsterdamse Marktwezen (gevestigd aan de Jan van Galenstraat, waar de Centrale Markthal stond), wijst op een nauwe samenwerking tussen landelijke controleorganen en lokale marktautoriteiten.

Opvallend zijn de vele registratienummers en stempels, wat duidt op een zorgvuldige archivering en een strikt hiërarchisch systeem van informatieverwerking. De datum op het grote paarse stempel (8/4) suggereert dat de brief de volgende dag in Amsterdam is ontvangen en geregistreerd. De Nederlandsche Visscherijcentrale werd kort na het begin van de Duitse bezetting in 1940 opgericht. Het was een overheidsorgaan (onderdeel van het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening in Oorlogstijd) dat de volledige controle kreeg over de visserijsector: van de vangst tot de handel en de uiteindelijke distributie aan de consument.

In april 1942, de datum van dit document, was de schaarste in Nederland reeds aanzienlijk. Bijna alle levensmiddelen, inclusief vis, waren op de bon of werden streng gereguleerd om te voorkomen dat er een zwarte markt ontstond en om de Duitse bezetter van voorraden te voorzien. Het Marktwezen in Amsterdam speelde een cruciale rol als logistiek knooppunt voor de voedselvoorziening van de hoofdstad. Brieven zoals deze van burgers (zoals C. Jongkind) gingen vaak over verzoeken voor extra toewijzingen, klachten over de kwaliteit of vragen over de geldende distributieregels. C. Jongkind Marktwezen Rijksbureau

Samenvatting

Dit document is een administratieve geleidebrief van de Nederlandsche Visscherijcentrale (NVC), gericht aan de directeur van het Marktwezen in Amsterdam. De kern van de brief is het verzoek om advies naar aanleiding van een schrijven van een particulier, C. Jongkind uit Amstelveen.

De brief is representatief voor de bureaucratische afhandeling van voedseldistributie tijdens de Tweede Wereldoorlog. De afdeling 'Verdeeling' hield zich bezig met de allocatie van visproducten, die in deze periode schaars waren en onder strikt toezicht stonden. Het feit dat de centrale in Den Haag advies vraagt aan het Amsterdamse Marktwezen (gevestigd aan de Jan van Galenstraat, waar de Centrale Markthal stond), wijst op een nauwe samenwerking tussen landelijke controleorganen en lokale marktautoriteiten.

Opvallend zijn de vele registratienummers en stempels, wat duidt op een zorgvuldige archivering en een strikt hiërarchisch systeem van informatieverwerking. De datum op het grote paarse stempel (8/4) suggereert dat de brief de volgende dag in Amsterdam is ontvangen en geregistreerd.

Historische Context

De Nederlandsche Visscherijcentrale werd kort na het begin van de Duitse bezetting in 1940 opgericht. Het was een overheidsorgaan (onderdeel van het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening in Oorlogstijd) dat de volledige controle kreeg over de visserijsector: van de vangst tot de handel en de uiteindelijke distributie aan de consument.

In april 1942, de datum van dit document, was de schaarste in Nederland reeds aanzienlijk. Bijna alle levensmiddelen, inclusief vis, waren op de bon of werden streng gereguleerd om te voorkomen dat er een zwarte markt ontstond en om de Duitse bezetter van voorraden te voorzien. Het Marktwezen in Amsterdam speelde een cruciale rol als logistiek knooppunt voor de voedselvoorziening van de hoofdstad. Brieven zoals deze van burgers (zoals C. Jongkind) gingen vaak over verzoeken voor extra toewijzingen, klachten over de kwaliteit of vragen over de geldende distributieregels.

Genoemde Personen 1

Locaties

Centrale Markt

Producten

A.G.F. (Aardappelen): Aardappel A.G.F. (Aardappelen): Veen A.G.F. (Fruit): Appel A.G.F. (Fruit): Fruit Vis & Zee: Vis Vis & Zee: Visch

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Marktwezen Rijksbureau

Gerelateerde Documenten 6