Archief 745
Inventaris 745-406
Pagina 65
Dossier 17
Jaar 1943
Stadsarchief

Extract uit het Boek der Besluiten van de Burgemeester van Amsterdam.

24 december 1942.

Origineel

Extract uit het Boek der Besluiten van de Burgemeester van Amsterdam. 24 december 1942. [Linksboven, handgeschreven en gestempeld:]
No. 494$^f$ Arb. 1942.
113 LM 1943
No. 4/3/2/1 M. 1943

[Rechtsboven, getypt:]
Verbod tot het verrichten van nevenwerkzaamheden.

[Rechtsboven, handgeschreven annotaties en parafen:]
Marktw. [Marktwezen]
m.i.v. 1/7 43
[onleesbare paraaf, mogelijk J.H. Slijkhuis]
2/3/43

[Centraal over de tekst, diagonaal in rood potlood/krijt:]
Vervallen
[Grote rode ‘X’ door de gehele tekst]

[Hoofdtekst:]
E x t r a c t
uit het Boek der Besluiten
van den Burgemeester van Amsterdam.
Donderdag, 24 December 1942.

Op voorstel van den Wethouder voor de Arbeidszaken neemt de Burgemeester het volgende besluit:
De Burgemeester van Amsterdam,
Gezien het schrijven van den Secretaris-Generaal van het Departement van Binnenlandsche Zaken van 18 Maart 1942, No. 62982 afd. Ambtenarenzaken en zijn besluit d.d. heden, No. 494$^e$ Arb.;
Overwegende, dat het gewenscht is, het verbod tot het verrichten van nevenwerkzaamheden mede van toepassing te doen zijn op de ambtenaren, voor wie de Algemeene Voorschriften (Regeling No. 7 Ambt.) niet gelden;
Gelet op de bepalingen van de Achtste Verordening van den Rijkscommissaris voor het bezette Nederlandsche gebied betreffende bijzondere maatregelen op administratiefrechtelijk gebied (Verordening 152/1941);

B e s l u i t :

A. met ingang van 1 Juli 1943;
I. te bepalen, dat het den ambtenaar, wiens betrekking is ingedeeld in de XIIIe of een hoogere salarisgroep, verboden is betaalde nevenwerkzaamheden, ook van wetenschappelijken aard, te verrichten, tenzij hiervoor door den Burgemeester (waarnemende de taak van Burgemeester en Wethouders) toestemming is verleend;
II. te bepalen, dat het onder I bedoelde verbod niet van toepassing is op den ambtenaar, wiens functie niet den normalen werktijd in beslag neemt;

[Rechtsonder, handgeschreven paginanummer:]
43

--- Dit document is een administratief besluit van het Amsterdamse gemeentebestuur tijdens de Duitse bezetting. De kern van het besluit is een verscherping van de integriteits- of arbeidsregels: ambtenaren in de hogere rangen (salarisgroep XIII en hoger) mogen geen betaalde nevenfuncties meer bekleden zonder expliciete toestemming. Opvallend is dat zelfs "werkzaamheden van wetenschappelijken aard" onder dit verbod vallen.

De grote rode tekst "Vervallen" en de diagonale streep geven aan dat dit specifieke besluit op een later moment ongeldig is verklaard, is ingetrokken of is vervangen door een nieuwe regeling. De handgeschreven aantekeningen rechtsboven suggereren dat het document is rondgegaan langs verschillende afdelingen (zoals het Marktwezen) in het voorjaar van 1943, vlak voordat de regeling op 1 juli 1943 in werking zou treden.

--- Het besluit is genomen in december 1942, een periode waarin het Nederlandse openbaar bestuur volledig onder toezicht stond van de Duitse bezetter. De tekst verwijst expliciet naar een verordening van de Rijkscommissaris (Arthur Seyss-Inquart).

Tijdens de bezetting werd het ambtelijk apparaat gelijkgeschakeld (Gleichschaltung). De burgemeester van Amsterdam was op dat moment de regeringsgezinde Edward Voûte. Het feit dat de burgemeester hier de "taak van Burgemeester en Wethouders" waarneemt, vloeit voort uit het feit dat de gemeenteraad en het college van wethouders door de bezetter waren ontbonden of buiten spel gezet, waardoor de burgemeester nagenoeg dictatoriale bevoegdheden kreeg op lokaal niveau, onder strikte supervisie van de Duitsers. Dergelijke verboden op nevenwerkzaamheden konden dienen om de grip op de loyaliteit van hoge ambtenaren te vergroten of om te voorkomen dat zij hun invloed elders verzilverden.

Samenvatting

Dit document is een administratief besluit van het Amsterdamse gemeentebestuur tijdens de Duitse bezetting. De kern van het besluit is een verscherping van de integriteits- of arbeidsregels: ambtenaren in de hogere rangen (salarisgroep XIII en hoger) mogen geen betaalde nevenfuncties meer bekleden zonder expliciete toestemming. Opvallend is dat zelfs "werkzaamheden van wetenschappelijken aard" onder dit verbod vallen.

De grote rode tekst "Vervallen" en de diagonale streep geven aan dat dit specifieke besluit op een later moment ongeldig is verklaard, is ingetrokken of is vervangen door een nieuwe regeling. De handgeschreven aantekeningen rechtsboven suggereren dat het document is rondgegaan langs verschillende afdelingen (zoals het Marktwezen) in het voorjaar van 1943, vlak voordat de regeling op 1 juli 1943 in werking zou treden.


Historische Context

Het besluit is genomen in december 1942, een periode waarin het Nederlandse openbaar bestuur volledig onder toezicht stond van de Duitse bezetter. De tekst verwijst expliciet naar een verordening van de Rijkscommissaris (Arthur Seyss-Inquart).

Tijdens de bezetting werd het ambtelijk apparaat gelijkgeschakeld (Gleichschaltung). De burgemeester van Amsterdam was op dat moment de regeringsgezinde Edward Voûte. Het feit dat de burgemeester hier de "taak van Burgemeester en Wethouders" waarneemt, vloeit voort uit het feit dat de gemeenteraad en het college van wethouders door de bezetter waren ontbonden of buiten spel gezet, waardoor de burgemeester nagenoeg dictatoriale bevoegdheden kreeg op lokaal niveau, onder strikte supervisie van de Duitsers. Dergelijke verboden op nevenwerkzaamheden konden dienen om de grip op de loyaliteit van hoge ambtenaren te vergroten of om te voorkomen dat zij hun invloed elders verzilverden.

Gerelateerde Documenten 6