Archief 745
Inventaris 745-416
Pagina 358
Dossier 2C
Jaar 1943
Stadsarchief

Tuchtbeschikking (strafblad/vonnis met betrekking tot economische overtredingen).

30 augustus 1943. Dossier: 408874

Origineel

Tuchtbeschikking (strafblad/vonnis met betrekking tot economische overtredingen). 30 augustus 1943. HEEFT GOEDGEVONDEN:

den verdachte te veroordeelen tot betaling van een geldboete van:
f. 100.- (eenhonderd gulden)
den verdachte te veroordeelen in de kosten ten beloope van f 150.- , overeenkomstig de bepalingen van het „Tarief voor Tuchtstrafproceskosten” van 23 Januari 1942;
In totaal derhalve f 250.-
verbeurd te verklaren de bij proces-verbaal van den [niet ingevuld] 194 inbeslaggenomen goederen;

te bepalen, dat deze tuchtbeschikking uitvoerbaar is bij lijfsdwang;

te bepalen, dat De sluiting van het bedrijf van verdachte en stillegging van de bedrijfsmiddelen te bevelen voor den tijd van twee jaren ingaande op 3 October 1943, na uitreiking dezer strafbeschikking, en het Hoofd der Politie der gemeente Amsterdam op te dragen om de sluiting voor een ieder kenbaar te maken door aanplakking van dezen maatregel op een in het oog vallende plaats bij den toegang van het perceel, waarin verdachte zijn bedrijf uitoefent, alsmede om nauwgezet te waken tegen en de opsporing te bevorderen van de overtredingen, genoemd in art.10 v/h. Prijsbeheerschingsbesl.
den verdachte te verbieden om gedurende twee jaren handel te drijven in groenten, fruit en alle verdere levensmiddelen en op dit gebied werkzaam te zijn, in welken vorm ook.
De openbaarmaking van de Amsterdam, den strafbeschikking te 194- gelasten door publicatie van een uittrekel daarvan in de daarvoor aangewezen bladen

Amsterdam, den 30 AUG. 1943 194
Voor eensluidend afschrift:
[Handtekening]
De Inspecteur voornoemd,
w.g. Mr. H.J.F. Koning

BETALING van de opgelegde boete plus de verschuldigde kosten moet geschieden binnen acht dagen na de uitreiking der tuchtbeschikking uitsluitend door storting of overschrijving op postrekening No. 408874 van de Inspectie voor de Prijsbeheersing te Amsterdam, onder vermelding van nummers en letters van dit gerechtelijk schrijven. Bij gebreke hiervan volgt tenuitvoerlegging der tuchtbeschikking.

BEROEP tegen tuchtbeschikkingen is mogelijk :
a. indien is opgelegd een geldboete van meer dan f 500.—, al of niet met een bijkomende straf;
b. indien is opgelegd een geldboete van f 500.— of minder, mits daarbij een bijkomende straf is opgelegd, uitgezonderd de bijkomende straf van openbaarmaking.

De verplichting tot betaling van tuchtstrafproceskosten is geen bijkomende straf.

Beroep moet binnen veertien dagen na de uitreiking der tuchtbeschikking worden ingesteld bij een door den veroordeelde onderteekend beroepschrift, hetwelk moet worden ingediend bij den Gemachtigde voor de Prijzen te Deventer of bij den Inspecteur voor de Prijsbeheersing, door wien de beschikking in eersten aanleg genomen werd.

N.B. Een in te stellen beroep schort de tenuitvoerlegging der tuchtbeschikking niet op. Dit document is een officiële uitspraak van de Inspectie voor de Prijsbeheersing tijdens de Tweede Wereldoorlog. De verdachte wordt veroordeeld voor overtreding van het Prijsbeheerschingsbesluit (waarschijnlijk artikel 10).

De strafmaat is aanzienlijk:
1. Financieel: Een boete van 100 gulden plus 150 gulden proceskosten. Ter vergelijking: het gemiddelde weekloon in 1943 lag rond de 30-40 gulden.
2. Bedrijfssluiting: Het bedrijf moet voor twee jaar de deuren sluiten, waarbij de politie een plakkaat op de gevel moet aanbrengen om dit wereldkundig te maken.
3. Beroepsverbod: De verdachte mag gedurende twee jaar geen handel drijven in levensmiddelen (groenten en fruit).
4. Publieke schande: De straf wordt gepubliceerd in kranten/bladen.

Opvallend is de bepaling van "lijfsdwang" (gijzeling/gevangenisstraf indien de boete niet betaald wordt) en de vermelding dat een eventueel beroep de straf niet opschort. Dit wijst op het repressieve karakter van de economische rechtspraak in deze periode. Tijdens de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945) was er sprake van grote schaarste en distributie van goederen. Om inflatie en de zwarte markt tegen te gaan, stelde de bezetter de "Inspectie voor de Prijsbeheersing" in. Deze instantie controleerde of winkeliers en handelaren zich hielden aan de vastgestelde maximumprijzen.

Overtredingen werden vaak niet via de reguliere strafrechter, maar via "tuchtrecht" afgedaan. Dit maakte een snelle en harde aanpak van de zwarte handel mogelijk. De straffen, zoals de tweejarige sluiting van een zaak, waren bedoeld als afschrikking voor anderen. Hoewel het systeem formeel bedoeld was om de consument te beschermen tegen woekerprijzen, werd het ook ingezet als instrument van de bezettingsmacht om de economie volledig te controleren. H.J.F. Koning N.B. Een Gemeente Amsterdam Politie

Samenvatting

Dit document is een officiële uitspraak van de Inspectie voor de Prijsbeheersing tijdens de Tweede Wereldoorlog. De verdachte wordt veroordeeld voor overtreding van het Prijsbeheerschingsbesluit (waarschijnlijk artikel 10).

De strafmaat is aanzienlijk:
1. Financieel: Een boete van 100 gulden plus 150 gulden proceskosten. Ter vergelijking: het gemiddelde weekloon in 1943 lag rond de 30-40 gulden.
2. Bedrijfssluiting: Het bedrijf moet voor twee jaar de deuren sluiten, waarbij de politie een plakkaat op de gevel moet aanbrengen om dit wereldkundig te maken.
3. Beroepsverbod: De verdachte mag gedurende twee jaar geen handel drijven in levensmiddelen (groenten en fruit).
4. Publieke schande: De straf wordt gepubliceerd in kranten/bladen.

Opvallend is de bepaling van "lijfsdwang" (gijzeling/gevangenisstraf indien de boete niet betaald wordt) en de vermelding dat een eventueel beroep de straf niet opschort. Dit wijst op het repressieve karakter van de economische rechtspraak in deze periode.

Historische Context

Tijdens de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945) was er sprake van grote schaarste en distributie van goederen. Om inflatie en de zwarte markt tegen te gaan, stelde de bezetter de "Inspectie voor de Prijsbeheersing" in. Deze instantie controleerde of winkeliers en handelaren zich hielden aan de vastgestelde maximumprijzen.

Overtredingen werden vaak niet via de reguliere strafrechter, maar via "tuchtrecht" afgedaan. Dit maakte een snelle en harde aanpak van de zwarte handel mogelijk. De straffen, zoals de tweejarige sluiting van een zaak, waren bedoeld als afschrikking voor anderen. Hoewel het systeem formeel bedoeld was om de consument te beschermen tegen woekerprijzen, werd het ook ingezet als instrument van de bezettingsmacht om de economie volledig te controleren.

Genoemde Personen 2

H.J.F. Koning N.B. Een

Locaties

Amsterdam Nederland.

Producten

A.G.F. (Fruit): Fruit A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Dieren: Hond Kruidenier (Droog): Meel Textiel & Kleding: Kleding Textiel & Kleding: Textiel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Paling Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Gemeente Amsterdam Politie

Gerelateerde Documenten 6