Archief 745
Inventaris 745-407
Pagina 100
Jaar 1943
Stadsarchief

Getypt verslag of interne memo met handgeschreven aantekeningen (concept).

Origineel

Getypt verslag of interne memo met handgeschreven aantekeningen (concept). [Handgeschreven:] concept [Getypt:] HB.

G a r n a l e n .

Tijdens een bespreking, welke eenige
ambtenaren van het Marktwezen eenige weken geleden
met den heer Vriens, leider der afdeeling garnalen
van de Nederlandsche Visscherij Centrale hebben
gehad, is gebleken, dat door verschillende onge-
oorloofde manipulaties van den grossier C. Rooseman
alhier, diens garnalentoewijzing in Zeeland voor
het jaar 1943 in vergelijking met die van het jaar
1942 is teruggeloopen van 38 % op 17 %. Op zich-
zelf zou deze achteruitgang van een particulier
ons weinig behoeven te interesseeren, ware het
niet, dat de voorziening der Gemeente Amsterdam
met garnalen hierdoor ernstig wordt benadeeld.
Aangezien namelijk Rooseman met zijn combinatie,
bestaande uit eenige Volendammers, verplicht was
om de garnalen te Amsterdam aan te voeren, be-
teekent de vermindering van het percentage van
Rooseman, dat Amsterdam 21 % minder garnalen uit
Zeeland zou ontvangen. Dit nu is een gang van
zaken, die ons zeer ongewenscht voorkomt, reden
waarom wij deze aangelegenheid in de bespreking
van 11 Maart jl. uitvoerig met den Directeur der
Nederlandsche Visscherij Centrale en den leider
der afdeeling garnalen hebben besproken. Genoemde
directeur verklaarde zich bereid om de Amsterdam
toekomende garnalentoewijzing over te schrijven
op een anderen grossier. De moeilijkheid was even-
wel, dat hiervoor geen geschikte grossier be-
schikbaar was. Wel staat de Volendammer Puul
Mooyer, die tot voor kort in de Combinatie Roose-
man was opgenomen, als bona fide garnalenaanvoerder
bekend, doch deze verzorgt reeds de aanvoeren uit
geheel Noord-Nederland, zoodat het voor hem be-
zwaarlijk was om ook in het Zuiden als kooper op
te treden. En de practijk met Rooseman heeft wel
bewezen, dat het voor een goeden aanvoer noodza-
kelijk is, dat de grossier persoonlijk op de
afslagen aanwezig is. Wij hebben, gelet op deze
situatie, daarop de leiding van de Nederlandsche
Visscherij Centrale medegedeeld, dat onzerzijds Dit document legt een logistiek en ethisch probleem bloot binnen de voedselvoorziening van Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog. De kernpunten zijn:

  • Fraude/Onregelmatigheden: Grossier C. Rooseman is gestraft voor "ongeoorloofde manipulaties", wat leidde tot een halvering van zijn toegewezen visquotum in Zeeland.
  • Impact op Amsterdam: Omdat Rooseman de primaire leverancier voor de stad was, had zijn persoonlijke straf directe gevolgen voor de visvoorraad van de Amsterdamse bevolking (een tekort van 21%).
  • Centralisatie: De tekst illustreert de macht van de Nederlandsche Visscherij Centrale, het orgaan dat onder toezicht van de bezetter de visserijsector strak reguleerde.
  • Logistieke Beperking: Er is een gebrek aan betrouwbare alternatieven. Puul Mooyer wordt als integer ("bona fide") beschouwd, maar hij kan niet fysiek aanwezig zijn op zowel de noordelijke als de zuidelijke visafslagen, wat essentieel werd geacht voor kwaliteitscontrole en inkoop. De tekst stamt uit de oorlogsjaren (1942-1943). In deze periode was er sprake van een toenemende schaarste en een streng distributiesysteem. De overheid (via het Marktwezen) probeerde de voedselstroom naar de steden veilig te stellen. "Ongeoorloofde manipulaties" verwezen in deze context vaak naar handel op de zwarte markt of het achterhouden van voorraden. De vermelding van "Volendammers" in combinatie met Amsterdamse handelaren duidt op de historische banden tussen de vissersdorpen aan de Zuiderzee en de hoofdstad. Het document eindigt midden in een zin, wat suggereert dat dit een eerste pagina is van een langer rapport of voorstel aan het gemeentebestuur.

Samenvatting

Dit document legt een logistiek en ethisch probleem bloot binnen de voedselvoorziening van Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog. De kernpunten zijn:

  • Fraude/Onregelmatigheden: Grossier C. Rooseman is gestraft voor "ongeoorloofde manipulaties", wat leidde tot een halvering van zijn toegewezen visquotum in Zeeland.
  • Impact op Amsterdam: Omdat Rooseman de primaire leverancier voor de stad was, had zijn persoonlijke straf directe gevolgen voor de visvoorraad van de Amsterdamse bevolking (een tekort van 21%).
  • Centralisatie: De tekst illustreert de macht van de Nederlandsche Visscherij Centrale, het orgaan dat onder toezicht van de bezetter de visserijsector strak reguleerde.
  • Logistieke Beperking: Er is een gebrek aan betrouwbare alternatieven. Puul Mooyer wordt als integer ("bona fide") beschouwd, maar hij kan niet fysiek aanwezig zijn op zowel de noordelijke als de zuidelijke visafslagen, wat essentieel werd geacht voor kwaliteitscontrole en inkoop.

Historische Context

De tekst stamt uit de oorlogsjaren (1942-1943). In deze periode was er sprake van een toenemende schaarste en een streng distributiesysteem. De overheid (via het Marktwezen) probeerde de voedselstroom naar de steden veilig te stellen. "Ongeoorloofde manipulaties" verwezen in deze context vaak naar handel op de zwarte markt of het achterhouden van voorraden. De vermelding van "Volendammers" in combinatie met Amsterdamse handelaren duidt op de historische banden tussen de vissersdorpen aan de Zuiderzee en de hoofdstad. Het document eindigt midden in een zin, wat suggereert dat dit een eerste pagina is van een langer rapport of voorstel aan het gemeentebestuur.

Gerelateerde Documenten 3