Officiële waarschuwingsbrief / kennisgeving van sanctie.
Origineel
Officiële waarschuwingsbrief / kennisgeving van sanctie. 14 september 1942. De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markt, Amsterdam). den Heer A.G. Huypen, Oosterweg 14, Heemskerk. [Handgeschreven, paars:] Verzonden 14/9 Bedrijfschef
[Getypt:]
VB/HB.
den Heer A.G.Huypen,
Oosterweg 14,
Heemskerk.
77/69/2 M. 14 September 1942.
Mij is gerapporteerd, dat U op Dinsdag 8 September j.l. op de
Centrale Markt een partij snijboonen heeft verkocht aan den kooper
H.G.Mud. In verband hiermede heb ik U, ingevolge het bepaalde in
artikel 35 van het Reglement op de Centrale Markt, wegens het onbe-
voegd uitoefenen van den groothandel, waardoor U de goede orde op
die markt heeft verstoord, gestraft met ontzeging van het recht van
toegang tot de Centrale Markt voor den tijd van drie dagen, namelijk
op 16, 17 en 18 September a.s.
Nadrukkelijk zij U gewaarschuwd, dat bij herhaling zeer scher-
pe maatregelen tegen U zullen worden genomen.
De Directeur, * **Inhoud:** De brief is een formele strafmaatregel tegen de heer A.G. Huypen uit Heemskerk. Hij wordt ervan beschuldigd op 8 september 1942 illegaal snijbonen te hebben verkocht aan een zekere H.G. Mud op de Centrale Markt.
- Overtreding: "Onbevoegd uitoefenen van den groothandel". Dit hield in dat de ontvanger handelde buiten de vastgestelde regels en vergunningen van de markt om.
- Sanctie: Een schorsing (ontzegging van toegang) van drie dagen: 16, 17 en 18 september 1942. Tevens wordt gedreigd met zwaardere maatregelen bij herhaling.
- Taalgebruik: Formeel, ambtelijk Nederlands met de destijds gebruikelijke spelling (bijv. "snijboonen", "den kooper", "j.l."). Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In 1942 was de voedselvoorziening strikt gereguleerd door de overheid (via het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening).
De Centrale Markt (waarschijnlijk die in Amsterdam) was een cruciaal distributiepunt. Om prijsopdrijving en de zwarte handel tegen te gaan, mochten goederen alleen via erkende kanalen en door bevoegde personen worden verhandeld. Het "onbevoegd uitoefenen van de groothandel" werd in deze tijd zeer serieus genomen, omdat het de officiële distributieketen en de rantsoenering kon ondermijnen. De sanctie van drie dagen uitsluiting was een directe economische straf voor een tuinder of handelaar. A.G. Huypen H.G. Mud Rijksbureau