Getypte brief met handgeschreven kanttekeningen.
Origineel
Getypte brief met handgeschreven kanttekeningen. 19 mei 1942. De Directeur (van een niet nader genoemde dienst, gevestigd aan de Jan van Galenstraat 14 te Amsterdam). R. Coppenhagen, p/a Rabbie, Niersstraat 24, Amsterdam-Z. [Handgeschreven: verzonden 19/5] [Handgeschreven: C. Müller]
vG/B.
R. Coppenhagen,
p/a Rabbie
Niersstraat 24,
Amsterdam-Z.
Wijk 22 C.
53/57/2 M. 19 Mei 1942.
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 12 dezer,
verzoek ik U zich tot het geven van nadere inlichtingen te
vervoegen aan het hoofdkantoor van mijn dienst, Jan van
Galenstraat 14, Amsterdam-West.
U dient bewijsstukken, welke op de liquidatie
van Uw zaak betrekking hebben, mede te brengen.
De Directeur, * Inhoud: De brief is een formele oproep aan de heer R. Coppenhagen om zich te melden bij een overheidsinstantie voor het verstrekken van informatie over de "liquidatie" van zijn bedrijf. Hij wordt gemaand bewijsstukken mee te nemen.
* Toon: De toon is ambtelijk, dwingend en kortaf, kenmerkend voor de bureaucratische afhandeling van onteigeningen tijdens de bezettingsjaren.
* Kernbegrip: "Liquidatie van Uw zaak". Dit is het eufemisme voor de gedwongen beëindiging of overname van een Joodse onderneming door de bezetter.
* Locatie: Het adres Jan van Galenstraat 14 in Amsterdam was tijdens de oorlog het hoofdkwartier van diverse instanties die betrokken waren bij de diefstal van Joods bezit, waaronder de Wirtschaftsprüfstelle en organisaties gelieerd aan de Omnia-Treuhandgesellschaft. Deze brief dateert van mei 1942, een periode waarin de vervolging van de Joodse bevolking in Nederland in een kritieke fase kwam. Naast de fysieke deportaties werd er op grote schaal economische roof gepleegd. Via verordeningen werden Joodse ondernemers gedwongen hun bedrijven aan te melden, waarna deze werden "geliquideerd" of onder toezicht van een nationaalsocialistische Verwalter (bewindvoerder) werden geplaatst.
De ontvanger, R. Coppenhagen, verblijf houdend op een adres in de "Joodse buurt" (Wijk 22 C), wordt hier geconfronteerd met het formele proces van zijn economische uitsluiting. De vermelding "p/a Rabbie" wijst er mogelijk op dat de heer Coppenhagen niet meer op zijn eigen oorspronkelijke adres woonde, wat vaak voorkwam door eerdere huisuitzettingen of concentratie van de Joodse bevolking. De Jan van Galenstraat 14 fungeerde als een administratief centrum voor deze systematische onteigening. R. Coppenhagen Z. Omnia