Archief 745
Inventaris 745-392
Pagina 267
Dossier 24
Jaar 1942
Stadsarchief

Afschrift van een officieel besluit van het Amsterdamse gemeentebestuur.

Origineel

Afschrift van een officieel besluit van het Amsterdamse gemeentebestuur. [Linksboven:]
Afschrift
No. 201
L. M. 193 42

[Midden boven, paars stempel:]
Nº 85/6/2 M. 1942 27/2

[Rechtsboven, handgeschreven:]
Hut.
detts
[Symbool/paraaf]

[Centraal:]
[Wapenschild Amsterdam]
BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN AMSTERDAM,
De xxxxxxxxxxxxxx
Gezien het rapport van den Directeur van het Marktwezen dd. 12 Februari 1942, no. 85/6/1 M. houdende mededeeling, dat N. Koenders wonende Utrechtschedwarsstraat 91-93, geen verder gebruik meer maakt van de hem bij beschikking dd. 20 December 1938, No. 811 L.M. verleende vergunning tot het plaatsen van kramen, bestemd om op de markt Albert Cuypstraat te worden gebruikt, op een anderen dan voor de markt bestemden tijd;

Heeft goedgevonden de vergunning tot het plaatsen van marktkramen, bij die beschikking verleend, bij deze in te trekken.
GM

Amsterdam, 23 Februari 1942.
De Burgemeester voornoemd,
(get.) V o û t e

De Gemeentesecretaris,
(get.) J. F. FRANKEN

[Linksonder, handgeschreven in rood en blauw:]
m.w
regstr. getrokken [of: geschrapt]

[Rechtsonder, handgeschreven:]
geen schuld
0.60 te goed. Dit document is een ambtelijk afschrift van een besluit om een specifieke marktvergunning in te trekken. De vergunning gaf de heer N. Koenders het recht om marktkramen op de Albert Cuypstraat te plaatsen buiten de reguliere markttijden (waarschijnlijk voor opslag of vroege opbouw).

De aanleiding voor de intrekking is administratief van aard: de betrokkene maakt volgens een rapport van de Directeur van het Marktwezen "geen verder gebruik meer" van de vergunning die in 1938 was verleend. De handgeschreven aantekeningen onderaan duiden op de financiële afwikkeling door de administratie van het Marktwezen (m.w.): er is geen openstaande schuld, maar de betrokkene heeft nog een klein bedrag (60 cent) tegoed.

De namen op het document zijn historisch significant: Edward Voûte was de regeringsgetrouwe (pro-Duitse) burgemeester van Amsterdam tijdens een groot deel van de bezetting. J.F. Franken was de gemeentesecretaris. Het document dateert uit februari 1942, midden in de Tweede Wereldoorlog. In deze periode stond de Amsterdamse marktwereld onder grote druk door de Duitse bezettingsmaatregelen. Hoewel de reden voor intrekking hier gepresenteerd wordt als het "niet meer gebruiken" van de vergunning, vonden dergelijke mutaties in die tijd vaak plaats tegen de achtergrond van de uitsluiting van Joodse kooplieden of de algemene schaarste en distributieproblemen.

De Utrechtschedwarsstraat en de Albert Cuypmarkt vormden het hart van een levendige handelsbuurt waar veel Joodse Amsterdammers woonden en werkten. In 1941 en 1942 werden de maatregelen tegen Joodse marktkooplieden steeds strenger, wat leidde tot veel gedwongen bedrijfsbeëindigingen en het vervallen van vergunningen. Of N. Koenders direct door deze maatregelen werd getroffen of om een andere reden stopte, behoeft nader archiefonderzoek (bijvoorbeeld in het Marktwezen-archief).

Samenvatting

Dit document is een ambtelijk afschrift van een besluit om een specifieke marktvergunning in te trekken. De vergunning gaf de heer N. Koenders het recht om marktkramen op de Albert Cuypstraat te plaatsen buiten de reguliere markttijden (waarschijnlijk voor opslag of vroege opbouw).

De aanleiding voor de intrekking is administratief van aard: de betrokkene maakt volgens een rapport van de Directeur van het Marktwezen "geen verder gebruik meer" van de vergunning die in 1938 was verleend. De handgeschreven aantekeningen onderaan duiden op de financiële afwikkeling door de administratie van het Marktwezen (m.w.): er is geen openstaande schuld, maar de betrokkene heeft nog een klein bedrag (60 cent) tegoed.

De namen op het document zijn historisch significant: Edward Voûte was de regeringsgetrouwe (pro-Duitse) burgemeester van Amsterdam tijdens een groot deel van de bezetting. J.F. Franken was de gemeentesecretaris.

Historische Context

Het document dateert uit februari 1942, midden in de Tweede Wereldoorlog. In deze periode stond de Amsterdamse marktwereld onder grote druk door de Duitse bezettingsmaatregelen. Hoewel de reden voor intrekking hier gepresenteerd wordt als het "niet meer gebruiken" van de vergunning, vonden dergelijke mutaties in die tijd vaak plaats tegen de achtergrond van de uitsluiting van Joodse kooplieden of de algemene schaarste en distributieproblemen.

De Utrechtschedwarsstraat en de Albert Cuypmarkt vormden het hart van een levendige handelsbuurt waar veel Joodse Amsterdammers woonden en werkten. In 1941 en 1942 werden de maatregelen tegen Joodse marktkooplieden steeds strenger, wat leidde tot veel gedwongen bedrijfsbeëindigingen en het vervallen van vergunningen. Of N. Koenders direct door deze maatregelen werd getroffen of om een andere reden stopte, behoeft nader archiefonderzoek (bijvoorbeeld in het Marktwezen-archief).

Gerelateerde Documenten 6