Archief 745
Inventaris 745-383
Pagina 361
Dossier 100
Jaar 1942
Stadsarchief

Slotpagina (pagina 5) van een proces-verbaal.

27 november 1942.

Origineel

Slotpagina (pagina 5) van een proces-verbaal. 27 november 1942. -5-

Een verklaring, dat Polstra nog niet bij de Nederlandsche
Visscherijcentrale is georganiseerd wordt bij dit proces-
verbaal gevoegd.

Het is mij bekend, dat verdachte reeds eerder is gever-
baliseerd terzake prijsopdrijving bij den verkoop van
visch en dat hij bekend staat als zijnde niet bonafide,
een zoogenaamde scharrelaar.

Hiervan is door mij op ambtseed opgemaakt, geteekend
en gesloten dit proces-verbaal te Amsterdam, den
27sten November 1942.

De controleur Centrale Contrôledienst,

[Handtekening: H. Hoogewerff] Dit document vormt het slotstuk van een opsporingsdossier betreffende economische delicten tijdens de Tweede Wereldoorlog. De focus ligt op een individu genaamd Polstra, die wordt beschreven als een recidivist op het gebied van "prijsopdrijving" (woekerprijzen) in de vishandel.

Er zijn twee belangrijke juridische punten in de tekst:
1. Organisatiegraad: De vermelding dat de verdachte niet is aangesloten bij de Nederlandsche Visscherijcentrale duidt op illegale handel buiten de officiële, door de bezetter gecontroleerde kanalen.
2. Kwalificatie van de persoon: De controleur gebruikt expliciet de termen "niet bonafide" en "zoogenaamde scharrelaar". In de context van de bezettingsjaren was een 'scharrelaar' iemand die buiten de distributieregels om handelde, vaak op de zwarte markt.

De tekst eindigt met de standaardformule "op ambtseed opgemaakt", wat aangeeft dat het document rechtsgeldigheid bezit voor een eventuele rechtszaak voor de Economische Rechter. Tijdens de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945) was de economie volledig onderworpen aan distributiestelsels en prijsbeheersing. De Centrale Contrôledienst (CCD) was de uitvoerende macht die toezag op de naleving van deze regels. Hun taak was het bestrijden van prijsopdrijving en zwarte handel om te voorkomen dat goederen buiten het Duitse zicht om werden verhandeld.

De Nederlandsche Visscherijcentrale was een door de bezetter ingestelde organisatie waarbij alle vissers en vishandelaren verplicht waren aangesloten. Door de schaarste was vis een gewild product op de zwarte markt. Personen die zich onttrokken aan de prijsvoorschriften of de organisatieplicht, zoals de hier genoemde Polstra, werden door de CCD streng vervolgd als "economische saboteurs". Het document dateert uit november 1942, een periode waarin de tekorten in Nederland snel toenamen en de jacht op 'scharrelaars' door de controle-instanties werd geïntensiveerd. H. Hoogewerff Gemeente Amsterdam

Samenvatting

Dit document vormt het slotstuk van een opsporingsdossier betreffende economische delicten tijdens de Tweede Wereldoorlog. De focus ligt op een individu genaamd Polstra, die wordt beschreven als een recidivist op het gebied van "prijsopdrijving" (woekerprijzen) in de vishandel.

Er zijn twee belangrijke juridische punten in de tekst:
1. Organisatiegraad: De vermelding dat de verdachte niet is aangesloten bij de Nederlandsche Visscherijcentrale duidt op illegale handel buiten de officiële, door de bezetter gecontroleerde kanalen.
2. Kwalificatie van de persoon: De controleur gebruikt expliciet de termen "niet bonafide" en "zoogenaamde scharrelaar". In de context van de bezettingsjaren was een 'scharrelaar' iemand die buiten de distributieregels om handelde, vaak op de zwarte markt.

De tekst eindigt met de standaardformule "op ambtseed opgemaakt", wat aangeeft dat het document rechtsgeldigheid bezit voor een eventuele rechtszaak voor de Economische Rechter.

Historische Context

Tijdens de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945) was de economie volledig onderworpen aan distributiestelsels en prijsbeheersing. De Centrale Contrôledienst (CCD) was de uitvoerende macht die toezag op de naleving van deze regels. Hun taak was het bestrijden van prijsopdrijving en zwarte handel om te voorkomen dat goederen buiten het Duitse zicht om werden verhandeld.

De Nederlandsche Visscherijcentrale was een door de bezetter ingestelde organisatie waarbij alle vissers en vishandelaren verplicht waren aangesloten. Door de schaarste was vis een gewild product op de zwarte markt. Personen die zich onttrokken aan de prijsvoorschriften of de organisatieplicht, zoals de hier genoemde Polstra, werden door de CCD streng vervolgd als "economische saboteurs". Het document dateert uit november 1942, een periode waarin de tekorten in Nederland snel toenamen en de jacht op 'scharrelaars' door de controle-instanties werd geïntensiveerd.

Genoemde Personen 1

Locaties

Amsterdam.

Producten

Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis Vis & Zee: Visch Vleeswaren: Vlees Vleeswaren: Wild

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Gemeente Amsterdam

Gerelateerde Documenten 6